Brazilië – Favela en Abadiania

Brazilië – Favela en Abadiania

Leven of zijn is niets anders dan onszelf ontdoen van al die ´jassen´die we hebben aangetrokken om onze kwetsbare illusie van een eigen identiteit te beschermen, zodat ons oorspronkelijk gezicht, de zuivere diamant, in haar naakte vorm de wereld in kan schijnen.

1 januari: Rio de Janeiro

Het is zomer in Brazilië en vakantietijd. Het is de warmste periode van het jaar en tegen de avond nog steeds 30 graden. We verblijven in Copacabana met haar wuivende palmbomen en de verkwikkende smaak van Coca Verde (spreek uit: Verdjie – Spaans Berde!) Nee we verstaan geen moer van het Portugees, het lijkt zelfs niet op Spaans! Het water van de zee is bijna warm.
Wat een rust in deze miljoenenstad. Niemand schijnt haast te hebben. We verplaatsen ons met de bus en de metro en staan toch nog vrij onverwacht op de top – aan de voeten van Cristo Redempto tussen een enorme mensenmenigte en het is…. volkomen stil in mij.

Favela

Met Marcelo bezoeken we de grootste Favela van Rio. Alle waarschuwingen vooraf kwamen van horen zeggen en zijn niet doorleefd. De Favela is één grote familie. En natuurlijk zijn er sociale problemen die niet zomaar op te lossen zijn. En die problemen hebben uiteraard met drugs te maken. Maar zolang de politie geen inval doet is het doorgaans heel relaxt in de Favela en ik voel me veilig…

Ouro Preto

Met de nachtbus naar Ouro Preto (het zwarte goud). We logeren in een eenvoudige pousada. Oorspronkelijke ONT-moetingen zonder woorden. Wat een fraai stadje!

Abadiania

Plotseling bevinden we ons 1500 kilometer vanaf Rio – in de buurt van Brasilia – in een klein plaatsje met de naam Abadiania (afgeleid van Abdij!). Geen straatkinderen dus, maar een goddelijke plek om helemaal in te dalen. In de ‘Casa’ laat medium Joao de Deus (Johannes) zonder enige pretentie al 53 jaar lang de wereld versteld staan door 100en mensen te genezen die door de medische wetenschap zijn opgegeven. Ik luister naar een vrouw van 77. Ze ziet eruit als 50. Ze kwam hier volkomen kreupel. Ze loopt sindsdien al weer bijna 20 jaar als een hinde en straalt de levendigheid uit van een KIND.

We willen niet onder de mensen zijn en huren een simpel onderkomen. We trekken ons daar terug in een mantel van stilte. Kamperen onder het afdak, mijmeren in de hangmat en nuttigen eenvoudig zelf bereid en vers voedsel. Af en toe krijgen we Portugese les van Daniel. En waarachtig we beginnen het te herkennen!

De 1e dag dat Joao op de Casa is worden we verwelkomt door een schitterende regenboog. Wat een mooie symboliek! We genieten van het Casa-gebeuren, de ongerepte weidsheid van de natuur met haar gigantische luchten en mooie zonsondergangen. De sfeer is opgewonden en ontspannen. Niets hoeft hier, alles mag. Ik ben hier omdat ik hier moet ZIJN. Ik heb niets nodig – kom niets halen en geniet van alles wat me toevalt.

Waterval

De waterval is een heilige plek. Je mag er niet heen zonder uitdrukkelijke uitnodiging. Ik laat los. Na een week komt er een engel op ons pad. Ze introduceert ons in het geheime ritueel van de waterval. Vanaf NU wandelen we elke morgen door het paradijs met haar ongerepte natuur, haar exotische bloemen en haar vogels van allerlei pluimage. We ondergaan het sacrale ritueel onder de waterval. Ik open mijn ogen en zie een gigant van een vlinder in een turkoois kleed. Mijn hart barst open – hier kan ik eeuwig blijven…

En dan word ik wakker en weet ik dat het tijd wordt om verder te gaan. Er is geen ruimte meer voor gehechtheden. God is immers overal. We zijn klaar hier. We beginnen ons voor te bereiden op de Amazone en boeken een vlucht voor komende week naar Belém…

Note: `Heb elkander LIEF` is de slogan van Johannes

Er is onvoorwaardelijke liefde op deze plek waar iedereen welkom is. In stilte of in beweging. Achter de ogenschijnlijke chaos gaat een wereld van rust en harmonie verborgen. De `gedachte´ Mexicaanse griep heeft hier geen post gevat. Er is geen ruimte voor! Als onze medische wetenschappers Joao zouden zien opereren, met blote handen, ongesteriliseerd keukengereedschap en zonder narcose (niet nodig – gebeurt gewoon) zouden ze hem ongetwijfeld opnieuw aan het kruis spijkeren. Hier in Brazilië zijn de mensen echter nog vertrouwd met de magie van het wonder – de kracht van het ongeziene. Joao pretendeert niets en is slechts een instrument die in alle eenvoud zijn werk doet. Noem het overgave! Hij wordt omringd door een kring van engelen die heling (is meer dan genezing – en is lang niet altijd lichamelijk) vonden op deze plek. Zij begeleiden het proces, bewaken de energie en maken het mogelijk dat hij zijn werk kan blijven doen…

Om Shanti – Tchau
Yasmin

Ps. We lopen in het donker terug naar ons stulpje. Er zitten 2 uiltjes op de weg. Onbeweeglijk kijken ze ons aan…

Er was eens

Er was eens

‘In ons All-een zijn beginnen we ons te herinneren wie we zijn…’

Ergens ver hier vandaan werd een klein meisje geboren. Haar afdaling in de stof was een traumatische ervaring. Ze herinnerde zich nog al te goed de tijd dat ze vleugels had en kon vliegen. Ze herinnerde zich de ruimte waar nergens weerstand was – waar ze mocht zijn die ze was. Nu werd ze meer en meer een idee. Een idee waar ze aan moest voldoen om liefde en aandacht te krijgen. Een idee waar ze aan moest voldoen om ergens bij te horen: de groep, de religie, de cultuur, de nationaliteit. Ze had vaak het gevoel dat ze een vreemdeling was op planeet aarde – dat ze anders was dan anderen. Ze trok zich terug in de wereld van de kabouters en de elfjes en droomde haar eigen wereld. En ‘s nachts wanneer ze sliep trad ze uit haar lijf en maakte ze weer deel uit van de echte wereld. En ze wist dat het goed was…

Ze groeide op en langzaam maar zeker begon haar herinnering aan het land van de overkant te vervagen. Ze bedekte haar oorspronkelijke Zijn met jasje na jasje en steeds meer werd het leven op planeet aarde een realiteit. Ze vergat meer en meer wie ze werkelijk was en deed haar best om een aangepast en aardig lid van de stam te zijn. Het leven spaarde haar op geen enkele manier. Angst om niet bij de groep te horen weerhield haar aanvankelijk haar eigen pad te bewandelen. Ergens diep vanbinnen was er altijd een gevoel van eenzaamheid, een soort hunkering, een diep schrijnend verlangen naar het land aan de overkant…

Op het moment dat ze volledig onderuit ging, begonnen de sluiers tussen haar zelfgecreëerde werkelijkheid en het land van de overkant te vervagen. Haar grootste angst werd bewaarheid: ze plaatse zichzelf buiten de code van haar stam en raakte zichzelf volledig kwijt om uiteindelijk zichZELF terug te vinden. Ze begon twee werelden te verbinden en langzaam maar zeker kwam er vreugde in haar leven. Ze raakte minder gehecht aan het lijden. Ze begon de vorm te doorzien en de dingen te omarmen die op haar pad kwamen. Ze begon te begrijpen dat het leven hier op aarde haar vorm krijgt door de ‘schijnbare’ wet van de tegenstellingen. Ze ontdekte dat die tegenstellingen in werkelijkheid niet bestaan – dat tegenstellingen in wezen één zijn. En ze begreep dat haar vrije wil haar toestond om het leven te verwelkomen of te bevechten…

Naarmate ze zichzelf meer overgaf aan de eeuwige stroom die Liefde heet, begon het leven haar toe te lachen. En zie, toen ze ophield met zoeken, ontmoette ze haar prins. Hij had dan wel geen wit paard – maar hij was haar zeer toegewijd. Zij brachten de god en de godin in elkaar tot leven en Liefde werd hun inwijdingsweg. En hoewel ze inmiddels wist dat ze haar leven zelf moest vormgeven en zich voor haar geluk niet meer zo afhankelijk voelde van anderen, was het een feest om samen te zijn – samen te delen – en samen te werken. En natuurlijk waren er ook minder prettige kanten, maar die horen nu eenmaal bij het leven in de stof…

En hoewel alle sprookjes eindigen met ‘zij leefden nog lang en gelukkig’ voelde ze dat de tijd aanbrak om afscheid te nemen van haar sprookjesprins. Liefde is nu eenmaal Liefde en wenst niet te bezitten. Zij hadden elkaar alles gegeven wat zij elkaar konden geven maar het leven is ondoorgrondelijk geheimzinnig. De prins leefde met een groot geheim wat niemand in de buitenwereld kon weten en het leven achter de schermen werd een steeds grotere kwelling voor hem. Na een diagnose begon hij te accepteren dat hij het leven in de stroomversnelling niet langer aankon. En toen de vrucht rijp was om van de boom te vallen, kwam het besluit om te scheiden als een bliksemschicht uit de hemel vallen. Maar zij wist onmiddellijk dat het onherroepelijk was, geen twijfel mogelijk. En toen hij van de eerste schrik bekomen was zei hij recht vanuit zijn hart: ‘dan ga ik het klooster in’.
En er waren mensen die zeiden: ‘Ach jongen dat moet je niet doen. Dat is een stap terug in jouw ontwikkeling’. En zij ontkenden niet alleen zijn zijn maar ook hun eigen pijn. En anderen vonden dat het meisje nu groot genoeg was om voor haar prins te blijven zorgen. Dat was niet meer als haar plicht en dat had ze immers al zolang gedaan! En het meisje wist dat het projecties waren die voortkwamen uit angst. En ondanks haar verdriet voelde zij dat Liefde haar dit besluit liet nemen en dat het goed was…

En zie het is nu vele maanden later. De prins en de prinses hebben hun aardse relatie liefdevol rond gemaakt. En tot haar verwondering kreeg ze plotseling een ongekende hoeveelheid energie tot haar beschikking. En ondanks de verantwoordelijkheid die nu alleen op haar schouders rustte, wist ze diep van binnen dat dit –voor dit moment- de juiste beslissing was.
Als alle ideeën hoe liefde eruit moet zien zijn weggevallen, blijft alleen de Liefde. Datgene wat zich waarachtig verbonden heeft, is eeuwig en onverbrekelijk. We zijn op aarde om te leren onze zelfgecreëerde grenzen te verbreden. De hemel is immers geen plaats die we kunnen verdienen, de hemel is een staat van zijn, een staat van goddelijke perfectie. En dat is wat wij in wezen zijn. In ons ALL-een zijn beginnen we ons te herinneren wie we zijn. Haar prins begint zijn eigen licht te ontdekken. Hij voelt zich dankbaar dat zij de beslissing heeft genomen die hij niet kon nemen. In de beschutting van het klooster, binnen een veilige structuur, waar de aandacht wegvalt van het persoonlijke, ontstaat er ruimte om zijn eigen licht te laten schijnen. En dat is wat het is voor dit moment. Want dat heeft hij inmiddels wel geleerd met haar: er is alleen maar dit moment. Je neemt geen beslissing voor de rest van je leven, je neemt een beslissing voor nu…

En hoe is het nu met haar? Hoeveel veiliger zou het geweest zijn om samen te blijven – om voor elkaar te zorgen en een oude droom te verwezenlijken om samen oud te worden. Hoe onzeker staat ze in het leven met geen enkele zekerheid dan dat wat is – het eeuwige nu. De angsten die ze voelde voor ze een beslissing kon nemen, waren louter fantasieën. Ze vielen weg toen ze werkelijk ALL-een was. Al is haar leven niet altijd gemakkelijk, het leven is een cadeau wat ze uit wil pakken. Op dit moment is het haar uitdaging om alles wat anderen deden zoveel mogelijk zelf te doen, zelf te ervaren. Dus ze ‘creëert’ van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat. En alles waarvan ze dacht dat ze het niet zou kunnen, doet ze gewoon. En ze moppert allang niet meer, maar doet datgene wat ze te doen heeft met aandacht en met liefde. Want aandacht en liefde transformeren immers alles wat er door onze handen gaat, wat er door ons lijf gaat, wat door onze gedachten heen gaat, tot een andere, hogere dimensie. Wij zijn immers de scheppers van dit universum! Dus uiteindelijk gaat het er niet om wat ze doet maar hoe ze het doet…

Angst houdt oude dingen, oude relaties in stand. Hoeveel mensen blijven er niet bij elkaar omdat ze bang zijn om alleen te zijn, bang om geconfronteerd te worden met hun eigen leegte? Hoeveel mensen gaan er niet uit elkaar omdat ze bang zijn zichzelf en de ander werkelijk te ontmoeten? Angst houdt ons klein en staat onze ontwikkeling in de weg. Op het moment dat de prinses haar controle losliet kon ze haar voertuig niet meer zelf besturen. Ze kon het leven niet langer manipuleren. Het leven geeft en het leven neemt. Wat dat betreft maakt ze meer en meer weer deel uit van de natuur: de wet van de eeuwige verandering. Hoezeer we het ook wensen, niets blijft ook maar even hetzelfde. Op het moment dat we iets vast willen houden, halen we de stroom uit het leven en de liefde uit onze relaties…

In de tijd dat haar prins zijn traject naar het klooster loopt, maken ze af en toe weer een afspraakje. Romantisch, net als vroeger. Ze genieten van elkaar zonder iets te verlangen: gewoon samenzijn in Liefde. En als ze naar huis gaat is er geen gemis maar een diep gevoel van dankbaarheid. Dankbaarheid dat haar prins nu kan doen wat hij diep vanbinnen al die tijd heeft geweten. Dankbaar dat haar prins zichzelf teruggeeft aan zichZelf en op weg is om een wijze koning te worden. Dankbaar dat zij zich haar taak begint te herinneren en haar oorspronkelijke plaats durft in te nemen in het scheppingsplan, zodat haar verworvenheden en haar wijsheid door kunnen stromen naar de harten van velen. Dankbaar voor de ruimte die ze zichzelf geeft om nieuwe werelden te ontdekken, nieuwe uitdagingen aan te gaan, nieuwe mensen te ontmoeten…

Als het ‘werk’ wat ze doet in deze vorm doorgang moet vinden, dan zal het universum haar alle ondersteuning geven die zij nodig heeft. En zo niet dat zal de vorm verdwijnen en zullen er nieuwe vormen verschijnen. Niets is immers absoluut in de wereld van de vormen. Alles is slecht een idee.

Met een nieuw verworven respect voor haar zelf plaveit ze haar weg, gaat ze confrontaties aan, exploreert ze haar innerlijke tuin en ruimt ze al datgene op wat uitbreiding van het veld van ongekende mogelijkheden in de weg staat: de uiterlijke schijn van veiligheid. En vanuit de Bron van het niet-weten komen er prachtige nieuwe bloemen tevoorschijn. Haar omgeving verandert – ja zelfs haar uiterlijk verandert. De buitenwereld is immers slechts een reflectie van haar binnenwereld…

Ook al hebben we lange tijd niets van hen vernomen, volgens horen zeggen leven zij nog lang en gelukkig…

Yasmin

De schoonheid van het verval

De schoonheid van het verval

In de dood wordt ons alles afgenomen wat we niet zijn…

Een vroegtijdige dood

Wat gaat er gebeuren nu de aarde zich langzaam maar zeker opwarmt en we in de maand december het weer hebben wat meer bij de lente lijkt te horen dan bij de herfst? Bezorgde vragen van overbezorgde mensen. Zijn we waarachtig bezorgd over moeder natuur of zijn we bezorgd over ons eigen welbevinden? Zien we het lijk al drijven en vrezen we dat ons kleine landje, dus uiteindelijk wijzelf, onder water zal verdwijnen? Maken we ons bezorgd dat we een voortijdige dood zullen sterven? Ik vermoed het laatste.

Het is in die zin niet veel anders dan na de ramp van 11 september. Lieten we ons voorheen nauwelijks beroeren door alle rampen die de wereld teisterden, op dat moment leek het plaats te vinden in onze eigen – westerse – achtertuin en dat maakte ineens een wereld van verschil!

Goddelijk volmaakt

De schepping is goddelijk volmaakt. De schepping ontstaat en vergaat voortdurend uit die Ene kracht die we God of Liefde noemen. En hoe zou iets in godsnaam onvolmaakt kunnen zijn wat voortkomt uit volmaaktheid?
Er is iets wezenlijks misgegaan met ons vertrouwen. Een kind maakt zich niet druk om datgene wat er in de toekomst gaat gebeuren. Een kind is volledig aanwezig in het hier en nu. Evenals dieren trouwens. Zij zijn goddelijk perfect en volmaakt aanwezig in alles wat ze zijn en in alles wat ze doen. Ik zag laatst een dvd over het leven van pinguïns aan de zuidpool en ik moet zeggen het raakte me tot diep in mijn ziel. In de ogen van ons mensen lijkt hun leven één groot gevecht met de getijden en onmenselijk zwaar. Het is ieder keer opnieuw een ware overlevingstocht wanneer ze tegen de winter de zee verlaten en kilometers over het ijs trekken in een barre vrieskou tot aan 40 graden onder nul. Hoe ontroerend en liefdevol is het moment waarop de paarvorming en het paren plaatsvindt. De vrouwtjes die overtallig zijn worden zonder spoortje medelijden door de groep op hun plaats gewezen.

Hun zelfopofferende zorg voor het ei en later voor het kind – zonder iets terug te verlangen – is iets waar wij ons nauwelijks een beeld bij kunnen vormen. Adembenemend is het moment dat de moeilijke overdracht van het ei plaatsvindt naar de mannetjes zodat de vrouwtjes in konvooi naar zee kunnen trekken – een barre tocht – om voedsel in te slaan voor henzelf en het komende kind. Als ze na weken terugkeren, zijn de kinderen net uit het ei. De koppels herkennen elkaar aan het geluid. Na een liefdevolle hereniging worden de kinderen zonder morren achtergelaten onder de hoede van de moeders en dit keer zijn het de vaders die dezelfde gevaarlijke tocht ondernemen om zich na maanden te gaan voeden. Wanneer de mannetjes uiteindelijk terugkeren zijn niet alle kinderen meer in leven. Uiteindelijk laten de ouders hun kinderen achter en trekken zij opnieuw naar zee. Het jaar daarop maken de kinderen zelfstandig diezelfde tocht. Zij kennen de weg – ze weten instinctief waarheen ze moeten gaan.
Het is adembenemend en ongelofelijk ontroerend. De zorg voor elkaar – de tederheid en de ogenschijnlijke hardheid wanneer een vrouwtje wier kind is omgekomen na haar rouwproces probeert een kind te ontfutselen aan een andere moeder. De groep staat dit niet toe. Hard, liefdevol en duidelijk. Zo ziet hun leven eruit. Er is geen denken en dus geen plaats voor twijfel. Er zijn geen oordelen. Ze blijven nergens in hangen omdat ze nergens aan gehecht zijn. Noem het leven in vertrouwen. Het leven ontvouwt zich naar gelang de omstandigheden. Omdat er geen gedachten zijn wenst niemand dat het anders is als dat het is. Iedere pinguïn omarmt het leven en doet instinctief wat hij/zij heeft te doen. Dieren mopperen niet – kinderen mopperen niet. Zij twijfelen ook niet. Zij leven het leven – bladzijde voor bladzijde. Er bestaat in hun beleving geen goed en geen kwaad.

Goed en kwaad

En dat is absoluut waarheid, goed en kwaad zijn slechts een gevolg van dualistische denken. In gedachten hebben wij oordelen en af-gescheidenheid gecreëerd door twijfel te zaaien en angsten te initiëren. Door een afscheiding teweeg te brengen tussen leven en dood, tussen liefde en haat, tussen licht en donker. Maar uiteindelijk zullen we ontdekken dat er geen afscheiding is tussen leven-dood, tussen licht-donker, en tussen liefde-haat. Uiteindelijk zijn het gewoon twee verschijningsvormen van een en dezelfde scheppingskracht. Twee ogenschijnlijke tegenpolen om ons in staat te stellen het Licht te zien en de Liefde te beleven. Om uiteindelijk het midden te vinden tussen beide polen en weer terug te keren naar die staat van Eenheid die we eens verlieten om de wonderbaarlijke reis aan te vangen in de materie – de reis van de Ziel – en onszelf weer terug te voeren naar de staat van Eenheid die we eens verlieten. Dit keer in vol bewustzijn.

Niets mis

Er is niets mis met de natuur. De natuur ‘natuurt’ gewoon en denkt daar niet over na. Zij belegt geen vergaderingen en heeft geen punten op haar agenda staan die besproken moeten worden. Alles heeft haar nut en voedt alles, de stronk van de afgezaagde boom geeft nieuw leven aan talloze paddenstoelen. De natuur volgt de eeuwige stroom die leven heet en past zich feilloos aan bij veranderde omstandigheden. Het zijn uitsluitend onze denkbeelden die niet langer kloppen. Wat klopt er niet? Onze statistieken kloppen niet langer. Er vindt een verschuiving plaats in alles. Is dat niet altijd zo geweest? Is de schepping niet een flexibele, eeuwige bewegende manifestatie? Heeft de aarde zich niet altijd liefdevol aangepast aan de uitbuiting van ons mensen en zich ontdaan van datgene wat haar bedreigde door middel van vulkaanuitbarstingen, natuurrampen en overstromingen? Zijn Atlantis en Lemuria ook niet op die manier onder water verdwenen?

Het is waar dat het allemaal vele malen ernstiger lijkt dan voorheen. Dat zou wel eens te maken kunnen hebben met het feit dat er zoveel meer mensen de aarde bevolken en dat we in tegenstelling met voorheen door middel van de media zo goed menen te weten wat er overal ter wereld ‘schijnt’ te gebeuren. Hoe dan ook, mochten we uiteindelijk met zijn allen onder water verdwijnen dan is dat geen ramp en zullen we ook dat weer ‘overleven’. We kunnen de feiten met alle angst in ons niet keren. Integendeel, het hoeft zelfs niet gekeerd te worden. Datgene wat we immers verliezen is niet datgene wat we werkelijk zijn en datgene wat we niet zijn zullen we vroeg of laat toch achter ons moeten laten.

Middeleeuwen

In de middeleeuwen werden er hele volksstammen uitgeroeid door de pest en andere afschuwelijke ziekten en dat zag er allerminst fraai uit. Degenen die overleefden kregen de kolder in hun kop en zochten een vijand om te verslaan en dat waren dan bijvoorbeeld de Joden. Die werden dan zwaar gemarteld tot ze bekenden dat zij degene waren geweest die de pest geïnitieerd hadden. En zo zoeken wij dualistisch mensen altijd en eeuwig een vijand om te bevechten en te verslaan tot het moment dat we ons herinneren wie we zijn en uit het wiel van de dualiteit stappen.

Tot dat moment laten we ons imponeren door politieke en spirituele leiders die net als voorheen uit zijn op macht en er plezier aan schijnen te beleven om het gepeupel klein, afhankelijk en vooral angstig te houden – dan gaan ze zeker niet zelfstandig denken. In die zin blijft de essentie hetzelfde als altijd, alleen de omstandigheden – de ‘vijanden’ – veranderen.

We proberen op alle mogelijke manieren denkbeeldige vijanden te creëren zodat we ze kunnen bevechten. En naarmate we menen dat we het kwaad verslaan lijkt het aan alle kanten op te duiken – en zelfs heftiger dan voorheen. Moeten we dan maar stoppen met het kwaad te bestrijden? Met bestrijden jazeker, daar mogen we naar mijn mening absoluut mee stoppen. Laten we ermee gaan samensmelten. Laten we er één mee worden…

Mysterie

Het leven is een mysterie. Probeer het niet te ontrafelen. Blijf bij de vraag zonder een antwoord te verlangen. Blijf kritisch en onderzoekend. De onbewuste mens is zich niet bewust van de samenhang der dingen. Hij is vergeten dat hij in essentie een goddelijk wezen is en deel uitmaakt van de natuur. Al met al hebben we ons losgemaakt van die natuur. We hebben haar gebruikt en misbruikt op alle mogelijke en onmogelijke manieren. Daar hoeven we onszelf geen medaille voor te geven, we hoeven ook niet naar anderen te wijzen, we hebben daar allen ons aandeel in geleverd. Het is te simpel om fabrikanten te beschuldigen, zij zouden niet produceren als wij niet consumeerden. Het is te simpel om het kapitaal te beschuldigen, ook het gepeupel wendt zich maar al te graag rond in de luxe voortgebracht door ditzelfde kapitaal. Hoe dan ook, het heeft geen zin om onszelf of andere te beschuldigen, we waren nog niet bewust. Op het moment dat we ontwaken, gaan we onszelf realiseren wie we zijn en wat we deden. Het is de kunst om niet naar anderen te wijzen maar meedogenloos eerlijk naar onszelf te kijken en ons toch vooral niet rond te wentelen in schuldgevoel. Dat laatste is een dodelijke emotie waarmee kerken en politiek ons eeuwenlang hebben klein gehouden. Het werkt alleen maar averechts.
Op het moment dat we ontwaken, verbinden we ons automatisch met ons ware natuur. Zodra we onze afkomst gaan beseffen beginnen we onszelf te respecteren. Een automatisch gevolg is dat we anderen gaan respecteren en dat houdt niet op bij onze familie en onze buren. We zijn bereid ogenschijnlijke uiterlijke verschillen te overbruggen door naar elkaar te luisteren – niet vanuit onze wilskracht of ons denken – maar vanuit een open en meedogend hart. We beginnen weer zorg te dragen voor de natuur, dat wordt weer heel natuurlijk.

Overtuigingen

Wanneer onze leegte is ingevuld stoppen we met onze begeerten na te jagen. We doen wat we te doen hebben en we denken niet langer in goed en slecht. Roken op zich is niet slecht. De overtuiging dat we longkanker krijgen van roken betekent ongetwijfeld dat we longkanker zullen krijgen wanneer we roken. Chocola was voorheen zeer slecht – nu ‘schijnt’ het goed te zijn om elke dag chocola te eten. Het is maar wat je wenst te geloven! Zo simpel is het.
Wanneer iemand bedenkt dat het beter is om kinderen op scholen en dergelijke niet langer te knuffelen dan maken we ons wijs dat dit terecht is. Na een poosje gaan we werkelijk geloven dat het waar is. Zoals we tot nu toe alles hebben geloofd wat anderen ons wijs maakten zonder de moeite te nemen om dit te onderzoeken. Een bewust mens volgt niet de publieke opinie en neemt nooit klakkeloos iets aan van anderen. Een bewust mens is rebels, kritisch en onderzoekend en geloof niet langer wat hem wordt voorgekauwd maar onderzoekt eigenwijs alles op zijn eigen waarheid.
Een bewust mens hecht minder belang aan woorden en geeft meer aandacht aan de stilte ertussen. Een bewust mens luistert meer naar zijn intuïtie. Woorden kunnen nooit de waarheid weergeven. Zij schieten bij voorbaat te kort omdat ze altijd ingehaald worden door het verleden. De beelden die we in ons dragen zijn altijd oud en altijd achterhaald. Door te reageren op dat wat oud is zijn we altijd te laat. En God is altijd nieuw en altijd op tijd.

Wetten

Er zijn wetten voor mensen die nog niet in staat zijn om zelfstandig te denken en te functioneren. Je moet een kind niet in het water gooien als hij niet kan zwemmen. Kortom je geeft hem zwembandjes. Wereldse wetten zijn hulpmiddelen voor onbewuste mensen. Ook bewuste mensen maken daar gebruik van. Het is kortzichtig om bewust een wet te overtreden. Bewuste mensen weten dat het leven hier op aarde een spel is en ze spelen hun rol met verve en zeuren niet over eventuele consequenties. In essentie voelen ze zich slechts verantwoordelijk aan de goddelijke wet, de wet van onvoorwaardelijke liefde. Bewuste mensen kijken liefdevol en welhaast vertedert toe hoe anderen een rommeltje maken in de speeltuin van het leven. Zij proberen dat niet te begrijpen, omdat er nu eenmaal dingen zijn die niet te begrijpen zijn. Zij proberen het niet goed te praten, omdat er nu eenmaal dingen zijn die niet goed te praten zijn. Zij voelen niet langer behoefte om te oordelen, omdat zij vertrouwen op de wijsheid van het universum en weten dat er niemand veroordeelt hoeft te worden.
Rechtspreken kan alleen rechtvaardig zijn wanneer dit geschiedt door bewuste en liefdevolle mensen en dat zijn we helaas veelal nog niet. Eens stonden wij immers zelf aan de andere kant en schiepen we er behagen in om oorlogje te spelen, om te oordelen en te bekritiseren. Als we daar niet langer staan is er ook geen behoefte meer om over anderen te oordelen. Zelfs niet als we in de positie zijn om recht te moeten spreken. Dat hoofdstuk is dan uitgelezen en uitgewerkt.

Op zijn kop

De wereld lijkt op zijn kop te staan. Succes wordt nog steeds afgemeten aan aantallen. Wanneer we dertig mensen waarachtig ontmoeten en aanraken tot in hun ziel is dat niet succesvol voor de statistieken. Wanneer we een lezing geven voor tweehonderd mensen die plichtgetrouw elke derde donderdag van de maand naar de nieuwe kerk gaan, is dat voer voor de grafieken. We blijven hangen in uiterlijkheden. Het is geen sinecure om te accepteren dat de wereld zo in elkaar zit zoals wij haar uitgedacht en gemanipuleerd hebben. Dat succes een bedachte en gekochte formule is – met een zichtbaar resultaat. Dat de meest gelezen boeken niet per definitie de beste boeken hoeven te zijn maar wel de boeken die het beste verkocht kunnen worden omdat er geld achter zit. Dat geldt overigens voor alles. De grootste theeproducent koopt de schappen in de supermarkt en ieder onbewust mens koopt die thee omdat hij denkt dat dit de beste thee is. Wat een leuke grap!
Het verschil tussen onbewuste en bewuste mensen is dat de eerste denkt dat dit leven een realiteit is en de laatste wel beter weet maar het spel gewoon meespeelt. De bewuste mens weet dat het resultaat van liefde op geen enkele manier zichtbaar gemaakt hoeft te worden – liefde doet gewoon wat ze te doen heeft.
Bewuste mensen hebben niet de illusie dat zij de wereld en het denkpatroon van anderen kunnen veranderen. Zij hebben ook niet langer die behoefte. Zij weten dat alles zich voltrekt via de goddelijke wet van volmaaktheid. Je moet het alleen durven te zien en dat betekent doorgaans een andere manier van kijken.

Kleinschaligheid

Misschien denk je dat het onbelangrijk is wat je doet. Je kunt je plaats bevechten en groot proberen te worden onder de ogenschijnlijke groten. En dan ben je een pion van deze maatschappij. Dan moet je elk half jaar een nieuw boek schrijven, een nieuwe cd uitbrengen, een nieuw schilderij schilderen, een nieuw merk thee op de markt brengen of op een andere manier je ellebogen gebruiken om de top te bereiken. Kortom, je rent altijd achter de feiten aan en bent een pion van deze zichtbare illusionaire wereld. En als dat is wat je wenst te zijn, helemaal goed, geniet er vooral van. Als dat niet is wat je wenst doe dan gewoon wat je te doen hebt en wees tevreden met kleinschaligheid.
Uiteindelijk lossen alle uiterlijke vormen zich op in de onzichtbare wereld van het vormloze. Het enige wat blijft is de liefde. En liefde laat geen zichtbare sporen na. En troost je, vele waarachtige leraren waaronder de meester Jezus hebben nooit van die grote gevolgen gehad in de tijd dat ze leefden. Maar een ding is zeker, over een aantal van hen praten we nu nog steeds!
God is altijd nieuw en altijd op tijd…

Namasté,
Yasmin

Van hart tot hart

Van hart tot hart

‘Wie niet in wonderen gelooft is geen realist…’
– Joods gezegde

Bevrijd

Ik open mijn ogen en zie de eerste lichtstralen door de spleetjes van de luxaflex naar binnenvallen. Ik word mij bewust van de energiestroom in mijn lijf. Er is geen pijn vandaag, het Leven stroomt weer door me heen. Ik voel me bevrijd. Heb me opnieuw ontdaan van een illusie die niet bij mij hoorde. Ik word steeds meer meZELF – wat dat dan ook moge zijn…

Het ware Leven

Het ware Leven is niet gebaseerd op concepten zoals veiligheid en betrouwbaarheid. Het ware Leven heeft niets te maken met streven naar verlichting. Dat is de mannelijke weg van overheersing. De weg van goeroes en leermeesters, van priesters en pauzen die ons onder de duim hielden door ons te overtuigen van onze nietigheid. Zij spiegelden ons voor dat wij hen nodig hadden als intermediair om verlichting te bereiken, om onze plaats in de hemel te verdienen.

In deze tijd maken deze machtsstructuren plaats voor nieuwe systemen en methodieken met eenzelfde inhoud: de weg van instant-healing en verlichting via allerlei verlokkende systemen welke ons gouden bergen beloven maar ons van onze uniciteit beroven en inkapselen in een schijn van heiligheid welke niets te maken heeft met waarachtige vrijheid, met het ware Leven.

Het ware Leven biedt geen zekerheid en geeft geen enkel houvast. Het ware leven is een uitdaging, een waarachtig avontuur, het is jezelf overgeven aan de stroom vanuit een diep vertrouwen dat het Leven zelf je al datgene biedt dat goed is voor jouw spirituele ‘ont-wikkeling’. En dat kan wel eens heel anders zijn als jij denkt nodig te hebben en wel eens heel anders als ‘De Secret’ je wil laten geloven.

Het Leven is simpelweg in het leven geroepen om het te ervaren. Soms moet je jezelf compleet weggeven en je eigenheid volledig verliezen door  een bepaald pad te bewandelen of een of andere goeroe te volgen om jezelf uiteindelijk te kunnen vinden. Uitsluitend door ervaring komen we tot inzicht.

Verlichting

Verlichting is naar mijn idee een oud concept wat bij een manier van geloven hoort gebaseerd op afhankelijkheid. Het past gewoon niet bij mij! Het is uitdaging genoeg om Mens te durven zijn.
Een ding is naar mijn idee waarheid. In essentie bestaat er niet zoiets als goed en kwaad. Er bestaat alleen maar ervaring. Het zijn hooguit mijn ideeën over de werkelijkheid waarmee ik mijn eigen werkelijkheid creëer. En in die zin kan ik dus ter plekke besluiten om een andere werkelijkheid te creëren, maar dat gaat een tikkeltje verder als positief denken.

Hoe dan ook, het is ware levenskunst om je niet te laten verleiden door alle illusionaire verlokkingen in de spirituele wereld. Het is ware levenskunst om trouw te blijven aan jezelf, jouw innerlijke getuige en in alle eenvoud jouw unieke weg te bewandelen. Het is eveneens een ware kunst om je niet te laten inpakken door de mening van al die mensen die vinden dat je je kop in het zand steekt als je niet mee wenst te doen met het angstscenario over het einde der tijden. Ten allen tijde zijn er soortgelijke tijden geweest. Ten allen tijde stappen we in een wereld die niet statisch is maar voortdurend zal veranderen als we in de onbegrensde wereld van onsZelf stappen…

Ik rijd naar huis en plotseling breekt het licht door. Ik voel me lichter – ik heb weer wat opgeruimd van mijn ballast. Nou als dat geen waarachtige verlichting is dan weet ik het niet meer…

Voor alle duidelijkheid

Ik heb het niet over methodieken die ons inspireren in onze eigenheid en ons bemoedigen om ons zelf-genezend vermogen te ontvouwen. Er zijn talloze wegen die naar innerlijke vrijheid leiden welke ons op geen enkele manier beperken in onze authenticiteit. Zij zijn niet gebaseerd op angst of afhankelijkheid maar dagen ons uit om in onze eigen kracht te gaan staan.

Om te herkennen wat bij ons past is het belangrijk om te vertrouwen op onze innerlijke wijsheid en niet klakkeloos de groepscode te volgen. Onze spirituele ontwikkeling is een individueel en heilig gebeuren, we kunnen uitsluitend op het juiste moment door de poort stappen en dat doet ieder voor zich – All-een. Een belangrijk ingrediënt is lef. Lef om onszelf te durven onderscheiden van de massa. Lef om in het diepe en onbekende te springen. Lef om nee te zeggen tegen, ongetwijfeld goedbedoelde therapeuten en leraren die menen ons te moeten helpen of te bevrijden. Onze unieke ervaring, onze unieke weg, onze pijn zowel als onze vreugde kan de sleutel zijn tot een dieper inzicht. Wat een zegen is voor de één kan een ramp zijn voor de ander. Wees een kritische onderzoeker: onderzoek alles en behoudt datgene wat goed is voor jou, zei de Boeddha al. Niemand kan in de voetsporen van een ander treden. Niemand kan een methode van een ander onderwijzen. We kunnen alleen maar in alle eenvoud onze eigen methode, ons eigen Zijn, de wereld inbrengen.

Die eigenheid ontstaat uit een veelvoud van verschillende methodieken, een veelvoud van ontmoetingen en ervaringen en vooral niet te vergeten; zij zijn gepolijst door het leven zelf. Uiteindelijk creëren we uit dit kleurrijke palet aan ervaringen onze eigen methode die dan niet langer een methode meer is. Onze aanwezigheid is voldoende om de ander zichzelf te laten ervaren. Voor we zover zijn zullen we van alles willen ervaren. En geef jezelf die ruimte, het is de enige manier. Maar sta jezelf toe om kritisch te zijn.

Zolang je twijfel voelt bij een bepaalde methode of spirituele richting, distantieer je van de mening van anderen en eer je innerlijke eigen-wijsheid. Er is geen snelweg naar bevrijding. Bevrijding op zich is niet relevant. De weg die we bewandelen is van belang. Die weg kan slecht één naam hebben: Liefde en de poort daar naartoe is ons Hart. Want God is Liefde en omarmt alles in zijn grenzeloze Liefde tot we ontwaken en ons realiseren dat we zelf die Liefde zijn en dat alles wat we eens hebben willen bereiken geen enkele waarde voor ons heeft. We zijn gewoon die we Zijn…

Spiritualiteit is niet statisch. Het ware Leven is voortdurend aan verandering onderhevig. Kijk maar naar de natuur: Het leven ontstaat en vergaat voortdurend vanuit die Ene Bron die Liefde heet.

Laat ons in vrede zijn,
Yasmin

Black is beautiful

Black is beautiful

Wanneer de vlinder uit haar cocon kruipt komen we waarachtig tot leven…’

Black

Black is een waar gebeurd verhaal. Een paar maanden na haar geboorte verliest Michelle McNally haar zicht en gehoor. Ze bevindt zich in het isolement van de duisternis. Doordat met name haar moeder haar voortdurend tegen het leven beschermt, raakt ze steeds meer gevangen in het donker en terroriseert ze haar hele omgeving.

Tijdens haar achtste levensjaar breekt het licht door de tunnel als Dabraj Sahai haar leven binnenkomt. Dabraj is een oud onderwijzer. Hij is een excentrieke magiër, gedesillusioneerd en aan de alcohol. Hij ziet het als zijn taak om Michelle haar vleugels terug te geven – haar het gebruik van woorden te leren – en gebruikt hierbij een zeer harde hand. Maar reeds binnen twintig dagen is Michelle een totaal ander kind. Op dat moment dwingt de vader hem het huis te verlaten en Michelle valt onmiddellijk terug in haar oude gedrag. Dabraj keert op zijn schreden terug. Zij valt hem aan en hij gooit haar woedend in het bassin. Water is haar grootste angst. Plotseling houdt het vechten op, ze wordt stil vanbinnen en ontwaakt. Ze pakt zijn handen, brengt ze naar haar lippen, spelt voor het eerst de klanken voor water en trekt hem in het bassin. In opperste verrukking staan ze onder de fontein en voelen ze de waterdruppels op hun gezicht. Beiden stralen licht uit. Vanaf dat moment begrijpt Michelle en accepteert ook de vader de aanwezigheid van haar leraar. Achttien jaar vertegenwoordigt hij haar ogen, daagt hij haar uit om over grenzen te gaan en leert haar communiceren en ‘zien’. Ze worden aangenomen op de universiteit waar hij haar vertaler is. Uiteindelijk vraagt ze teveel van hem en er rest hem niets anders dan haar alleen te laten. Het resulteert erin dat haar vechtlust omhoog komt en ze na vele jaren haar graad haalt. Ze wil haar bul als eerste aan Dabraj laten zien en vindt hem terug in een psychiatrisch ziekenhuis. Dabraj is blind en de weg kwijt en nu is het Michelle die Dabraj weer in contact brengt met het ware Leven…

Liefde en geluk

De film raakt mateloos. Het verhaal geeft vele impressies van liefde, van geluk. Het medelijden van haar moeder brengt Michelle terug tot de staat van dierlijkheid. De gelijkwaardige en harde aanpak van Dabraj haalt trots, doorzettingsvermogen en pure schoonheid omhoog. Michelle wordt een stalend mens met een handicap. Ze wordt koningin in het land van de blinden en oogst alom respect.
Het kijken naar deze film brengt me in dieper contact met het wonder van het zien.
Ik herinner me als de dag van gisteren dat ik opstond na een pittig ziekbed en vol verwondering de wereld bezag. Ik keek met de ogen van een kind en alles zag er anders uit, vernieuwd alsof alles licht uitstraalde. Ik realiseerde dat ik mijn ogen nooit echt gebruikt had – laat staan mijn derde oog…

Zonder zelfbeklag

Ze heeft mijn boeken gelezen en ervaart ze als balsem voor haar gewonde ziel.  Ze is door de hel gegaan. Er waren momenten dat ze koos om zich mee te laten trekken in het zwarte gat van de dood. Maar iets in haar dwong haar te kiezen om te leven. Plotseling brak het licht door. Ze kreeg vleugelen van licht en de verwondering van een kind. Ze staat nog wat onwennig op deze nieuwe aarde. Kwetsbaar maar krachtig.

Stilte is als balsem voor onze ziel. Wanneer we ons biologisch ritme verliezen en ons voortdurend onderdompelen in de buitenwereld, verliezen we het contact met onze binnenwereld en worden we ongelukkig.

Er is geen doel om naar te streven. Er is uitsluitend een weg om te bewandelen. De enige manier om jouw waarheid te leren kennen is ervaring. En vanuit de ervaring kun je zijn en delen met anderen. Het dwangmatige denken verliest zijn invloed. Af-gescheidenheid heeft geen bestaansrecht meer en alle oordelen houden op te bestaan. We zijn weer één met de bron, één met het mysterie…

Geluk

We willen gelukkig zijn en streven naar situaties die bijdragen tot ons geluk. Lekker eten, een heerlijk wijntje, samen naar de film, op vakantie, afijn vul het rijtje maar aan. Het zijn doorgaans factoren van buitenaf die ons gelukkig moeten maken. Maar elk streven laat een leegte achter en als het eten voorbij is, de liefde bedreven, is daar opnieuw die leegte die jengelt om opgevuld te worden.

Zolang we redelijk gezond zijn en alles naar wens verloopt worden we lui en gemakzuchtig. We realiseren ons niet onze verborgen kracht. Die wordt pas voelbaar als we geconfronteerd worden met uitdagingen in het leven, met datgene wat wij duisternis noemen maar wat slechts de schaduw is van het licht. Het omarmen van onze schaduw maakt ons bewust van het licht in ons.
Geluk is niet afhankelijk van factoren van buiten. Het najagen van geluk maakt een mens waarachtig ongelukkig.

Illusie

Het is een illusie om vierentwintig uur per dag gelukkig te willen zijn. Een bloem bloeit een korte periode om daarna weer af te sterven en te verdwijnen in het donker, om vervolgens opnieuw tot bloei te komen. Alles ontstaat en vergaat in een voortdurende stroom van liefde, een voortdurende stroom van leven.
Wij zijn als bloemen, we bloeien een tijdje in deze realiteit, we sterven en verdwijnen, om uiteindelijk in deze of een andere realiteit weer te verschijnen.

Liefdeloze oordelen

Wat zeg je tegen ouders die te horen krijgen dat hun kind blind en doofstom is? Vraag je wat ze in godsnaam hebben gedaan om dit over zich uit te roepen, of durf je jezelf te laten aanraken door de duistere kant van het leven, door onpeilbaar verdriet? Durven we waarachtig mens te zijn en op te houden om te oordelen over dingen die we toch niet kunnen doorgronden, die we hooguit kunnen aanvaarden?

Wat zeg je tegen een alleenstaande moeder in Afrika die verkracht wordt en een kindje ter wereld brengt dat HIV-positief is? Reageer je vanuit angst en denk je dat jou dat niet zal overkomen, of laat je jezelf aanraken en treedt je haar tegemoet zoals jezelf tegemoet getreden wenst te worden, met liefde en mededogen?

Geluk en schuldgevoel gaan niet samen

Geluk ligt voor de moeder van haar doofstomme en blinde kind in het feit dat ze eerst door de hel gaat voor ze haar kind aanvaard. Dat ze vervolgens opnieuw door de hel gaat alvorens ze haar kind toevertrouwt aan haar leraar. Vervolgens volgt ze angstig vanaf de zijlijn de strijd die plaatsvindt tussen het kind en haar leraar en is ze getuige van een eerste moment van overgave van Michelle. Tranen van geluk wellen op in haar hart en vreugde vervult haar wezen. Ze straalt letterlijk van geluk. Godzijdank is ze niet behept met schuldgevoel, waardoor er geen denkbeeldige schaduw valt over haar geluk.

Zonder reden

Geluk heeft geen reden. Het is er zomaar, onverwacht, op die momenten dat je er niet naar zoekt. Het is zoals het IS. Er is geen voorkeur en geen afkeer. Je bent los van de beeldvorming hoe het zou moeten zijn…

Wie bepaalt of een leven waardevol is. Dat kan een ander niet voor je bepalen, dat bepaal je zélf aan de hand van de uitdagingen op je pad, aan de hand van de keuzes die je maakt. Geluk heeft niets te maken met uiterlijke omstandigheden. Geluk ligt in de kern van ons wezen en we ervaren het op die momenten dat we onze denkbeelden niet langer meer koesteren en ons over durven te geven aan dat wat IS.

Geen discussie

Liefde is niet lief. Liefde daagt je uit om het beste in jezelf naar boven te halen. Kinderen die alles krijgen wat ze verlangen, die  nooit uitgedaagd worden in hun leven, leren niet te vechten voor hun bestaan. Het worden doorgaans ontevreden en onprettige mensen die uitsluitend hun eigen begeerten najagen. Ze voelen zich onder al dat bravoure gewoon mislukt, wat ze ook zijn, wat ze ook doen.

Kinderen die in een sfeer van liefde en geborgenheid opgroeien worden uitgedaagd om alles te onderzoeken, niets te geloven en hun eigen waarheid te ontdekken. Ze groeien doorgaans op tot krachtige jonge mensen met een gezond zelfvertrouwen. Ze weten dat hun ouders onvoorwaardelijk van hun houden. Hooguit worden hun daden ter discussie gesteld maar nooit de liefde…

Natuurlijk zicht

Zien, het is een precair iets. Dat wordt pas voelbaar als er iets aan je zicht mankeert. Ieder gezond mens heeft van nature een scherpziende blik, die we doorgaans verpesten door te snel een bril te gaan dragen, waardoor we onze ogen niet meer hoeven te trainen en luie oogspieren krijgen. Dit gaat doorgaans gepaard met nekklachten en we beginnen letterlijk te verstarren. Heb je jezelf wel eens afgevraagd waarom vooral westerse mensen brillen dragen?

Kinderen bewegen zich continue van het ene object naar het andere en verwonderen zich voortdurend.
Helaas vergeten we het wonder van het leven, het wonder van de schepping, op het moment dat we volwassen worden en ons onderdompelen in de wereld van de materie, de wereld van de begeerte. Tot het moment dat er een duistere wolk voorbij trekt die ons bewust maakt van het verloren paradijs en we ons weer bewust worden van het licht. We voelen weer als kinderen en ontdekken vol verwondering de wereld. Alles wordt nieuw en we houden op met staren, met onze verstarring. De vlinder kruipt uit haar cocon, we komen waarachtig tot leven…

Met een open hart,
Yasmin

Oorspronkelijke vlucht

Oorspronkelijke vlucht

Gehechtheid is de bron van alle lijden…

Het is feest in de meeuwenkolonie. Alle meeuwen hebben zich verzameld om getuige te zijn van de geboorte van een meeuwenkind. Krijsend en vertedert kijken ze toe hoe de nieuw-geborene uit het ei kruipt. Het kuiken laat zich drogen in de zon en slaat onderzoekend en aandachtig haar ogen open. En onder al die nieuwsgierige blikken voelt ze iets wat ze nog niet kan benoemen. In de loop van de tijd krijgt ze meer en meer het gevoel dat er iets ongelofelijk mis is gegaan: alsof ze uit het verkeerde ei is gekropen en niet thuis hoort hier op dit strand tussen al die krijsende en kibbelende meeuwen. Ze voelt zich al schuldig bij de gedachte alleen! Ze leert snel dat ze dankbaar hoort te zijn en dat de code van de groep wet is. Ze doet uitermate haar best om niemand tot last te zijn en past zich ogenschijnlijk uitstekend aan binnen de zichtbare wetten van de groepscode. Innerlijk voelt ze zich onzeker en verscheurd en twijfelt ze aan alles wat waarheid is. Het komt echter niet in haar op om te rebelleren, laat staan om haar afkomst te verloochenen.

Bij tijd en wijle gaat ze door onverklaarbare gevoelens van heimwee en op die momenten voelt ze zich van God en alleman verlaten. In het begin herinnert ze zich bij vlagen nog het paradijs; die liefelijke staat van Eenheid waarin ze verbleef voordat ze uit het ei kwam. Helaas, dat weten verdwijnt snel in het dagelijkse meeuwenbestaan.

Ze zondert zich meer en meer af van de groep. Op zekere dag is ze aan het vliegen en ze ontdekt tot haar grote schrik dat ze de andere meeuwen volkomen uit het oog verloren is. En plotseling wordt ze overmoedig. Plotseling heeft ze lak aan de rest van de vlucht, ja ze vergeet zelfs dat zeemeeuwen zich nooit of te nimmer zullen onderscheiden van de groep. Ze vliegt en vliegt en voelt zich opgenomen in de eindeloze uitgestrektheid van het universum. Ze ontdekt dat ze steeds hoger en sneller kan vliegen, dat ze kan draaien en buitelen. Kortom, ze ontdekt dat er veel meer binnen haar mogelijkheden ligt dan ze ooit geleerd heeft. Ze maakt salto’s van vreugde, ontwikkelt een snelheid die ver boven het meeuwen-gemiddelde ligt en laat zich drijven op de wind.
Een enkele keer is ze te roekeloos en valt ze zich bijna te pletter op de golven van de zee. Ze laat zich niet afleiden: na de eerste schrik schudt ze haar veren in de plooi en oefent ze verder. Ze heeft de smaak te pakken en niets kan haar nog afhouden van haar vlucht.

Die avond komt ze veel te laat in de groep. Ze is zo opgewonden – dat ze haast niet uit haar woorden kan komen. Je zou verwachten dat de rest van haar familie blij en nieuwsgierig zou zijn. Je zou verwachten dat ze trots en vol verwondering zouden luisteren naar haar ervaringen en zouden onderzoeken of ze waarheid zijn. Niets van dit alles – ze wordt zwaar gestraft.

Ze doet opnieuw haar uiterste best om een lieve en aangepaste zeemeeuw te zijn. Maar ze heeft de vrijheid geroken. Op zekere dag vergeet ze haar goede voornemens en bevindt ze zich opnieuw op ongekende hoogte. Vanaf dat moment is er geen houden meer aan. Ze vliegt met fabelachtige snelheid en oefent een dubbele, ja zelf een driedubbele salto. Dol van enthousiasme komt ze terug in de groep. De stemming in de groep is om te snijden. De groepsoudste schraapt zijn keel en kijkt haar vernietigend aan. Hij beveelt haar onmiddellijk haar vleugels te pakken en op te krassen. Ze wordt voor de rest van haar leven verbannen!

Ze is perplex! Eenzaam en verlaten brengt ze die nacht door op een kale rots midden op zee, niet in staat om nog verder te vliegen. Ze wil maar één ding en dat is ter plekke sterven. De volgende morgen knipoogt de zon door het wolkendek en een mystieke nieuwe wereld vol beloften ontvouwt zich aan haar vleugels.

Ze vergeet de ellende, ze vergeet haar afkomst, ja ze vergeet zelfs dat ze alleen is. Haar ongeloof maakt plaats voor verrukking en ze voelt zich opgenomen door het universum zelf. Vol verwondering slaat ze haar vleugels uit en vliegt ze naar ongekende hoogtes. En plotseling voelt ze een stralende, haast doorschijnende, aanwezigheid naast zich. Ze is niet langer alleen, haar Ware Zelf openbaart zich. Ze voelt zich omarmd en gedragen door twee liefdevolle vleugels en vanaf dat moment wordt ze elke minuut begeleidt en ingewijd in de universele wetten van het universum.

Ze gaat door veel verschillende ervaringen: mooie en minder mooie. Ze leert dat het één niet zonder het ander kan bestaan. Dat beiden deel uitmaken van de genade van de Schepper. Ze leert te onderscheiden en keuzes te maken – maar ze laat meer en meer haar oordelen los. Ze vergeeft haar familie, ze vergeeft de vlucht die haar zo liefdeloos heeft verstoten. Ze weet nu dat het onwetendheid is vanwaar uit zij handelden. Dit bevrijdt haar van eeuwenoude lasten die ze op haar vleugels heeft genomen en geeft haar letterlijk en figuurlijk gouden vleugels. Ze ontdekt dat ze oorspronkelijk is: een schepper. Ze ontdekt dat iedere meeuw haar eigen realiteit creëert. Ze ontdekt dat iedere meeuw geboren wordt met eindeloze mogelijkheden, maar door de ideeën van de groep en door eigen overtuigingen zichzelf inpast binnen de denkbeeldige beperkingen van het meeuwenbestaan. Ze ontdekt dat het alleen mogelijk is om die beperkingen te overstijgen als je bereid bent om kwetsbaar te zijn en je HART te openen. Als je bereid bent om te rebelleren en de veilige code van de groep en de familie achter je te laten. Op het moment dat ze niets meer te verliezen heeft en zich in haar diepste ellende overgeeft aan de kracht van GENADE, ontmoet ze die liefdevolle vleugel die haar toegestoken wordt en weet ze dat ze het niet langer alleen hoeft te doen.

Ze vliegt door de sluiers der illusies en voelt dat ze toegang heeft tot een veld van ongekende mogelijkheden. Ze voelt dat vergeving de sleutel is naar heelheid en dat aandacht en aanwezigheid haar zullen bevrijden van de denkbeeldige beperkingen van het aardse meeuwenbestaan. Ze voelt dat diezelfde aanwezigheid de bron is van ongekende mogelijkheden. Ze hoeft daar alleen maar in te geloven en erop te vertrouwen. Niet langer laat ze zich afleiden door materiële verschijningsvormen. Ze geniet ervan, maar heeft haar begeerte achter zich gelaten toen ze de vlucht verliet. Liefde is haar kracht, het hele universum is haar thuis en de natuur is haar grootste leermeester. Terwijl ze zich overgeeft aan de stroom die leven heet, leert ze in de praktijk dat er geen meeuw van de rots valt zonder opgevangen en gevoed te worden. Ze ontwaakt uit de slaap der vergetelheid en begint te bloeien en te stralen, zoals de leliën op het veld, zonder zich nog langer te bekommeren over een eventuele toekomst. Ze vliegt hier en nu, vist als ze honger heeft en slaapt als ze slaap heeft. Ze is zonder iets te hoeven doen.

Op het moment dat hemel en de aarde in haar samensmelten, op het moment dat haar oorspronkelijke staat van zijn zich in alle luister ontvouwt, wordt ze in alle eenvoud een gids op deze aarde. Een gids om andere meeuwen te ondersteunen op hun eenzame vlucht: meeuwen die evenals zijzelf, het lef hebben om zich los te maken uit de denkbeeldige beperkingen van het meeuwenbestaan om eenzaam en verlaten boven de hoge golven van de woelige zee zich te oefenen in de kunst van het waarachtig vliegen. Door haar voorbeeld, haar aandacht en haar liefdevolle aanwezigheid voelen zij zich gezien en erkend. Zij proberen niet langer iets te worden wat ze niet zijn. Af-gescheidenheid en eenzaamheid behoren tot een ver verleden, ja tot een andere dimensie. De hele wereld van het Ene/Vele ligt aan hun vleugels…

Om Shanti…
Yasmin

– Geïnspireerd Jonathan Livington Zeemeeuw – Richard Bach

Curaçao en Aruba

Curaçao en Aruba

Curaçao – 19 februari

Wonderen gebeuren er iedere dag. Geheel onverwacht staat daags voor vertrek de auto met mijn nieuwe boek ‘Meesterschap voorbij de Dood’ voor de deur. Dit kan geen toeval zijn, ze zouden pas over een week klaar zijn. Zo kan ik toch zelf de presentexemplaren versturen en de eerste gaat naar Freek Simon. Freek, een prachtmens die mij zeven jaar geleden interviewde voor Tros Perspectief, ligt op zijn sterfbed. Toen ik hem via een microfoon bij zijn bed zijn ode voorlas, vond hij dat aangrijpend genoeg om nog even te willen blijven. Gelukkig zijn de overige boeken vooruit gestuurd. Ik prop mijn koffer vol. Zonder problemen accepteren ze de 25 kilo.

Thuis

De reis verloopt prettig. Om 4.00 uur de volgende morgen word ik opgewacht door Elfje, een van mijn engelen die me in alle opzichten zal ondersteunen. Ze brengt me naar ‘huis’. Durf ik inmiddels wel te zeggen dat het huis van Jeltje en Obbey mijn thuis is op Curaçao na zoveel malen. Voor de eerste keer logeer ik in het huis zelf, de appartementjes zijn bezet. Na even wennen verloopt dit smootly. We zijn alle drie mensen die ruimte kunnen geven en ruimte durven te nemen.

Lezing

Sylvia heeft haar nieuwe centrum aangeboden voor een lezing. De volgende dag ga ik kijken. Het centrum is niet klaar maar wordt ongetwijfeld fantastisch. Sylvia vindt het een eer dat ik, haar ‘meester’, als eerste deze ruimte kom ‘inwijden’. Nou die eer is geheel wederzijds. Ik maak kennis met Peter, degene die dit alles mogelijk maakt, en ontmoet ook de rest van de familie. Er wordt een opname gemaakt voor TV 11 en later ga ik met Syl zwemmen. Die avond hangen we met z’n allen voor de buis. Ik ben niet ontevreden!

Sylvia en de ‘meiden’ hebben hun werk fantastisch gedaan. Er zijn maar liefst 50 mensen op de lezing. Ik verkoop aardig wat boeken. Mijn energie stroomt.

Intens

Weet je nog die vrouw die me tien jaar geleden ontzettend ‘uitgespuugd’ heeft? Je leest het goed, ook zij was op de lezing. Ze kocht het boek van de Meesters en kwam me na afloop vertellen dat ze blij was dat ik zo veranderd was. Zo lelijk als ik eerst was, zo mooi was ik nu. Ik denk dat ze anders heeft leren kijken. Elva en Jeltje denken dat ook. Zij vinden me niet echt veranderd, hooguit meer intens geworden…

Als afsluiting lees ik uit het nieuwe boekje ‘Meesterschap’ de Ode aan Freek voor al weet ik niet waarom. Het is 22 februari. De volgende dag komt er een mailtje. Freek is die dag, de 22e aan zijn reis naar het Licht begonnen. Toeval bestaat niet!

Brasami

Er is geen voorbereiding geweest, maar het programma van Brasami is nu rond. Ze zijn blij dat ik terug ben en de mensen die ik vorige keer in de groep gehad heb, reageren enthousiast! Marcel de directeur, is net terug van een training van Cuba – hij herkende daar veel van wat ik hen leerde de vorige keer – dus ‘please ga door!’ We zullen zien hoe het gaat lopen. Er is een groot tekort aan personeel, zowel op Brasami als in de gevangenis, waar de vorige keer alle bewakers ontslagen zijn nadat er een aantal gevangenen waren ontsnapt. Deze week zijn er opnieuw zes zware jongens ontsnapt. Dit keer staan er grote beloningen op hun hoofden en dat blijkt te werken!

Gevangenis

Die maandag ga ik met een, voor mij, nieuwe begeleidster van Brasami naar de gevangenis, dit keer is het een mannengroep. Het duurt uren voordat er van de potentiële 14 mannen 5 aanwezig zijn en die lijken matig geïnteresseerd. Het is een totaal andere ervaring dan in oktober. Deze begeleidster is zeer begeesterd door haar geloofsovertuiging en staat te ‘preken’ met een enthousiasme wat naar fanatisme riekt. Natuurlijk is het goed om je sores in handen van God te geven, maar dat werkt pas als je daar aan toe bent en niet eerder. De jongens vragen of ik wat wil zeggen. Hoewel ik niet veel verstaan heb, is de tendens me duidelijk. Ik deel mijn beeld van God met hen, een beeld wat Liefde heet. Ze komen me bedanken en een hand geven. Wat zou ik ze graag willen knuffelen, maar deze keer hou ik mezelf maar in. Ik probeer met Gina te praten over mijn ervaringen, ze is er open voor maar tegelijkertijd zo begeesterd…

Lyme

Lyme steekt opnieuw de kop op, ik zit vol vocht en pijn. Dat was al van tevoren maar wordt heftiger. Dr. Ronald, een prachtige alternatieve arts en zoon van een van mijn vroegere Reikistudenten, vertrouwt het niet. Dus krijg ik onderzoeken en lymfedrainages. Ook de zee en de zon doen me goed.

Eddy, mijn lieve Eddy, ook een stukje van mijn ziel, neemt me mee naar zijn nieuwe project: samen met twee anderen heeft hij een plantage gekocht waar niet alleen papaja’s en andere lokale producten verbouwt worden, maar waar ook massages en lezingen gegeven zullen worden. Hij heeft al ‘ingepland’ dat ik daar een lezing ga geven. Onder het bladerendak kunnen heerlijke verse sappen geserveerd worden. Het is een schitterende plek aan de voet van een heuvel. Heel krachtig van energie.

Ongeluk

De volgende dag ga ik met Elva zwemmen. Het lukt ons waarachtig de plek terug te vinden. Eddy is er niet. Ik geef Elva een rondleiding. Ontmoet een prachtige jonge vrouw die helemaal perplex is als ze mijn naam hoort. Ze heeft zoveel over me gehoord en wilde me altijd al graag ontmoeten! Ze is van het kaliber pure schoonheid en pure kracht! Als ik haar dat vertel zegt ze dat ze dit van mij kan ontvangen, want ik ben echt! Ze raakt me diep. Elva en ik gaan Gerda opzoeken. Ze is er nog steeds die mooie dappere Gerda, bijna doorschijnend, bijna 12 jaar bedlegerig na dat vreselijke ongeluk. Wat een voorbeeld, wat een lichtje. Ik ben verbaasd dat ze er nog is na mijn bezoek van oktober. Ze is klaar en bereid. Maar alleen God weet waarom ze nog hier moet zijn. Ongetwijfeld deelt ze nog vele lichtjes uit.

De nieuwe locatie voor de workshop voelt goed – de eerste aanmeldingen zijn er al en gisterenavond waren mensen zo enthousiast dat we verwachten dat de cursus moeiteloos vol zal lopen. Ik zie over het hoofd dat mensen hier liever geen weekenden van huis zijn. Bovendien is een groot deel van het middenkader naar Nederland vertrokken en is er weinig geld in bepaalde kringen (in andere kringen teveel). Ook doe ik iets ‘nieuws’, lees onbekend.

Chaloma

Ik help dat weekend Jeltje met haar ongelofelijke berg correctiewerk. We gaan naar Chaloma, onze ‘plek’, genieten van de rust en zwemmen in het brakke binnenwater. Later die week zijn we daar getuige van een drugs-dropping. De helikopter cirkelt na een aantal keren ook boven ons. Wegwezen, zegt Jeltje, die lui staan voor niets!

Brasami

De eerste morgen bij Brasami is intens. Het is gelukt om een groep bij elkaar te krijgen. We werken enthousiast en ik doe een oefening over goed en kwaad. Wanneer ik ze vraag om voor alle eigenschappen “Ik ben” te zetten, wordt dat unaniem geweigerd. Ik laat me niet uit het veld slaan. Deze oefening heeft een aardig staartje. De volgende morgen deelt een van de groepsleden zijn ervaring. Het liet hem niet los. Zou het dan toch waar zijn dat al datgene wat hij in de buitenwereld zag, ook in hemzelf zat, zij het dan misschien in minder heftige mate? Hij ging een stap verder en zag plotseling dat hij inderdaad onrechtvaardig was geweest. Onrechtvaardig naar zijn kinderen. Die avond vertelde hij dit aan zijn kinderen en vroeg hen vergeving!

Ik was perplex en aangeraakt. ‘En hoe voelt dat nu’, vroeg ik hem. ‘Bevrijd en verlicht’, zei hij. Inderdaad, wanneer we het donker in onszelf durven te zien, zijn we op weg om licht te worden! ‘Waar heb je al deze wijsheid geleerd’, vraagt een van de groepsleden. ‘Het leven zelf is mijn leraar’, geef ik ten antwoord.

Aandacht

Het valt niet mee om mensen uit de afdeling te trekken. Afgelopen week waren er drie internationale conferentiedagen over drugs waar niemand enthousiast over is. Marcel moet opnieuw naar Cuba en Joyce die eigenlijk vakantie heeft en op haar laatste benen loopt moet de leegte invullen. Dat gaat moeizaam, zeker met het huidige personeelstekort. Dus zit ik onverwachts een ochtend op de detox: de verslaafden die pas zijn opgenomen. Gelukkig ben ik flexibel en hou ik wel van uitdagingen. Het wordt zelfs een levendige ochtend, maar het is niet wat we bedoeld hadden. De verslaafden en de gedetineerden krijgen aandacht genoeg. Wat je tegenwoordig al niet moet doen om aandacht te krijgen! De hulpverleners lopen maar te geven en vergeten zichzelf. Hoe herkenbaar! Hoe ver ben ik niet gegaan in deze. Hoe vaak heeft mijn leven aan een zijden draadje gehangen voordat ik begreep dat het geen zoden aan de dijk zet om de wereld te willen redden?

Jacob Gelt Dekker

Ik ontmoet Rodney van het leerlingenstelsel. Hij begeleidt jonge mensen voor de horeca en doet dat met verve. Nadat hij jaren in Nederland en in Colombia is geweest kiest hij nu met hart en ziel voor Curaçao. En dit zijn de pareltjes die jonge mensen weten te inspireren.

Er volgt een heerlijk weekend. Jeltje en ik gaan naar het Jacob Gelt Dekker project in Otrabanda. Jeetje ongelofelijk, die man is een genie. Alleen iemand die werkelijk geïnspireerd is, kan scheppen zoals hij dat heeft gedaan en nog steeds doet. Wanneer ik hem zie, voel ik echter zijn eenzaamheid. Er is weinig begrip voor geniën zoals hij. Het is niet de juiste tijd om hem te vertellen hoezeer ik aangeraakt ben door zoveel schoonheid.

Watamula

Zondag gaan we naar een nieuw baaitje: Watamula. Het is niet om te zwemmen, maar we genieten en spelen als kinderen. We gaan naar het landhuis St. Juan en waden door het water naar de grotten waar de oudste grottekeningen van het eiland te vinden zijn. Daarna bezoeken we het project Siloam. Een koppel van de Pinkstergemeenschap uit Nederland heeft een groot huis gehuurd en zij vangen samen zes tot twaalf ernstige zieke kindertjes op. Ook hier mag aids niet vernoemd worden….. Ik ben onder de indruk door zoveel liefde en zorg. Als ik naar haar kijk dan zie ik dat het teveel is. Ook al is God hun drijfveer, godzijdank zonder fanatisme, we blijven nu eenmaal mens.

Die maandag, 3 maart, kom ik wederom op radio Hoyer. Zelfs Sonia is dit keer niet zo vrolijk. Er is die nacht ingebroken bij de bank en ze vraagt wanhopig: Yasmin wat moet er toch van Curaçao worden? Lieve Sonia, er is zoveel schoonheid op deze aarde, ook hier op Curaçao. Zonder mijn kop in het zand te duwen, wil ik graag mijn oog daarop richten. Ik vertel dat ik die woensdag signeer voor Siloam.

Radio Paradise

De aanvankelijke vijandige houding van de eigenares van boekhandel Bloempot, draaide plotseling om als een blad aan de boom. Ze stelde me voor mijn eigen boeken te verkopen en te signeren in haar winkel en zij zou zorgen voor voldoende publiciteit. Ik was geroerd door die mooie kant van haar en bood aan om te signeren voor Siloam. Daarom zit ik plots bij Jack Visser in Radio Paradise. Hij heeft me ertussen kunnen lassen voor 10 min. Hij is onder de indruk en vraagt me te bellen voor een uitgebreid interview als ik terugkom. De voorkant van mijn nieuwe boekje, geschilderd door mijn lieve vriend Bob, raakt hem zeer aan!

Het weer is minder heet dan in oktober, voor mij zeer aangenaam. Mijn dagen zijn gevuld. Ik sta rond vijven ‘s morgens op. Doe mijn oefeningen op de porch, ga mediteren en geniet van mijn papajaontbijt en de verse aloë vera. Daarna ga ik een duik nemen in de zee en begin fris en vrolijk aan de nieuwe dag. Er gebeurt weer van alles in interactie met mensen. Ik heb oude en nieuwe ontmoetingen en geniet. Ik heb het oude autootje van Jeltje en kan me zelfstandig verplaatsen en dat is heerlijk.

Ik krijg eindelijk een email: in Aruba kijken ze ook naar me uit. Ze zijn dus niet blij dat ik besloten heb de 15e, vier dagen eerder, naar huis te vliegen in verband met de Onkruidbeurs en mijn nieuwe boek.

Die donderdag zit ik voor de laatste keer bij Brasami. Het is rommelig. Er is een spoedopname: Joyce moet er regelmatig tussenuit, anderen komen zomaar binnenvallen. Goed het is zoals het is: meet het resultaat niet aan de acties maar geef wat je te geven hebt. Het is aan ieder persoonlijk wat die er weer van mee zal nemen. Ik leg de nadruk op het versterken van de innerlijke kracht, zodat we als hulpverlener onszelf niet voortdurend verliezen in een stroom van geven, lees opofferen. Joyce is hard aan vakantie toe en ik hoop dat zij zich dit kan gunnen. Want alles gaat gewoon door – ook al denken we soms dat we niet gemist kunnen worden. En het heeft weinig zin om op te branden. Niemand heeft daar iets aan.

Noordkant

Ik ga met Roos naar de Noordkant. We vinden onze grot terug en bezoeken Boca Tabla, mijn lievelingsplek. Die laatste vrijdagmorgen besluit ik de cursus af te lassen. Ik voel me opgelucht! Wanneer ik toegeef aan de wijze raad van Jeltje en mensen een reading aanbied, zit ik binnen no-time het hele weekend volgeboekt met aura-readingen! Dat is dus echt wat mensen willen en nodig hebben. Ze krijgen de reading op tape en kunnen in alle opzichten voorlopig vooruit. En nu ik eenmaal ‘ja’ heb gezegd, voelt het goed!

Tussendoor nog tijd om even naar het strand te gaan met Jeltje en Elva. Die laatste zondagavond ga ik met Jeltje en Obbey uit eten. Heerlijk is het bij ‘Kontiki’ aan het water. Voor de eerste keer deze periode eten Jeltje en ik een volledige maaltijd; een verrukkelijke vegetarische schotel. We genieten van elkaar en van het heerlijke eten. Ik heb me ondergedompeld gevoeld in een wolk van LIEFDE deze weken – ONVOORWAARDELIJK – geweldig!

Maandagmorgen neem ik nog afscheid van Veronica en Roos. Het is dezelfde stralende Roos die ik twaalf jaar geleden mocht ontmoeten. Hoe heerlijk!

Vliegveld

Sylvia brengt me naar het vliegveld. We bezoeken nog het huis van de grootste kunstenaar van Curaçao. Hij is een gigant die van alle afval, bumpers etc. schitterende kunstwerken maakt. Later zitten we aan het water en genieten van de vis welke door de lokale vrouwen wordt klaargemaakt. Mooie krachtige vrouwen die op die manier hun geld verdienen, eerlijk en oprecht. Het is immers geen schande om te werken voor geld, integendeel. En minder ‘verslavend’ en gevaarlijk dan het slikken van bolletjes cocaïne, die in je maag kunnen klappen. En in het gunstigste geval je je leven lang kunnen verdoemen, want de weg terug is moeilijk en stijl.

Aruba – 11 maart 2002

Op naar Aruba. Ongetwijfeld zijn daar andere engelen die op me wachten!!

Twee van deze engelen staan me stralend op te wachten op het vernieuwde vliegveld. Het is acht jaar geleden dat ik hier voor de laatste keer was. Als ik tenminste die tussenstop van drie jaar geleden even niet mee tel. Ik word ontvangen als de Koningin en thuisgebracht in een heuse eigen woning, wat een luxe. De enige persoon die me in het verleden nachtmerries heeft bezorgd komt als eerste op bezoek. Zij is open en oprecht en vertelt me dat ik de basis ben van de spirituele groei op Aruba. Nou dat zal dan wel! Die avond gaan we eten en ontmoet ik de rest van het zeskoppige organisatieteam. Wat een heerlijk weerzien. Julieta overhandigt me haar celphone. Zal ik toch nog moeten leren hoe ik met zo’n ding om moet gaan! Na de verrukkelijke maaltijd onder de bomen bij life-muziek krijg ik de sleutels van een heuse truck en rijd ik in het donker achter Linda aan naar huis. De volgende morgen sta ik vroeg op na een slapeloze nacht, het is hier veel warmer, en ga met mijn eigen truck naar de zee. Aruba heeft, in tegenstelling met Curaçao, prachtige zandstranden en er is nog een strook tussen de vele nieuwe hotels die onbebouwd is. Ik zie een stralende zon opkomen achter een schitterende palmboom. Het is adembenemend. Pelikanen scheren soms rakelings over mijn hoofd en ik ben blij dat ze in de gaten hebben dat ik geen vis ben. Ook de meeuwen schuwen de nabijheid niet. Iedere duik levert een visje op. Dat er nog vis over is in de zee!

Casa del Mar

Terug naar huis voor een douche en dan naar Casa del Mar waar ik een lezing zal geven voor het management. Samen met Reggie maken we een cirkel. Hoewel iedereen aanvankelijk een beetje sceptisch is: Zuid Amerikanen, Arubanen en Antilianen zijn nu eenmaal niet zo direct in de groep dan wij, lukt het me toch om na mijn inleiding in het Engels en de vragen die daarop volgen, ieder te laten delen over zichzelf, hun speciale kwaliteit die zij mee hebben genomen naar deze aarde om te delen. Wanneer een van de vrouwen uit de Filippijnen haar verdriet openlijk laat zien: zij was getuige dat haar vriend omkwam bij een aardbeving, is iedereen aangeraakt. Een van de vrouwen komt na afloop naar me toe: het lijkt wel alsof ik je al heel lang ken, ik voel me zó met jou verbonden!

Brisas del Mar

Linda neemt me mee voor een lunch bij Lucia van Brisas del Mar. Lucia, een van mijn Reiki-studenten straalt wanneer ze me ziet. Linda mag niet betalen, Lucia is veel te blij dat ‘haar’ Yasmin er weer is! Om drie uur moeten we bij de televisie zijn voor een opname. Wanneer ik die later op video zie, zie ik dat ik er behoorlijk moe uitzie. Niet zo gek toch?

Die avond geef ik een lezing. Er zijn ruim veertig mensen, bijna allemaal oud studenten. Het is feest. Knuffelen en nog eens knuffelen. Het wordt een heerlijke avond en mijn laatste twintig boeken zijn in een mum verdwenen. Julieta stelt een vraag over het huidige onderwijs. Ze weet niet hoe ze zich op moet stellen in de huidige klassen waarin leerlingen steeds problematischer, minder geïnteresseerd en onrustiger worden. Ik vertel haar dat haar ‘zijn’ naar mijn gevoel een belangrijke baken is voor de leerlingen en vergelijk haar daarin met Jeltje, hoewel ik hen beiden nooit aan het werk heb gezien. Julieta vraagt of ik de volgende morgen twee lesblokken met haar ‘probleemklas’ wil verzorgen. Hoewel ik me na de ervaring in België voorgenomen had die niet meer te doen, zeg ik spontaan ja!

Paringsdans Kraanvogels

Linda en ik kletsen nog na en het is al laat wanneer ik naar bed ga. Vroeg op, we gaan samen naar de zonsopgang aan de Noordkust. Daar krijg ik weer energie van! We rijden met mijn truck naar Tiera del Sol. Wanneer we achter de nederzetting zijn, komen we in een schitterend natuurgebied vol tropische vogels, een witte en een zwarte reiger. Daar ben ik getuige van een van de grootste wonderen die ik ooit mocht aanschouwen: we zien de paringsdans van twee kraanvogels. Het is adembenemend! Een werveling van energie en liefde die geen einde lijkt te hebben. Het doet me denken aan de derwishdans: de soefidans naar God! Opnieuw realiseer ik me dat wanneer mensen zich een moment werkelijk zouden verbinden met de schoonheid en het perfecte goddelijke in de natuur, ze zich onmiddellijk zouden herinneren wie ze werkelijk zijn!

Feedback

Opgeladen komen we thuis. Douchen en op weg naar de Mavo IV, als altijd onvoorbereid. Stop even Linda, ik pak even mijn zelfgemaakte dierkaarten. Wat een goede impuls blijkt dat te zijn! We maken een cirkel, Julieta en ik. Ik leg op ieder stoel een kaart. De leerlingen hebben al voorpret voor we beginnen. Een enkeling kan het giechelen niet laten tijdens de visualisatie. Maar wanneer we met onze persoonlijke eigenschappen beginnen, gesymboliseerd door de dierkaarten, zie ik langzaam maar zeker een enorme betrokkenheid ontstaan. Het duurt zelfs niet lang of ze geven elkaar op een ondersteunende manier feedback. Ook Julieta krijgt te horen dat haar kaart van ‘verantwoordelijkheid’ betekent dat ze soms téveel op haar rug neemt. Maar, zegt een van de prachtige meiden tegen mij, deze juffrouw is de enige die betrokken is bij wat ze doet. Ze geeft les vanuit haar hart en de rest…. Nou daar hebben we gewoon geen binding mee!

Probleemklas

Een van de meisjes zou een goede psychologe kunnen zijn. Wanneer ik dat opmerk zegt ze dat ze dat ook wil. De manier waarop ze feedback geeft, daar kunnen vele psychologen een voorbeeld aan nemen. Zelfs de meest verlegen jongen gaat rechter op zijn stoel zitten. Prachtig! Ik vertel hun dat onze generatie er een zootje van heeft gemaakt. Maar dat zij de toekomst hebben en kunnen maken en dat ik daar volop vertrouwen in heb als ze op deze manier daar aan zullen werken. Zo eerlijk en open. Hoezo probleemklas? Ik zou haast willen dat ieder klas een probleemklas was, wat een potentie! De directrice betreurt het dat ik zo snel wegga. Anders zou ze me vragen het team te komen trainen. Nou dat klinkt verleidelijk, maar meer en meer realiseer ik me dat de tijd van hulpverlenen voorbij is. De tijd is rijp dat ieder voor zichzelf ontwaakt en haar eigen beslissingen neemt. Er valt weinig meer te redden!

Marjorie komt me ophalen en wederom rijden we ergens naar zee voor de lunch. Er wordt mij niets gevraagd, ik moet eten of ik wil of niet! Na het eten kan ik mijn ogen niet langer open houden. Alsjeblieft Marjorie, breng me maar naar huis, ik moet even plat.

Workshop

Die avond geef ik een workshop voor 21 mensen. Iedereen is stralend enthousiast. Hoe moet je vier dagen in een avond stoppen, vroeg ik me af. Gewoon loslaten en laten gebeuren wat belangrijk is. En het WAS goed, ook voor mezelf. Aangeraakt door Valerie die in een jaar haar man, haar moeder, haar broer en haar zoon verloor. Het is nu vijf jaar geleden, ze ziet er mooi en evenwichtig uit. Jeetje, ik voel zoveel respect: ze wil een voorbeeld zijn voor haar overige twee zoons. Nou ze is een voorbeeld voor de hele wereld!

De volgende morgen ga ik voor de laatste keer naar mijn strand. Weer ben ik de enige in de zee, er zijn uitsluitend een aantal wandelaars langs de kust. Het water is verrukkelijk! Ik ben oprecht dankbaar voor de truck en voel mezelf volkomen veilig ermee. Na de douche gaan Linda en ik boekwinkels bezoeken. Boeken heb ik niet meer, wel prachtige nieuwe folders. Mijn eerste boek kennen ze wel en de contacten verlopen soepel. Een meneer zegt: waar heb ik deze boeken eerder gezien? O ja, in de krant, ik heb het uitgeknipt. Het ligt op mijn bureau om te bestellen! Mooi, mijn boeken krijgen nu ook een plek op Aruba.

Massage

We drinken koffie in een heerlijke koffieshop. Die middag houden we het bij een salade en daarna brengt Linda mij naar Julieta. Die wil me verwennen met een massage. Ik kies voor een voetreflex-massage, mijn lijf kan wel wat doorstroming gebruiken. Ze doet het fantastisch en we kunnen op deze manier lekker bijkletsen. Ze zit al in een extra jaar op school en geeft maatschappijleer en godsdienst. Wat moet ik doen Yasmin. Wat wil je? Ze kijkt me verbaasd aan. Niemand vraagt me dat ooit. Nee daarom. Ik wil stoppen, zegt ze. Nou stop dan maar lieve Julieta. Je kunt een schip wat zinkt niet krampachtig boven water blijven houden en eerst moet een schip meestal zinken voordat het nieuwe de kans krijgt haar kop boven water te steken. Ze voelt zich begrepen en opgelucht!

Seroo Colorado

Amy pikt me hier op aan het einde van de middag. We gaan samen naar Seroo Colorado, de Boka Tabla van Aruba. Dat is onze plek en we genieten ervan! Ze zet me thuis af en ik zeg haar dat ze die avond niet hoeft te komen, ik hou toch wel van haar! Ze realiseert zich plotseling dat ze ECHT moe is! Na een douche en opknapbeurt pak ik mijn koffer en rijd ik achter Linda aan in de truck naar het huis van Reggie en Unita. Daar is mijn afscheidsfeestje! Julieta heeft afgebeld, ze heeft zich nu echt toegestaan om ziek te zijn! In de meditatieruimte word ik helemaal in het licht gezet. Daarna is er nog wat lekkers en tikt de klok haar laatste minuten van dit gezegende verblijf weg. Tijd om afscheid te nemen van allen die mij zo dierbaar zijn. Maar we nemen immers nooit afscheid? Linda en Carla zetten me even na middernacht af op het vliegveld waar ik drie uur moet doorbrengen voordat het vliegtuig vertrekt. Stom dat mijn tekenblokje in de koffer zit! Goed ook deze tijd verdwijnt.

Het vliegtuig is op tijd. Ik sta mijn plaats af aan een dankbaar verliefd meisje en zit naast een vrouwelijke afgevaardigde van het parlement in Peru. Het is een zelfde vlucht komende uit Lima als waarmee ik drie jaar geleden hier een tussenstop maakte…

Voorspoedig

De vlucht is voorspoedig, slechts hier en daar wat turbulentie. Binnen negen uur, aan het einde van diezelfde dag, zijn we in Amsterdam, waar Giri uitgelaten staat te wachten. We nemen de trein naar Den Bosch. Ontspannend en een gezellige manier om bij te kletsen. Het is grauw en koud, zes graden.

De volgende dag, zaterdag 16 maart, zet het voorjaar zich in. De zon breekt door de wolken. We zitten heerlijk in de tuin en genieten van een koor van vogels. Ik word van alle kanten welkom geheten!

Om Shanti
Yasmin

Curaçao en Sint Maarten

Curaçao en Sint Maarten

Dinsdag 25 september

Giri brengt me gezellig met de trein naar Schiphol. Om 19.00 uur Antilliaanse tijd kom ik aan in Curaçao. We vertrekken een uur te laat wegens de strenge controles. Misschien wordt de KLM nog een keertje zo wijs dat ze stoppen gratis alcohol te schenken, dan hoeven ze ook geen vluchten meer aan de grond te zetten.
Overigens een voortreffelijke vlucht met een speciaal voor mij gearrangeerde plaats! Met tussenstop op Bonaire ben ik ruim 12 uur onderweg. Al is het drie jaar geleden, mijn engelen staan te wachten, as always…

Terwijl ik boven Curaçao vlieg: krijg ik het oude beeld terug: wanneer Nederland zou stoppen met haar ontwikkelingshulp, kan Curaçao eindelijk volwassen worden en haar eigen schatten aan gaan boren….
Helaas is niet iedereen het met mij eens, het is het oude liedje wat speelt in vele relaties: liever afhankelijk en vertrouwd dan het onbekende tegemoet. Maar een liefdevolle ouder schopt haar kinderen op tijd de deur uit om hen de kans te geven op eigen benen te gaan staan en hun eigen bronnen aan te boren. Dat is onvoorwaardelijke liefde, ook al zijn die bronnen anders dan de jouwe, loslaten, niet afhankelijk maken!

Het is zo warm om bij zussie Jeltje te zijn – zo thuis voor mij! Die avond lekker bijkletsen met Jeltje en Elvira. Elvira noemt mij een ‘Christ in action’. Het raakt mij diep: Elvira was een van mijn drie engelen, ze had lange tijd andere prioriteiten. Ze heeft dat losgelaten en is er weer helemaal, zonder voorwaarden en onze liefde heeft zich verdiept! Ja het vraagt moed om de veiligheid van een groep los te laten en te gaan staan voor je eigen unieke zijn. Voordat je zover bent moet je door diepe lagen van angst. Angst om alleen te zijn, om anders te zijn. Voor mij is het inmiddels morgen wanneer ik ga slapen…

Woensdag 26 sept.

Om 4.00 uur ben ik klaarwakker. Ik sta op, pak mijn koffer uit en doe mijn meditaties en oefeningen. Breng Jeltje naar haar werk, zodat ik het autootje kan hebben en ga naar de beach. Heerlijk zo vroeg in het water, goed voor de jetlag. Het is verdraaid warm en ik heb het gevoel dat ik nauwelijks vooruit kom.

Die avond heb ik mijn eerste lezing. Bij de Marine, een nieuw terrein voor mij! Heleen, mijn oude maatje uit de vrouwentijd heeft fantastisch werk gedaan. Er komen maar liefst 45 mensen en het is een prachtige groep. Ik begin met kaarsjes aan te steken: de eerste voor de slachtoffers…. de tweede voor de daders…. Absolute stilte!! We zitten in de open lucht, maar de aandacht blijft geboeid. Tot mijn verbazing zijn er verschillende mensen die mijn eerste en tweede boek bij zich hebben. Corine, nooit eerder ontmoet, wil dat ik er iets in schrijf. Ik schrijf in haar exemplaar van ‘Weg naar het Licht’: ‘Wees vrij en vlieg als een vlinder’. Ik begrijp er niets van, totdat Corine de sluier wegtrekt: haar zoontje van vijf maanden is ruim een jaar geleden op noodlottige wijze gestikt. Ze zocht naar een passende tekst op het grafje. Toen vond ze mijn boek, las het hoofdstuk over ‘Everhard’ en zijn tekst: ‘En hij sloeg zijn pas verworven vleugels uit en vloog de weg terug naar het licht’. Ze maakte onmiddellijk een kaartje met het vers van Inayat Khan erop en de tekst van Everhard gaat het grafje versieren! Ontroering…

Gelukkig is de lading nieuwe boeken aangekomen. Ik verkoop er 12! Mensen willen niet naar huis. De eersten geven zich op voor de workshop. Vele brazas: knuffels: het stroomt. Jeltje en ik gaan een pinacolada drinken aan de beach, as always…

Donderdag 27 september

Elvira komt me rond tienen halen. Ze wil graag dat ik Myrna zie. Myrna is haar hulp, een prachtige Colombiaanse vrouw. Ik heb haar pakweg 10 jaar geleden ingewijd. Ze heeft 2 enorme olifantsbenen, je houdt het niet voor mogelijk. Ontstaan na een vloek! Beiden hopen ze dat ik het verlossende woord spreek. Dat doe ik, maar anders als zij verwachten: accepteer wat is, accepteren en doorvoelen is de eerste stap op weg naar genezing. Al wat is, is oké, jouw ziel zou nooit zo mooi geworden zijn, zou nooit zoveel LIEFDE geworden zijn als je een perfect lichaam had gehad. Tranen bij Elvira, straling bij Myrna, brazas en knuffelen. Jeetje wat is ze mooi! Tja de ware leermeesters komen nog steeds via de achterdeur…

Elvira stelt voor om naar Gerda te gaan. Ze heeft je nodig, zegt ze. Terwijl ze vertelt weet ik dat Gerda zich klaarmaakt voor haar reis naar het licht… Twee dagen later wordt ze opgenomen in het ziekenhuis. Ruim tien jaar geleden namen ze me mee naar Gerda. Een spiritueel leermeester die een auto ongeluk kreeg en in een klap compleet invalide en volledig afhankelijk werd. Ik wijdde haar in. Zag haar strijd en we spraken over de zin ervan. Ze begreep het en accepteerde het volkomen…. in haar hoofd. Ze vertelde het volgende: Elk oudjaar trok ze een medicijnkaart: voor haar ongeluk was dat de vleermuis op haar kop: De vleermuis staat voor dood en wedergeboorte: de dood van het ego – dit kan ook de fysieke dood betekenen! Het oudjaar na het ongeluk trok ze weer de vleermuis, dit maal rechtop: de wedergeboorte van de sjamaan, de wedergeboorte in het licht. Mijn God wat een opgave voor een vrouw met een spirit als Gerda!

Ik gaf haar een scarabeetje uit Egypte. Op de een of andere manier voelde ik nadien dat ze niet echt open was voor het contact. En nu ineens sta ik naast haar bed en voel me zeer aangeraakt door haar schoonheid. Zo fragiel, zo mooi: Ziel straalt in alle opzichten door het lichaam. Ze is zo blij me te zien. Elvira had mijn vredesboodschap doorgestuurd en Gerda bedankte me persoonlijk per e-mail en voelde zich opnieuw verbonden. Ze vertelt me dat ze klaar is om te gaan. Ze vertelt over het scarabeetje, ze heeft het nog steeds. Gerda gaf het nooit op: met allerlei hulpmiddelen geeft ze schilderles vanuit haar rolstoel en bedient ze, volledig verlamd, de computer. Intense liefde en eindeloos respect stromen vanuit mijn hart. Mededogen is niet voor lafaards, mededogen is durven voelen wat jij voelt, durven ervaren wat die ander ervaart en toch niet mee gaan lijden!

Met de belofte om terug te komen nemen Elvira en ik afscheid, we gaan zwemmen bij de Vaarsenbaai, heerlijk verfrissend dat azuurblauwe water, terwijl de schoonheid van het spectrum onder je doortrekt. Het valt me onderweg op hoeveel luxe winkeltjes er zijn gekomen. Zelfs de grote Amerikaanse supermarkten ontbreken niet. Ik vergaap me aan de dure auto’s, dit ken ik helemaal niet! Tegenstrijdig wetende dat door de slechte economische situatie 70.000 van de 180.000 eilandbewoners naar Nederland vertrokken zijn. De drughandel zorgt dat de winkeltjes floreren, zonder die drughandel is Curaçao bankroet. Vele huizen staan leeg, anderen zijn niet afgebouwd. Deze laatste zijn gebouwd van drugsgelden. Niemand zal het in zijn hoofd halen een dergelijk huis te betrekken. Bang als ze zijn voor de slechte vibraties.

‘s Avonds komt Joceline, de prachtige voorvechtster van onafhankelijkheid en eigen identiteit. Er is een intense liefde en wederzijds respect tussen ons. Joceline is van het zeldzame soort, je mag haar of je hebt een hekel aan haar… We kletsen bij met zijn drieën, heerlijk. Joceline geeft haar ongekleurde visie op het hele wereldgebeuren. Hoewel ze veel beter ingewijd is in politiek dan ik, is onze visie dezelfde: deze situatie geeft ons allen de mogelijkheid om een turning around te maken: de westerse wereld, het hoofd, mag ophouden om alles wat niet westers is naar haar hand te willen zetten. Angst om de controle te verliezen lijdt naar machtsmisbruik. Met vingers blijven wijzen, meteen in de actie gaan, betekent lekker niet naar jezelf hoeven te kijken. Het is tijd om bruggen te slaan. Bruggen van liefde. Het is tijd dat het Westerse hoofd zich verbindt met het Oosterse gevoel. Dan brengen we deze twee ‘culturen’ samen in het hart en kunnen we leven vanuit harmonie en wederzijds respect. Nou wij gaan ervoor, we verbeteren de wereld door aan onszelf te blijven werken. Door te DURVEN onderscheiden, zonder te oordelen!

Joceline vroeg zich af waarom dit alles gebeurde op 11 september. Totdat ze ontdekte dat op 11 september 1973, precies 28 jaar geleden, een volledige Saturnus-cyclus, Allende in Chili ten val werd gebracht met behulp van Amerika…

Welkomsttelefoontjes, opgaven voor de workshop en dan belt Marlene uit St. Maarten. Ze heeft drie maanden geleden mijn boek meegenomen vanuit Nederland en begon pas afgelopen week te lezen… Ze is helemaal ontdaan: hoe kun je zo’n boek geschreven hebben Yasmin, wat zo past in deze tijd, in deze situatie. Het lijkt wel of je wist wat er ging gebeuren. Het is zo ongelofelijk toepasselijk en zo ondersteunend in deze tijd… Ik begrijp inmiddels heel goed waarom Giri en ik al onze energie mogen wijden aan dit boek. Waarom het bij de niet insiders zoveel weerstand oproept, terwijl de lezers het unaniem fantastisch vinden. Liefde is moeilijk toe te laten, het is veel makkelijker om een wereld, om een media van geweld in stand te houden om ons te laten geloven dat dit realiteit is. Als ik zie hoe ENG eenzijdig hier de Amerikaans berichtgeving is, dan begrijp ik waarom velen zich achter Amerika scharen en schreeuwen om wraak, afschuwelijk! Alsof er niet een stroom van liefdevolle acties plaatsvindt! Ik weet al jaren dat positieve berichtgeving niet gehonoreerd wordt. Het bolwerk achter de media is niet gediend met vrede…

Marlene wil naar Curaçao komen voor de cursus. Helaas heeft ze dan geen vakantie. Ze gaat onderzoeken of er mogelijkheden zijn in St. Maarten zelf. Ja, als je flexibel bent is alles mogelijk.

Curaçao – vervolg

Vrijdag 28 september

Samen met Jeltje en ElviraVandaag gaan we demonstreren op Otrabanda. Daar is een nieuwe tent geopend met de naam: ‘West Indisch Compagnie’, onder het motto: Laten we de glorie van het verleden terughalen! Deze compagnie bracht in het verleden de slaven naar Curaçao. Dom of onwetendheid, laten we het maar op het laatste houden…


Zaterdag 29 september

Dom dus! Het verleden moet maar eens voorbij zijn vinden de blanke eigenaars van het restaurant. Dat kan dan wel zo zijn, maar dan moet je wel eerst de pijn hebben doorvoeld. Wanneer dit niet gebeurd is, is er geen loslaten mogelijk. We gaan deze morgen terug voor een verder gesprek. Jeltje, Joceline, ikzelf en anderen zitten samen met de eigenaars rond de tafel. Ik voel bewondering voor de manier waarop Joceline dit aanpakt. Dat kan alleen maar respect oproepen bij de tegenpartij. En dat gebeurd ook. Deze hele affaire staat dagenlang in de publiciteit. Radio, televisie, kranten, iedereen bemoeit er zich mee. Maar mijn rol is uitgespeeld. In eerste instantie wordt de naam veranderd in ‘De Compagnie’. Ook dit wordt niet geaccepteerd. Dan gaan de eigenaars overstag en vragen zij de demonstrerende partij om een creatieve nieuwe naam te bedenken. Dit vreugdevolle besluit wordt gevierd met een culturele avond waarbij vele plaatselijke artiesten optreden. Het aangaan van deze confrontatie heeft gemaakt dat twee tegenovergestelde partijen bereid waren om naar elkaar te luisteren. Het heeft uiteindelijk aan beide zijden meer begrip gebracht en het resultaat is tenslotte meer wederzijds respect en meer eenheid. Zo kan het dus gaan wanneer beiden partijen bereid zijn om naar elkaar te luisteren en elkaar te ontmoeten, prachtig!

Die zondag ga ik met Jeltje in alle vroegte naar haar speciale plek: Choloma. Wanneer we de heuvel opklimmen wordt in aangeraakt door een diepe emotie. Twee prachtige valkachtige roofvogels zitten op een enorme cactus en we kunnen hen naderen zonderen dat zij wegvliegen. Ze steken koninklijk af tegen de strak blauwe hemel. Het is een vorstelijk stel. Vanaf deze plek kunnen we een groot deel van het eiland overzien. Later zwemmen we in het zilte binnenwater. Mijn dag kan niet meer stuk! Gelukkig maar, want die avond heb ik een pittig gesprek met iemand die op dit moment alles behalve in haar eigen kracht staat. En wat doen we als we niet in onze eigen kracht staan? Juist ja, we geven de hele wereld de schuld van onze ellende, zonder dat het zelfs maar in ons opkomt dat we dit wel eens zelf gemanifesteerd zouden kunnen hebben!

Maandag 1 oktober

Met Elvira en Jeltje gaan we naar Emaus – de plek waar ik de workshop ga geven. Prachtige plek, maar hoewel we een afspraak hebben met zr. Diana is ze er niet. Ik kan het niet geloven, ze heeft zich zo op onze ontmoeting verheugd! Later blijkt dat ze het verkeerd in haar agenda heeft staan. De overige zusters spreken geen Nederlands maar de taal van het hart begrijpen ze volkomen en knuffelen daar houden ze ook wel van! Op weg naar huis ‘redden’ we twee pasgeboren geitjes van een wisse dood door ze terug de knoek in te jagen. Ze zijn prachtig.

Dinsdag 2 oktober

Jeltje en ik gaan zwemmen en maken ons klaar voor de lezing die avond in de bibliotheek. Elvira gaat Irma van het vliegveld halen. Het is erg rustig, zo’n 20 mensen, waaronder mijn lieve Eddy. Knuffelen dus. De energie is gaaf. Irma is laat vanwege gedonder in het vliegtuig. Later hoor ik dat dit ook bij de vlucht van de ALM het geval was. Ik vraag me af hoe dit in godsnaam kan op een dag? Maar natuurlijk, het is vandaag volle maan. Elke dag worden er 10 tot 15 mensen opgepakt vanwege de cocaïnesmokkel. En aangezien ze niet voldoende capaciteit hebben in de gevangenis, moeten ze het merendeel laten gaan. We gaan gedrieën wat drinken bij Avila-Beach. Heerlijk vertrouwd.

Woensdag 3 oktober

We staan vroeg op, brengen Jeltje naar school en gaan samen naar de beach. Dat is de beste anti-jetlag ook voor Irma. Om 11.00 uur heb ik een interview met het Algemeen Dagblad. Een schitterende meid met een open houding levert uiteraard een open gesprek op. Verder gaat het er op lijken dat ik naar St. Maarten zal gaan, dus proberen we de vlucht om te boeken.

Donderdag 4 oktober

Elisabeth haalt ons op voor de indianenroute. Dat wordt puur genieten! Op deze verborgen oude plekjes komen geen toeristen, dus qua energie zijn ze erg gaaf gebleven. Irma en ik hebben soortgelijke intense flashbacks en ervaringen…

Vrijdag 5 oktober

Om 8.00 uur heb ik een interview bij radio Hooyer. Sonia begroet me als een oude bekende en vertelt me dat ze me ruim 11 jaar geleden bij mijn eerste bezoek aan het eiland interviewde over Reiki! Ze is ontzettend open en een half uur lang stroomt mijn boodschap van pure liefde de wereld in. Te laat voor de workshop maar het is het zaad wat nu gezaaid mag worden, nu op dit moment en wat ongetwijfeld op de juiste tijd en de juiste plaats wortel zal schieten.

We doen boodschappen en kopen het Algemeen Dagblad. Het interview staat er in haar volle glorie in. Het is een van de krachtigste interviews tot nu toe. Zo mooi, zo open!

Elvira haalt Irma en mij op zodat we op tijd bij Emmaus zullen zijn. Onderweg stoppen we bij boekwinkel Harmonia en ontmoeten, juist ja, Zr. Diana! Er wordt uitgebreid geknuffeld. Ze is echt heel erg mooi en bedankt me voor alle positieve vredesboodschappen die ze in haar e-mailbakje vond! Ik heb het gevoel dat ik haar al jaren ken.

We starten die avond met elf prachtige vrouwen. Alles mag en alles kan. Ik kan eten wanneer ik dat wens. Ik mag herrie maken. We krijgen het meest verrukkelijke vegetarische voedsel en de groep gaat vrij eenvoudig de stilte in. Er is maar een probleem. De hitte. Het is niet alleen de heetste tijd van het jaar, het is heet voor de heetste tijd van het jaar…

Maandag 8 oktober

Het is een intense driedaagse en als altijd is het prachtig om mensen zo te zien veranderen: sommigen schieten eerst in de weerstand en uiteindelijk naar de volledige overgave te gaan. Hoe ontroerend, steeds opnieuw. Om 9.00 uur ronden we de groep af met een kleine ceremonie. Patrice vraagt wanneer ik terug kom. Spontaan en zonder na te denken zeg ik dat ik er met carnaval weer zal zijn. Op datzelfde moment krijg ik een impuls die ik met de groep wil delen: ik vertel dat ik een aantal pogingen heb gedaan om iets in de gevangenis te gaan doen. In Nederland blijkt dat absoluut onmogelijk. Maar misschien is hier een mogelijkheid, ik wil het gewoon delen met jullie, je weet maar nooit…

De groep gaat huiswaarts, wij gaan zwemmen bij Playa Lagun, een echte vissersbaai, daar waar ik zeven jaar geleden logeerde toen ik mijn Reikistuk kwam afsluiten! Zeven jaar is een cyclus, de cirkel is rond, het nieuwe mag gezaaid worden. Wanneer we eindelijk thuiskomen is er al meerdere malen voor mij gebeld: Joyce van het afkickcentrum Brasami wil me meenemen naar de gevangenis, nu meteen, morgen dus!!

Dinsdag 9 oktober

Joyce komt Irma en mij ophalen. Ze vertelt dat ze gisteren met Marlene – de vriendin van Irma – aan het praten was over haar project in de gevangenis. Ergens was ze enthousiast en tegelijkertijd miste ze iets. Marlene reageerde onmiddellijk: ‘Ik weet wat je mist: je hebt Yasmin nodig…’ Om 9.00 uur stoppen we voor de gevangenis. Na het inleveren van mijn rijbewijs en een strenge controle worden we doorgelaten. Het zou ongelooflijk zijn als ik niet zo sterk geloofde in het feit dat alles wat onmogelijk lijkt mogelijk kan worden – want ook hier kom je normaal gesproken niet binnen! Vandaag gaan we naar de vrouwen, de drugskoeriers. Elke dag worden er 10 tot 15 gepakt. Ze smokkelen cocaïne naar Nederland in de vorm van bolitos: cocaïne verpakt in condooms wordt ingeslikt. Wanneer de bolitos springen gaan ze dood. Zo’n transport kan echter 20.000 gulden opleveren. Erg verleidelijk als je kinderen hebt die je alleen op moet voeden. Van de 20 vrouwen wonen er 18 in Nederland.

Ik schrik van de houding van de bewakers, waar heb ik dat eerder gezien? Eenmaal door die afgeslotenheid heen, bij de gevangenen zelf, zie ik pure schoonheid. Ik zit bij de les van Joyce en Yatsuri en geniet van de interactie tussen hen en de vrouwen. En af en toe doe ik op verzoek mijn duit in het zakje. Ik ben direct en zeer open. Spreek ze aan op hun eigen verantwoordelijkheid. Zeg dat ik geen medelijden heb, uiteindelijk heb ik dit niet uitgevreten. Ik voel wel met ze mee en voel me ook geen spat beter of slechter. Begrijp als moeder volkomen waarom ze zo handelen. Maar tegelijkertijd zet ik ze aan het denken: door jouw kinderen een extra’s kans te willen geven help je zoveel anderen kinderen aan de cocaïne. Is dat wat je wilt? Zijn we niet verantwoordelijk voor alle kinderen? Zijn niet alle kinderen onze kinderen? Ze schrikken eraf. Daar hebben ze niet over nagedacht.

Ze openen zich als bloemen welke de honing opzuigen. Na de afsluitronde ga ik – dwars tegen de regels in – twintig mooie vrouwen knuffelen. Ze laten het helemaal toe, ik heb zelden zo’n openheid gevoeld. Een van de vrouwen krijgt een enorme huilbui, wat een ellende torsen zij met zich mee. Ik krijg, uitzonderlijk genoeg, een cel te zien. De bewaking maakt me echter niet blij. Er is geen enkele vorm van communicatie tussen hen en de vrouwen. Opnieuw vraag ik me af wie de kip is en wie het ei. Wie moet er eigenlijk in therapie? Hoe dan ook, dit is waanzin. Legalisering van de drugs zou deze ellende grotendeels de wereld uit helpen. Maar zolang er een aantal kopstukken zich enorm verrijken aan deze situatie zal dit ongetwijfeld niet gebeuren. En dat zijn de uiteindelijke criminelen, die mensen die achter dit alles zitten en dit in stand houden.

Niet deze vrouwen, dat zijn maar kruimeldieven.

Marcel, de directeur van het afkickcentrum Brasami, Joyce, Yatsuri, Irma en ik gaan samen lunchen. We zitten uren later nog in het restaurant. Marcel en de vrouwen laten zich in alle openheid aan me zien, ze willen niets liever dan me wat langer hier houden. Maar om een aantal zaken te regelen hebben we meer tijd nodig. Oké, februari dan, dat vibreert beter voor beide partijen. Maar alsjeblieft Yasmin, wil je morgen niet een paar uurtjes komen, we hebben jouw energie hier zo hard nodig! Graag, ik laat in liefde alle leuke uitstapjes los en ben er helemaal voor jullie morgenvroeg.

Het dagje met Obbey is in het water gevallen, maar om 16.00 uur neemt hij ons nog een paar uurtjes mee door het andere Curaçao, dat wat de toerist niet wil zien. Tussen de rijke hotels en de enorme weelde aan nieuwe supermarkten en Amerikaanse winkelcentra vind je de stinkende armoede, de criminaliteit en de drugsverslaafden. Hier kun je beter alleen en ‘s avonds maar niet komen. We genieten later van een prachtige zonsondergang aan de kust.

Amy uit Aruba is onverwacht op het eiland. Ze wil me dolgraag zien en dat gebeurt dezelfde avond. We genieten van elkaar met volle teugen. Wat een aangename verrassing. Ze wil me heel graag in Aruba zien in februari.

Woensdag 10 oktober

Om 8.30 uur staat de auto van Brasami, wat omhelzing betekent, voor. Maximo, de chauffeur is een ex-verslaafde en erg mooi. Hij is trots op zijn ‘vader’ Marcel. Ik word warm ontvangen in het instituut en de ruimte is al klaar gemaakt. Marcel heeft bedacht dat ik met 2 groepen iets moet doen. Ik werk anderhalf uur met een vrij grote groep en anderhalf uur met een kleinere. Er komt een krachtige stroom van hartenergie vrij. Er is een gretige openheid, zo’n prachtige bodem om te zaaien. Ze zijn zo dankbaar. Maar ik, ik voel me bevoorrecht dat ik hier mag zijn, mag delen en mag ontvangen. Het voelt alsof ik terug ben in Zuid Afrika! De zes boeken die ik bij me heb ben ik in een mum kwijt. Ik heb nauwelijks nog wat over van mijn vijftig boeken voor St. Maarten. Marcel en Yatsuri nemen me mee naar de beach, waar we lunchen in een echt Antilliaans restaurantje, heerlijk. Daarna maken we plannen voor februari. Marcel wil alle betrokken organisaties gaan bundelen, van het afkickcentrum, tot de psychiatrie en de gevangenis. Het lijkt me te gek om met zo’n combinatie te werken! De gevangen krijgen aandacht genoeg voorlopig. Hij geeft me een check voor deze morgen. Ik schrik ervan, ik deed dit niet voor geld. ‘Yasmin wat je ons hebt gegeven is met geen geld te betalen’. Marcel, dat kan wel zijn, maar wat ik hier mocht ontvangen, is van even zo grote waarde. Jij Marcel bent een voorbeeld waar ik van kan leren. Jouw geloof in deze mensen, verslaafden en werkers, stimuleert hen om in hun eigen kracht te gaan staan. Je gelooft in wat je doet en het resultaat mag er zijn. Er is hoop voor de mens die echt af wil kicken!

Ik word thuisgebracht door twee ex-verslaafden. Ik voel me volkomen op mijn gemak. Tijd om dingen te regelen. Joceline bedankt me omdat ik ben die ik ben en naar Curaçao kom zoals ik kom. Vanavond gaat Duhli voor ons koken, een afscheidsdinertje met mijn engelen. En morgen zullen Irma en ik in alle vroegte naar St. Maarten vertrekken.

Sint Maarten

Donderdag 11 oktober

Jeltje brengt ons naar het vliegveld. Daar zijn Marlen en Elvira om ons uit te zwaaien. Hans wacht ons op in St. Maarten. Marlene zit nog op school. Jeetje het is windstil en moordend warm hier. En ik dacht dat het al warm was op Curaçao. Poeh. Marlene komt thuis en Mary komt ons begroeten. Wat ik stiekem hoopte gebeurt: Marlene bevrijdt me van de pijn in mijn nek, restant van de evenwichtstoornissen na een fatale spuit. De ondraaglijke pijn in mijn nek welke deze weken tot een hoogtepunt kwam, wordt in een klap draaglijk, godzijdank! Maar er is meer dan dat. Het weerzien is zo warm, zo liefdevol. Ze zijn echt blij dat ik er ben. Meer nog, ze zijn ervan overtuigd dat ik er MOET zijn, ook al is er niets veranderd in het aantal voor de workshop: er zijn maar 4 deelnemers. Maar wat maakt het uit. Ik hoor hier te zijn, dat is wel duidelijk. Hoe anders voelt de energie als tien jaar geleden, toen ik voor de eerste keer hier kwam. Vier jaar later raasde de eerste orkaan over St. Maarten. Het was pure vuurkracht. De daken vlogen over het eiland. Geen blad stond er nog aan de boom. Nauwelijks een jaar later kwam de tweede, minstens even heftig, gepaard gaande met een enorme wateroverlast. Het waterelement waste de restanten welke nog overgebleven waren na het vuur, weg. Het eiland was schoon en kon verrijzen. Dat was echter niet het einde, vier andere orkanen volgden. Zes in zes jaar, maar gelukkig veel minder heftig. Dit is het eerste jaar dat er geen orkaan is geweest, maar het seizoen is nog niet voorbij.

Die middag, na het heerlijke vegetarische voedsel, gaan we de berg op. Irma en ik krijgen de beschikking over het huis van een van mijn oude Reikistudenten. Ze is op dit moment op Curaçao. Een frisse wind waait om onze oren. Het is hier heerlijk, nou dat zal wel uit te houden zijn. We hebben prachtige adembenemende, ja in de morgen zelfs mystieke uitzichten op St. Barth. Negen jaar geleden nam een van mijn Reikistudenten me op een catamaran mee naar dit prachtige eiland. Het was windkracht negen. De golven sloegen over ons heen. Maar ik wist inmiddels na mijn ervaringen op Curaçao hoe ik het ritme van het water kon worden. Ik werd niet zeeziek! Irma voelt zich onmiddellijk thuis, dat is overduidelijk! Aan de andere kant van het huis kijken we op Guana Bay. Daarachter ligt mijn lievelingsplek: de ruige inham die Flip me liet zien toen ik de eerste keer bij hem logeerde. Op die berg heb ik zeven-en-een-half jaar geleden, toen ik terug kwam om Marlene als meester in te wijden en het Reikigebeuren hier af te sluiten, afscheid genomen van Flip die inmiddels overleden was, maar ook van mijn dierbare vriend Everhard! Daarmee bevrijdde ik mezelf van mijn laatste gehechtheid en kon ik later volledig aanwezig zijn bij zijn sterven.

Ik heb nog een interview bij de Daily Herald. Het stelt niets voor, maar wat maakt het uit. We doen boodschappen voor de komende dagen, want we zitten echt geïsoleerd. Marlene en ik zitten hand in hand in de auto en hernieuwen onze doopbeloften…

Het huis zit potdicht. Greta woont hier alleen en er is zes keer ingebroken in zes jaar. Ik word gek van al die deuren die op slot zijn. Maar uiteindelijk begint alles te ademen en te stromen. Het voelt steeds meer als een heerlijke plek.

Vrijdag 12 oktober

Mary komt op bezoek met de nodige aanvullingen voor ons menu. Verder maken we alles klaar voor die avond. Het begint steeds harder te waaien. Dit keer wordt het geen interne cursus. Opnieuw wordt er een stuk flexibiliteit gevraagd. De stilte zal ik maar loslaten en verder zie ik wel wat echt van belang is. Uiteindelijk zal iedereen toch datgene krijgen wat zij nodig heeft.

Ik zie die avond ook Rian terug. Kort na de laatste keer overleed haar man. Ze is dolblij om me te zien, ze vertelt dat ze de kristal die ik haar gaf elke dag gebruikt. Deze dingen hoor ik regelmatig, maar ook dit keer weet ik van niets!

Het weer wordt gedurende deze dagen steeds ruiger en af en toe waaien we bijna de berg af. De activiteiten verschuiven naar binnen. De vrouwen stappen er helemaal in, met een enorme overgave en een diep vertrouwen. Ik ben verbaasd over zoveel toewijding. ‘s Avonds gaan ze naar huis en ‘s morgens zijn ze er weer. Barbara vertelt over haar 11 kinderen van verschillende vaders en moeders. Ze is een bewonderenswaardige vrouw, een oermoeder. Dansen, ademen, oefeningen en mediteren en toch is er ook soms die spontane stilte.

Het weer is vermoeiend, de atmosfeer is drukkend. Gelukkig is er hier meer koelte, ook al blijft het rond de 35 graden.

Maar die zondagmiddag is iedereen werkelijk herboren. Met verbazing heb ik geluisterd naar de ervaringen waar de mensen doorheen gingen. De pijnen die voorgoed zijn verdwenen. De openheid, het nieuwe voelen. De harten zijn open, Christus kan zijn werk gaan doen! Prachtige vrouwen, oude sjamanenzusters zitten in de cirkel, zes stuks. De honden ruiken het. Ze worden weer levend en speels. Het huis ademt een andere sfeer uit. Het is gewoon goed.

Maandag 15 oktober

Vandaag gaan we een dagje met Marlene en Mary naar het Franse deel van het eiland. Het eiland is prachtig groen. De flamboyant staan ook hier weelderig in bloei. Wat een schoonheid! We lopen over dezelfde markt dan de laatste keer, zeven-en-een-half jaar geleden. Werkelijk niet te geloven, ZO lang geleden. We eten in een Antilliaans restaurantje, gerund door vrouwen. Heel veel werk wordt ook hier door de vrouwen gedaan. Veel mannen lopen rond met een fles bier in hun hand. ‘s Avonds is er tijd om lekker op de bank te liggen en heerlijk te lezen – buiten is het te ruig. De televisie en andere dingen zijn gestolen en ook hebben we geen telefoon. Maar televisie daar ben ik niet aan gewend en Mary heeft ons voor noodgevallen haar celphone geleend. We kunnen niet gebeld worden, maar zelf bellen als dit nodig is.

Dinsdag 16 oktober

Giri en Annemie staan vandaag op het Lichtcirkelcongres in Nederland met mijn boeken en affirmatiekaarten. Ze hebben ongetwijfeld een geweldige dag! Wij hebben hier ruimte om onze oefeningen te doen, te dansen en te mediteren. Wat een heerlijke start van de dag. Zwemmen moeten we helaas vergeten. De onderstroom is te sterk en het water te ruig. Maar vandaag gaan we naar mijn speciale plekje. Ik ben als eerste bij het water en klauter over de keien. Wat een energie, de ruigheid van de kust, de immense golven, de energieconcentraties, ongelooflijk. Flip had een goeie afstemming, dat is zeker! We klimmen de berg op. Prachtig met al die bolcactussen. Ook deze kleine vruchtjes zijn eetbaar. Mijn dag is volmaakt. Ik ben helemaal tevreden en hoef nergens meer heen. Marlene kookt verrukkelijk voor ons en het is heerlijk op haar plek nu de wind zich laat horen en verkoeling brengt. Ik geniet in de hangmat van onze filosofische gesprekken.

Ik voel me volmaakt gelukkig. Voor het eerst zie ik het programma van Opray Winfrey. Al meerdere keren suggereerde men dat ik in haar programma moest. Mocht dit ooit gebeuren dan weet ik in ieder geval hoe ze eruit ziet! Daarna is er ineens het Nederlandse nieuws. Een van onze ministers ontvangt een grootheid uit Amerika. Wouw Nederland je doet het goed. Je formuleert een mening en durft ervoor te gaan staan, geweldig. Ik ben blij dat we niet klakkeloos achter de besluiten van Amerika aandraven. Mooi om te zien! Deze Amerikaan zit stik vol angst. En in plaats dat hij luistert en binnen laat komen wat er tegen hem gezegd wordt, kan hij niet ontvangen en veegt hij alle argumenten van tafel. Angst maakt helaas stekeblind en liefde maakt dat je kunt zien. Dat is wel duidelijk.
We mediteren ‘s avonds voor we gaan slapen.

Woensdag 17 oktober

Om 5.30 uur ben ik op en geniet van een prachtige zonsopgang. Onder het dansen zie ik dat het regent. Dan moet er dus ook ergens een regenboog zijn. Jawel hoor, een hele regenboog, een dubbele zelfs. Wouw, wat een geschenk – de regenboog verbindt alle culturen – alle rassen. Ik hou mijn adem in.

Om 9.00 uur komt Marlene ons halen. Even wat praktische zaken regelen en dan krijg ik mijn verwendag. Ik krijg een gezichtsbehandeling met zoveel liefde dat ik me de koningin zelf voel. Daarna worden mijn voeten door Mary gemasseerd. En dan staat er weer iets heerlijks op tafel! Ik neem afscheid van Hans en we worden naar huis gebracht. Even een tukkie doen en dan alles voorbereiden voor deze laatste afscheidsavond. Ze komen allemaal, ook Liz. Ieder brengt iets te eten mee. Het is een overvloedig buffet met een heerlijk toetje wat mijn naam draagt. Grappig om te merken dat Liz haar energie zo anders is dan van degenen die deelnamen aan de cursus. Ze wil maar weten wat ik doe en als ik zeg dat ik gestopt ben met Reiki en niet langer meer een doe-er ben maar min of meer een ‘zijner’ met als enige ‘gereedschap’ een open hart en een rugzak vol inspiratie, is ze daar niet echt tevreden mee. Afijn, ik ga uiteindelijk gewoon lekker dansen. Het gezelschap geniet van het kijken, maar Liz danst met me mee. Wanneer ik naar haar kijk realiseer ik me dat ze nog steeds zoekende is, ze heeft het nog steeds niet gevonden, wil liever ‘vliegen’.

Er zijn drie manieren om in het leven te staan op dit moment:
  • Je wilt gaan hemelvaarten – oftewel je zou deze realiteit willen ontvluchten.
  • Je leeft vanuit angst en probeert tegen de verdrukking in de controle over anderen en over jezelf
    niet te verliezen, je houdt de touwtjes krampachtig in handen.
  • Je opent je hart, leeft vanuit die openheid en transformeert angst naar liefde. Steeds opnieuw verbind je jezelf met jouw innerlijke staat van vrede. Je wordt en leeft datgene wat je bent: innerlijk harmonie. Je bent toeschouwer. Je bent in de wereld maar niet langer van de wereld. Eenvoud is de sleutel en je hebt nauwelijks meer iets nodig om gelukkig te zijn.

– Voor dit laatste is MOED nodig. Maar zeg nou zelf, meer keuze is er niet!

De nachten zijn vol tropische geluiden. De salamanders, de krekels, de wind, ook zij zingt haar lied. Alles ademt een sfeer van devotie. De honden genieten al evenzeer als wij. Wat een prachtige open plek nu de sloten ontsloten zijn!

Donderdag 18 oktober

Ik ben weer vroeg op en geniet in alle stilte van het prachtige wolkendek, de lucht die begint te kleuren van zacht roze tot rood, tot de zon haar kop boven de zee uitsteekt. Het wordt voor het eerst weer een zachte zonnige dag. Allerlei gezichten vertonen zich in de wolken en tegen de bergwand. Na ons ochtendprogramma genieten we van het laatste fruitontbijt op het balkon, dat kan weer vandaag zonder eraf te waaien. We ruimen het huis op, brengen het terug in haar voormalige staat. De boel gaat weer op slot. Ik ben nauwelijks klaar met het afscheid nemen van de plek, als Marlene en Mary er zijn om ons naar het vliegveld te brengen. De vlucht heeft een uur vertraging weten ze ons te vertellen. Dus drinken we koffie op het vliegveld. Ik voel voor de zoveelste maal hoe verbonden ik me voel met Marlene en Mary, maar ook met Barbara en Rian. Ik neem deze week, dit speciale geschenkje als een kostbaar kleinood mee in mijn hart. Het netwerk krijgt meer en meer haar onzichtbare vorm…

In Curaçao mogen we het vliegtuig verlaten. We vliegen met extra bewaking. Maar ik voel me volkomen veilig, er kan ons immers niets gebeuren. Marlene heeft voor prachtige plaatsen gezorgd. Op het vliegveld zie ik een eenvoudige man in trainingspak met een prachtige uitstraling. Ik vertel hem hoe mooi ik hem vind. Hij begint nog intenser te stralen, vraagt onmiddellijk waar ik woon en of ik alleen woon. Eens komt er een tijd dat mensen gewoon durven te ontvangen, zonder iets te ‘moeten’. Tot die tijd blijf ik rustig bezig met verspreiden als ik voel dat ik dat moet doen.

Vrijdag 19 oktober

Om half twaalf zijn we op Schiphol. De hasjhonden komen al de sluis in. Het is om te grinniken, wat een mop. Mijn nagelschaartje moest ik achterlaten in Curaçao. Ik kan er nog geen nagels mee knippen, laat staan van… Giri staat op ons te wachten. Irma neemt de Schiphol-taxi. Wij gaan eerst koffie drinken en bijkletsen en nemen daarna de trein. Gezellig. Giri heeft kruidkoek gebakken en hij deelt koek uit in de trein. Niemand wil, ja toch, een meisje komt terug op haar besluit en geniet van haar koek. We zijn hier niet meer gewend om met elkaar te delen. Maar het blijft een mooie gewoonte, dat is zeker.

De weergoden zijn genadig. Het weer is zacht en zonnig. Die zelfde middag zit ik nog tegen mijn boom. Heerlijk. De eerste grote rode paddenstoelen staan daar in volle glorie. De volgende dag fietsen we naar de markt. Komen zussie Nga tegen uit Vietnam en moeten onmiddellijk koffie komen drinken. Wat een heerlijk gezinnetje! Heerlijk om nog even te kunnen genieten van de mildheid van het weer voordat de winter haar intrede doet.

Ik voel me goed, ik voel me stevig. Het voelt alsof het proces van Zuid Afrika zich verdiept heeft…

Nawoord

Vandaag, 22 oktober, krijg ik een mailtje uit Curaçao. Alle bewakers van de gevangenis zijn ontslagen nadat er vier mannen zijn ontsnapt! Jeltje, je zult ongetwijfeld zeggen dat ik dit alles op mijn geweten heb, net als het beeld van de televisie dat ineens in elkaar kromp. Maar geloof me, eerlijk, ik heb hier niets mee te maken…

Om Shanti,
Yasmin

India – mijn moederland

India – mijn moederland

Ik verblijf een week op Alandi en volg een workshop tampura spelen bij de Dagarji-brothers uit India. Ze hebben een beroemde Pakawaj-speler meegebracht. Zijn naam is Udhav en zijn spel is adembenemend. Tijdens een van de sessies heb ik sterk het gevoel dat Udhav voor mij speelt. Die middag sta ik in het halletje en hij staat boven aan de trap. ‘Ik spelen voor jou’, zegt hij. ‘Jij naar India komen…’ En zo gebeurde het…

Mumbai – 25 januari 2001

Mijn aankomst op 25 januari in Bombay, het tegenwoordige Mumbai, vindt plaats in de vroege morgen. Alleen de ratten zijn nog op straat wanneer ik met de straattaxi bij het Isckon Hotel – de Hara Khrishna aankom. Ik geniet van de devotie in de tempel, van de lunch met Anjana, een bijzondere vrouw en Reikimeester. Tevens de eerste vrouw die ik in India tegen kom die zelf haar auto bestuurt. Ik geniet van de rit met de lokale bus door Bombay naar een groot meester: Ramesh Balsekar, die dezelfde lessen verkondigt welke ik, in alle eenvoud, dagelijks in de praktijk probeer te brengen. Ik geniet van het strand en de laatste viering van de Hare Krishna’s in de werkelijk prachtige tempel. Van mijn chai op straat. Het contact met de armen die in krotten wonen. Helaas, na twee dagen moet ik het hotel uit, het is voorlopig volgeboekt…

Diezelfde zondag vindt er een gebeurtenis plaats die de hele wereld zal schokken: de aardbeving in Guyarat, welke het leven zal kosten aan meer dan 30.000 mensen…

Op naar mijn Dhrupad leraar in Puna die ik leerde kennen op een Drupad-workshop bij Alandi in Nederland, met de taxi en een smerige bus. Moet dat nog steeds op deze manier? Ja dus! Zit naast een prachtige moslim en weet dat het goed is…

Puna

Dagarji

Na een telefoontje in de shop van een alleraardigste shopkeeper die me thee aanbiedt, haalt Dagarji’s (moslim) zoon me op met de rickshaw en stationeert me bij mijn gastgezin voor de komende tijd: een Jain familie. De sfeer in huis is prima, het voedsel heerlijk en ik heb een eigen kamer, sober maar luxe voor hier. Ik bevind me in de middenklasse. In mijn ogen, vergeleken met mijn eigen levensstijl, is dit echter het rijke India.

Breng mijn dagen door met drie maal per dag te voet naar Dagarji te gaan, waar ik uren op de grond zit en noten herhaal: do – mi – do etc. Met een eindeloos geduld in een omgeving die vele malen minder rustig is dan ikzelf! Ik breng healing waar nodig, laat simpel mijn handjes wapperen en Dagarji is verbaasd over mijn niet westerse manier van ‘zijn’ en de rust welke ik ben en uitstraal.

Ik open een nieuw Universum in mezelf: het universum van de vier dimensionale klank…

Dan belt Udhav. Udhav speelt Pakhawaj en begeleidt Dagarji tijdens zijn concerten. In zijn 10 woorden Engels vertelt hij me dat hij me mee wil nemen naar Alandi. Okay, maar dan wil ik daar een paar dagen blijven.
‘Why not?’

Weet ik veel waar ik aan begin…

Die middag pikt Udhav, die ik samen met Dagarji heb ontmoet, in gezelschap van zijn prachtige vrouw Sandhya, zijn drie ‘broers’ en zijn twee mooie dochters, me op. Ze spreken, behalve hij, geen woord Engels. Ik voel me echter volkomen thuis, repeteer eindeloos namen en geniet van het boeiende straatbeeld onderweg: de plastiek hutten, de mensen noem maar op. Het echte India. O ja ik zou de koeien haast vergeten…

Alandi

onderweg naar dorp UddavNa ruim een uur rijden zijn we bij de ashram in Alandi. Meer een boerderijtje zoals bij ons zo’n 200 jaar geleden. En daar ontmoet ik een echt gerealiseerd mens. In alle eenvoud – in alle eenvoud…

Ik betoon mijn respect zoals gebruikelijk: kniel en raak de voeten aan van deze meester en breng mijn handen voor mijn hart. Zo groet je wanneer je meerderen bezoekt. Het zal hem trouwens een worst zijn. Hij is gewoon – heel gewoon. Niets beklijft nog aan dit mens.

De mooie monnik Bharat gaat als begeleider met ons mee en we bezoeken het tempelcomplex aan de heilige Indrarivier. Prachtig, ik ben eregast, krijg bloemenslingers, kokosnoten en tika’s en wordt met respect behandeld. Dat is het voordeel wanneer je in gezelschap bent…

Dan is er een fantastisch concert van tabla’s – fluiten en harmoniums. Ik zit eerste rang en geniet. Een vader naast mij knuffelt zijn zoontje. Het zoontje ziet mij, rent op me af en zeilt op mijn schoot waar hij zich volkomen thuis schijnt te voelen. Heerlijk!

Hand in hand loop ik met mijn nieuwe zuster, de vrouw van Udhav, op mijn blote voeten door het kolossale tempelcomplex. 1000en mensen zijn er voor darshan – 100en voor de yogalessen en nog eens 100en voor het concert. Sandhya zorgt voor mij met haar allesomvattende liefde en heeft me in gedachten reeds in een sari gekleed. Mijn panjabi is duidelijk niet goed genoeg!

Het wordt laat, erg laat. Udhav dropt me bij de ashram en stelt me gerust door te zeggen dat er ‘kamers’ zijn! Maharaj nodigt me uit op de harde eetkamervloer en ik krijg nog wat te eten. Ondertussen is mijn ‘bed’ gespreid op de lemen vloer in de stalachtige ruimte tussen de vrouwen en de niet monniken van de ashram en lig ik gekleed en wel op de keiharde en koude vloer mijn nacht door te komen. Volledig tevreden en volkomen helder en op mijn plek – daar waar ik op dat moment hoor te zijn.

Ashram

Het ochtendritueel in de kleine ashram start om vijf uur. Het enige optreden in het openbaar van Maharaj Guruji is een lezing om half acht. Ik zit erbij, luister naar de klanken van het Marathi en kijk naar de gezichten van de monniken. Een en al aandacht. Maharaj – Guruji: stilte in beweging. Zoveel schoonheid daar op die simpele troon, in die simpele dhoti met het kapotte T-shirt. Niets is er wat afleidt. Geen kaarsen, geen wierook, een simpele foto van de lineage aan de wal, niets. Wanneer de telefoon gaat neemt iemand die op. Maar de aandacht blijft – er is geen enkele verstoring…

Ik krijg mijn ‘privélessen’ onder onze gezamenlijke maaltijden in zijn simpele Engels. In mijn alles behalve perfecte Engels begrijp ik zijn boodschap volkomen. Want deze is volledig ontdaan van elk uiterlijk vertoon. Hijzelf is de boodschap geworden en snuit zijn neus in zijn dhoti zoals iedereen, schraapt zijn keel, kwat buiten de deur op de grond en eet met zijn handen, de rechter wel te verstaan. De linker gebruik je hier namelijk voor andere doeleinden.

Ik lach veel. Een van de drie kwaliteiten van God is volgens hem vreugde. Dit laatste beaam ik volledig!

De levensstandaard hier is miniem. Zelfs de koeien zijn beter gestald bij ons. Maar de kwaliteit van leven is hoog, grenzeloos hoog. Ieder slaapt in zijn kleding -neemt ‘s morgens een ritueel bad en verder brengt ieder de lessen van die dag in de dagelijkse praktijk, de natuur hierbij als leermeester gebruikend!

Iedereen is God

‘You are That’, zegt hij tegen mij. Yes, ik begrijp dit. ‘Iedereen en alles is God’. Ja ik weet wat hij bedoeld. Het zijn immers uitsluitend onze gedachten die een scheiding teweeg brengen.

De vrouwen nemen me die avond mee naar de tempel. We kunnen geen woord wisselen, maar het voelt natuurlijk en vertrouwd. We gaan eerst op theevisite. De vrouw kent een woord Engels, ze noemt me ‘sister’. Dan krijg ik weer die speciale behandeling in de tempel, de bloemen etc. Hoeft niet echt voor mij, maar als ik zie hoe de priesters stralen… Ze zien hier immers zelden een blanke…

Er is plaats voor iedereen in de ashram. De hummel van de wasvrouw heeft evenzeer haar eigen plek als het stokoude vrouwtje wat met haar neus bijna de grond raakt. Ieder doet wat hij heeft te doen. En Guruji is daar als de vader van allen. Hij luistert naar de lessen van zijn discipelen en vult aan.

Wanneer alle sluiers van illusies verdwenen zijn dan blijft er alleen maar helderheid. En dat is hij: pure eenvoud en helderheid. Geen gedachten meer. Nog slechts dit lichaam wat handelt. Het handelt door het lichaam, Guruji handelt niet meer, Guruji is.

Die tweede avond zit ik naast een vrouwelijke student van hem op de lemen vloer. Zij spreekt Engels en mag af en toe zijn boodschap voor mij vertalen. Na het avondeten (we zijn met vieren: zijn directe leerlingen – de monniken eten in hun eigen ruimte) vertelt hij me dat ik een broeder die geen woord Engels spreekt zeer gelukkig heb gemaakt: ‘Hij werd helemaal blij door naar jou te kijken – je straalt zoveel vreugde en blijheid uit’. Ik ben geroerd. Zeg dat ik me heel dankbaar voel dat ik daar mag zijn. Hij zegt dat hij heel dankbaar is dat ik er ben…

Ik heb ‘gepland’ de volgende morgen terug te gaan. Heb een klein beetje een schuldgevoel naar Dagarji – wetende dat over twee dagen Udhav me opnieuw komt halen om me mee te nemen naar zijn dorp. Maar ook dat mag ik nog loslaten…

Guruji heeft duidelijk andere plannen. En ik laat het maar gewoon gebeuren. Dus ben ik die morgen, zonder enig verzet, weer bij de les. Wanneer ik na afloop mijn meester ga groeten, zegt hij in zijn Engels, terwijl hij me aankijkt met die schelmse ogen van hem: ‘Zo, de les van vandaag was dus: Er is maar één wil en dat is Gods wil’. Ik kijk even ondeugend terug en zeg dat ik het volkomen begrepen heb…

Ik waag we toch maar uit de kleren, neem mijn rituele bad en geniet van de stilte van de ashram. Ik heb volkomen mijn plek en niemand geeft me het gevoel dat ik teveel ben of wat dan ook. Mijn zijn hier lijkt voor ieder een vreugde, maar is dat vooral voor mijzelf.

Na de lunch kondigt Maharay aan dat ik om 14.00 uur met hem meega naar Puna. Daar zal hij me op de rickshaw zetten. Hoewel dit het India is waar ik het meeste van hou, maakt mijn lichaam zich los van deze verlokking en stap ik bij mijn ‘spiegel’ in de auto. Om vervolgens mijn weg te vervolgen naar de andere kant van de illusie, het rijke Puna.

Ik weet dat ik ten alle tijde welkom ben in de ashram. Ik weet dat ik zijn mala mag dragen. Ik weet dat ik die mala al draag. Want hij is mijn spiegel en er is niets tussen hem en mij – dus heb ik de uiterlijke mala niet meer nodig.

Terug naar Puna

Dankbaar voor deze dagen breng ik wat tijd door met mijn lieve gastvrouw en begeef me vervolgens op weg door de drukke straten van Puna: door de rickshaws, de mensen, de mooie groenteverkopers op weg naar mijn leraar Dagarji. En zie, de kinderen van de werkers hebben me reeds gemist. Zij laten dit openlijk blijken door me stralend en enthousiast te begroeten.
Ook Ketki, een elfjarige studente van Dagarji, heeft me gemist. Ze is rijk. Rijke en lieve ouders. Dhrupadlessen in de ochtend en in de avond. ‘s Middags naar school, daarna acteerlessen. Zeven dagen in de week. ‘Heb je ook vriendinnetjes’ vraag ik haar? Ja, jij toch… Ik geef haar een knuffel en heb met haar te doen. Zie de stralende smoeltjes van de kinderen van de arme werkman voor me. Rijke smoeltjes…

Aardbeving

India staat in het teken van de aardbeving. Er zijn inmiddels zo’n 30.000 doden geregistreerd. Er is veel kritiek op de aanpak van de regering. De echte hulp komt van buiten.

Maar het leidt ook de aandacht af van de actuele problemen: de gigantische armoe door overbevolking. De desinteresse van de hogere kaste. Het lijkt wel of zij zelfs niet weten hoeveel arme broeders en zusters ze hebben hier in hun eigen India! Kortom, ik zie dat mensen overal mensen zijn, hier net zo goed als bij ons. De moslims bestrijden de katholieken en halen de oude Boeddhistische monumenten neer. Heb in verschillende huiskamers mogen kijken van verschillende ‘kasten’ en geloof me, ze hebben net als wij hun eigen sores. Ze gaan er anders mee om, minder gestrest, hun ego is doorgaans minder groot.

De huwelijken welke ik tot nu toe gezien heb, veelal gearrangeerd, voelen doorgaans stabieler dan onze vrije liefdeshuwelijken. Er is veel respect naar elkaar. Ook het respect van kinderen naar ouders is er nog steeds. Ik praat niet over slaafsheid, maar over gezond respect. Eerbied en geloofsbeleving maken dat het leven anders ervaren wordt dan bij ons.

Alles heeft een positieve kant. Pakistan heeft na anderhalf jaar zwijgen dit zwijgen verbroken en hulp aangeboden. Pakistaanse vliegtuigen vliegen dus voor het eerst India in. Hoera! Wij hebben dus blijkbaar nog steeds ‘negatieve’ ervaringen nodig om daar een ‘positieve’ omwenteling aan te geven…

Om shanti, 30 januari 2001

Aurangabad – deel 1

Moeder UddavIk kreeg amper de tijd om te acclimatiseren in Puna na mijn intense dagen in Alandi. Uddav belde de volgende dag al op om me te vertellen dat hij me diezelfde middag op zou halen in het huis van Dagarji om me mee te nemen naar zijn dorp. Ik heb dus nauwelijks tijd om nog wat met Dagarji te doen. Het zal wel zo moeten zijn. Dagarji heeft een spannende tijd na het overlijden van een van de laatste Dagarji brothers en ook omdat hij zijn huis moet verlaten. Hij heeft niet echt de innerlijke ruimte om mij les te geven. Bovendien is datgene wat hij vraagt voor zijn lessen zo ver boven mijn begroting, dat ik vanaf het begin al wist dat het allemaal anders zou gaan lopen. Maar dat had ik al voorspeld voordat ik aan mijn trip begon!



Het dorp van Udhav

Udhav en zijn hele familie halen me voor de tweede keer op in het huis van Dagarji. Het wordt dit keer een hele rit. Negen uur met de kar, over wegen die veelal geen wegen meer waren. Een chauffeur die iets van een engel had. Onvermoeibaar en uiterst geconcentreerd wist hij elke beroerde situatie te hanteren. Hij overbrugde de hele afstand zonder zelfs een slokje water. Halverwege hadden we een eenvoudige maaltijd. Midden in de nacht kwamen we aan in niemandsland. De oude vrouwtjes welke op de grond slapen in de stal worden wakker gemaakt en maken thee voor ons. Niemand spreekt een woord Engels, Udhav zeer gebrekkig. Ik kan je niet vertellen wat ik daar heb mogen beleven. Zo mooi en zo puur. Het dorp heeft 3000 inwoners, ik heb ze alle 3000 ontmoet. Heb minstens 20 huisjes van binnen gezien. Alle schoolklassen bezocht, klassen van gemiddeld 60 leerlingen op een ruimte die nauwelijks groter is dan een kwart van onze schoollokalen. Op verzoek een woordje ‘gesproken’ tot de leerlingen en hun stralende leerkrachten. Zij beginnen hun dag met het wereld vredesgebed op de speelplaats. Wat een kracht. Met de mannen Kirtans gehouden: spirituele bijeenkomsten waarin een Maharaj spreekt, bhajans gezongen worden en muziek wordt gemaakt op de vina, de pakawaj, het harmonium en met bellen. Deze bijeenkomsten gaan de hele nacht door, waarna ze de volgende dag met een maaltijd worden afgesloten. Met de vrouwen gepraat door ze ‘aan te raken’. Dat gaat me van nature gemakkelijk af en zij laten dit maar al te gretig toe. Melk karnen met Nani, steentjes uitdelen aan de vrouwen. Spelen met de kinderen en vooral heel veel lachen. Er zijn geen woorden voor, overal waar ik ben stroomt het hele dorp achter me aan. Wanneer we ’s nachts thuiskomen ligt Sandhya, Udhav’s vrouw, te schudden van de koorts. We stoppen haar eerst onder extra dekens. Ik begin haar te behandelen en vijf minuten later is ze in een droomloze slaap.

Er wordt op een ontroerende manier voor me gezorgd. Waar ik ben reizen de flessen water met me mee. Wanneer het licht uitvalt verschijnt er uit het niets een kaarsje. Er wordt water gekookt, zodat ik warm kan ‘emmeren’ en dit alles gebeurt zonder dat ik ergens om hoef te vragen.

Het dorp van Udhav is ongetwijfeld een van de mooiste en gelukkigste dorpen ter wereld. Ik heb nergens iets van stress gezien, ondanks de soberheid en soms zelfs ook armoede. Het dorp is goed beschermd en gelukkig onvindbaar voor toeristen…

Na twee dagen moet ik deze staat van gelukzaligheid verlaten, tot groot verdriet van mijzelf en iedereen, om te verkassen naar de plek waar Uddav zijn werkveld heeft en zijn pakawaj lessen geeft. Ik vertrek met de zegeningen en een tika van Bapuji – de vader van Uddav – zelf en een sjaal die bij deze ceremonie hoort. Wederom rijden we 5 uur met de kar door landerijen welke allen in eigendom zijn van mijn gastheer en dan zit ik ineens in de stad en in een studentencampus…

India DrupadLuisteren naar muziek en concerten bezoeken. Ik zie de opvolger van de Dhrupad, de Khayal zingers. Deze worden niet begeleid met pakawaj maar met de latere tabla’s. Overal waar we komen wordt Uddav gehuldigd. Het is een grote eer voor zijn dorp en voor de hele campus dat hij naar Europa is geweest. Het zijn alleen de hele ‘groten’ voor wie dit is weggelegd. Aangezien ik zijn gast ben valt deze verering ook mij ten deel en word ik voortdurend in de bloemetjes gezet. Ik ga mee naar ‘familie’: dit zijn andere warkories en studenten van Bapuji of studenten van Uddav zelf. Uddav is enig kind. Zijn 92 jarige vader Bapuji is de heilige van dit district en zeer geëerd, al is hij inmiddels bijna blind. Hij loopt elke dag minstens nog een uur, doet zijn rituelen en wil me nog steeds Pakhawaj leren spelen, maar dat is niet echt iets voor mij!!


Eregast met Bapaji

Ben mee geweest naar de gearrangeerde bruiloft van de eeuw. Zit eerste rang op de grond voor het kolossale versierde podium met Uddav en Bapuji tussen de leden van het Ministerie van Maharastra etc. En al deze hoge pieten betonen mij hun eer. We gooien zeven maal een handje vol rijst richting bruidspaar tijdens de ceremonie. En ik voel me net zo thuis tussen alle gasten die regelmatig mijn sari komen bewonderen, dan voorheen in het dorp. Achter mij zitten duizenden mensen – lager van rang – op stoelen

De bruid heeft mij persoonlijk -na het ritueel- uitgenodigd op het feestmaal. Ik sta vaker op de foto dan het bruidspaar zelf. Gelukkig had ik net twee sari’s gekregen en die ochtend een kleermaakster gevonden. De mooiste van heel India en een devote van Guramaj. Daarom maakte zij voor mij in een dag mijn blouse, gaf me de beschikking over haar badkamer, kleedde me aan in haar huis en zette me na een innige omhelzing op de rickshaw naar de campus, waar ik net op tijd aankwam om samen met de grote Bapuji in de taxi te stappen voor deze happening van het jaar!

Ik ben eregast op de campus. Na mijn eerste nacht in Uddav’s ‘bed’ heb ik een eigen kamer gekregen, waar ik na een fikse reiniging erg blij mee ben. Werd gisteren door de chairman Sri Kadam uitgenodigd op het diner. Een plaatje, rijk maar ongehecht. Hij woont in een prachtige huis maar is o zo gewoon met zoveel respect. Ik vertelde hem bij onze eerste ontmoeting dat hij een heel mooi mens was. Hij was even stil, keek me aan en zei: ‘Nooit in mijn leven heeft iemand dit tegen me gezegd.’ Later zei hij: ‘Maar jij bent ook een heel bijzonder mens!’

Tijdens het diner zei ik dat hij niet alleen mooi was, maar dat hij ook nog de mooiste vrouw van de wereld had. Dat is nog niet alles, hij is een bevoorrecht man met drie prachtige dochters, allen artsen en een plaatje van een kleindochter. Dat hij een bijzonder mens is blijkt uit het feit dat in zijn kamer een schilderij van het laatste avondmaal aan de muur hangt. Verder vind je er beelden van de Boeddha en zijn eigen Hindoeïstische afbeeldingen. Deze man, dit koppel, is voorbij een specifieke religie en heeft zich verbonden met de Bron van alle bestaan. Ik heb genoten en heerlijk gegeten, met veel groenten en fruit, dus ik kan er weer even tegen na al die chappati’s…

Vanmorgen nog een vierde sari gekregen bij zeer eenvoudige maar o zo prachtige mensen. Iedereen straalt en is zo blij. En dit ging weer gepaard met een hele ceremonie: een tika, een krans met bloemen, een handjevol rijst, een stukje kokosnoot en een munt om mij te wensen dat voorspoed me voortdurend moge vergezellen. De fotograaf werd er zelfs bijgehaald. Dat was dus een uitnodiging voor het ontbijt en ondanks het feit dat ik zelden ontbijt, is het heerlijk. Gelukkig ben ik flexibel en eet ik, tot grote vreugde van mijn gastheren en vrouwen, alles wat ik voorgezet krijg.

UdhavMocht ik al ergens moeite mee hebben, dan is de plek van Udhav erg smerig en eten bij het aanrecht waar allerlei troep onder ligt is soms een beetje te veel van het goede, zelfs voor mij. Maar gelukkig eten we veelal op ‘uitnodiging’ buiten de deur. Hoe schoon mensen op hun lichaam zijn: elke dag begint met een rituele reiniging van het lichaam, de tanden etc. Daarna het gebed, ofwel de ceremonie, de mantra’s, het wierook en dan is pas het ontbijt. Op hun omgeving zijn ze vaak niet erg proper, vooral niet wanneer er geen vrouwen zijn zoals hier op de campus. Wanneer je mijn kamer had gezien toen ik die kreeg had je het niet geloofd. Behalve de vloer is daar in jaren nooit iets aan gedaan!


Terwijl we op visite zijn bij vrienden, belt Uddav zijn vrouw Sandhya. Volgens haar mist iedereen me, zegt hij, het hele dorp. Dan krijg ik de hoorn en spreken Sandhya en ik ‘Engels’ door de telefoon: ‘Ik mis je – ik jou ook…’

Grotten in Ellora

Ik ga met Uddav en de mooie Jaentie een dagje naar de beroemde grotten in Ellora. Prachtige staaltjes van beeldhouwwerk in een gigantisch tempelcomplex, welke uitgehouwen is in de rotsen. Ik zwerf alleen rond en geniet. We eten later het door Jaentie meegebrachte voedsel. Daarna bezoeken we de beroemde Shivatempel Ghrisheshwar voor onze puja van deze speciale dag. Ik voel me wederom een gezegend iemand.

Warkorie

Udhav is een Warkorie. Warkories zijn een spirituele sekte in de staat Maharashtra. Deze pelgrims wandelen soms uren op blote voeten naar heilige plekken zoals Alandi, Pandharpur en Devu voor darshan van Saint Dhyaneshwar, Lord Panduranga and Saint Tukaram. Zij leven sober: ze eten geen vlees, gebruiken geen alcoholische dranken, zij jagen niet naar bezit. Veelal zijn ze gewoon getrouwd, maar relaties naast hun huwelijk zijn niet toegestaan. Hun leven is een voortdurende staat van in meditatie zijn. Bijna heel zijn dorp en ook hier veel mensen die we ontmoeten zijn van deze ‘sekte’. Ook die mooie man welke ik ontmoette in Alandi, de Maharaj van de Ashram. Alandi is nl. een van deze drie heilige plekken.

Deze vormen van muziek zijn verschillende uitingsvormen van meditatie. De muziekleraar is je Guru en je gaat dat begrijpen wanneer je iets gaat voelen van binnen van deze muziek. Trouwens elke leraar wordt hier in India een guru genoemd. Het eerste wat je moet leren voordat je aan muziek kunt gaan denken is uren roerloos op de grond zitten. Verder sta je om 5 uur op om te oefenen, minstens zo’n 5 uur per dag. Dit doe je dan dertig jaar lang, nee je hele leven! Dat kunnen wij westerlingen niet opbrengen: deze concentratie en deze devotie!

Na zeven dagen in dit paradijs en mijn tas boordevol geschenken besloot ik om deze morgen te vertrekken naar Puna. Ik moet zeggen, het deed pijn in mijn hart. Het was meer een gevoel van solidariteit naar Dagarji. Bovendien was mijn rugzak nog in het huis van mijn gastgezin.

Ontmoet ik op de valreep een prachtige Swami. Hij geeft een spirituele workshop dit komende weekeinde en nodigt mij daarvoor uit. En aangezien ik weet dat toeval niet bestaat, heb ik niet zo veel tijd nodig om JA te zeggen. Dit tot grote blijdschap van Uddav en zijn 92jarige vader Bapuji, welke de moed nog niet opgegeven heeft en een nieuwe kans ziet om mij alsnog pakawaj te leren spelen.

Dus, mijn tas maar weer uitgepakt na de ontmoeting met die prachtige Swami. Mijn gastgezin in Puna gebeld en gevraagd om mijn spullen maar in de rugzak te gooien, kunnen ze mijn kamer gebruiken. Dagarji laten weten dat ik stop met verdere lessen, dat zat al ergens in de pijplijn. Bapuji is niet alleen blij dat ik nog even blijf, iedereen is blij. Ik ook, dat ik het mag laten gebeuren en ondergaan: al deze geschenken, al deze intense ontmoetingen, het is niet te geloven!

Ontmoeting

Tijdens mijn reis naar Zuid-Afrika: boek Liefde is Al Wat Is, ontmoette ik in het huis van Zr. Mary in Geluksdal Zr. Euphemia uit Shillong in India. Het was een ontmoeting waarin twee harten elkaar onmiddellijk raakten. Er was zulk een diep verwantschap – puur zusterschap. ‘Kom alsjeblieft naar Shillong’, vroeg ze. We hebben je daar nodig. En nu ik toch hier was…

Heb met veel moeite Shillong in de Noord-East weer kunnen bereiken. Volgens mijn vriendje Danesh moet ik daar beslist niet naar toe. Is veel te gevaarlijk. Euphemia is ziek en waarom weet ik niet, het voelt ernstig. Het is trouwens toch wonderlijk: Udhav kon niet repeteren, had na Europa vreselijk last van zijn arm. Ik heb hem behandeld en gezegd dat hij twee dagen niet moest spelen. Had ik net zo goed tegen de deurklink kunnen zeggen. Hij geeft lessen en speelt vijf-zes uur per dag!! Geen enkele last meer!!

Hopelijk mag ik wat doen voor Euphemia. Ik heb gezegd dat ik probeer eind van deze maand daar te zijn. Ik zie wel. Hoopte op Shivaratri in Varanasi te zijn. Nou dat zit er dus niet in. Het concert van Dagarji gaat niet door wegens een sterfgeval. Ik zou aanvankelijk alleen gaan, maar dat heb ik dus bij deze inmiddels ook gecanceld. Eerlijk gezegd heb ik dat allemaal wel gehad, het is van geen enkel belang meer. Zo zie je maar weer, ik stroom met de stroom en laat gebeuren wat op dat moment belangrijk schijnt te zijn. Het weer is een kleine struikelblok. Zo’n kleine veertig graden overdag, aanzienlijk warmer dan in Puna. Dat breekt me de nek. Maar ik hou me wel koest tijdens de heetste tijd van de dag.

Krijg de kans om toch nog wat te gaan zingen hier, want dat mis ik wel. En al is Dagarji de absolute top op dat gebied, ik heb hier een mooie ‘tweede’ ontmoet.

Om Shanti is ook hier het toverwoord…

Aurangabad – deel 2

In het dorp van Uddav ben ik de 1e blanke - een curiositeit!Uddav zou deze middag vertrekken voor een concert in Bombay. Aanvankelijk zou ik met hem meegaan. Maar zoals altijd heb ik zelf niets te beslissen, alles wordt van hogerhand geregeld. En niet altijd zoals ik het wens! Dit keer zou ik dus hier blijven voor een workshop van die mooie swami. Die had echter contact opgenomen met het hoofdkantoor in Bangalore, waar ze vonden dat ik als buitenlander deze workshop in Bangalore moest komen doen. In eerste instantie ging me dat toch een beetje al te ver, maar had ik aanvankelijk niet gezegd dat ik naar Bangalore zou gaan? Zal ik dus toch nog met Shivaratri in Bangalore zijn!


Wereld VredeCongres – Mr. Karat

Udhav heeft zijn trip naar Bombai uit kunnen stellen naar die avond. Hij heeft zich in zijn hoofd gezet dat ik de belangrijke Mr. Karat moet ontmoeten en nu de gelegenheid zich op een presenteerblaadje aandient, liet hij zich deze kans niet ontgaan. Onverwacht komt Mr. Karat naar Aurangabad om op 60 jarige leeftijd gehuldigd te worden voor zijn ontelbare verdiensten, waaronder de oprichting van het Wereld Vredes Congres. We komen te laat, maar onze stoelen zijn gereserveerd. Wanneer we aankomen word ik met een Namaste vanaf het podium door Mr. Karat himself begroet! Ik ben blij dat wederom Shashi mijn sari klaar had en me aan heeft gekleed die dag zonder dat ik wist wat me te wachten stond! Terug op de campus moest ik meteen mee naar deze onverwachte gebeurtenis. En al weet ik dat ik ook in mijn gewone kloffie nog een eregast zou zijn geweest, nu voel ik me toch meer ‘in de toon’ wetende hoe fantastisch ze een westerling vinden en dan nog wel eentje in sari!

Ja er wordt voortdurend voor mij gezorgd. Ik voel me net de koningin zelf! Meer dan dat, toen ik in mijn prachtige zijden sari langs Udhav voortschreed naar deze ceremoniële bijeenkomst op de Ramakrishna Vivekananda school. Vivekananda, een groot heilige, overleden op jeugdige leeftijd in het begin van de vorige eeuw, is de grondlegger van deze filosofie, welke beweerd dat wetenschap en religie samen een perfecte harmonie en vrede teweeg brengt in de mens en dus in de wereld.

De filosofie is tevens geënt op de ideeën van Ghandi: de drie H’s:

· Hoofd = kennis van het ZELF
· Hart = vreugde
· Handen = actie

Deze drie moeten in harmonie zijn. Ofwel volgens Yasmin herself: wanneer hemel en aarde samenkomen in het hart…

O jeetje, het programma loopt uit en uit. Leerlingen dansen, zingen etc. etc. Erg mooi, maar die sprekers die sprekers… Zoveel woorden, teveel. Dan is het zeven uur en gelukkig heeft Uddav niet naar mij geluisterd, anders waren we gegaan omdat ik niet wil dat hij deze laatste bus naar Bombai mist! Ik word op het nippertje voorgesteld aan de mooie Mr. Karat. Betuig hem mijn eer, waar hij niets van wil weten. Het is zijn eer en Uddav moet dan wel gaan, maar hij wil heel graag dat ik blijf. Ik kies er echter voor om mijn lieve vriend op de bus te zetten. Ik krijg een mooi boekje van Mr. Karat, waar onder andere een foto van de tweeënnegentig-jarige Bapuji instaat als een van de voorvechters voor vrede hier in India.
Mr. Karat geeft me tevens zijn kaart: Alsjeblieft, zoek me op. Het is zo nodig dat we samenwerken – en dat alles alsof ik niet een heel gewoon mensje ben…

Wederom ben ik diep geroerd door de eenvoud van deze man, opgegroeid als eenvoudige boerenzoon in een klein dorp. Elke dag liep hij kilometers naar school om van de roepies die hij op deze manier bespaarde zijn studieboeken te kunnen betalen. Niks verwaand, gewoon eenvoudig, dat is zijn wezen. Heeft een prachtige uitstraling en veel respect en is heel erg aanwezig. De lieve Danesh, twaalfjarige leerling van Uddav, neemt me mee naar zijn sportschool. Ook hier is iedereen aanwezig om mij te verwelkomen. Ik zie vormen van dans en yoga. Maar dan laat Danesh me een staaltje zien van perfecte bodyconcentratie en souplesse: Malkov is de naam van deze tak van yogasport. In een 5 meter hoge paal doet hij yogaoefeningen waarvan mij de koude rillingen (van genot) over de rug lopen. Wat zijn wij toch krukken!

Volgens Danesh is het zo dat de Indiër zijn gast op dezelfde manier behandelt als een God. Ik kan alleen maar zeggen dat ik dat beaam. Het is meer dan waar, waar ik ook kwam. Zelfs in het armste huisje kreeg ik een glas water – voor niets…

Bapuji is overstuur. Hij vertrekt voor 2 dagen en wil niets liever dan mij meenemen. Maar ik heb net beslist, of liever dit werd voor mij beslist, om de uitnodiging in Bangalore te accepteren! Ik mis daardoor wel iets heel bijzonders. Simpel waar Bapuji komt daar is wat te beleven. Ieder hier heeft respect voor deze heilige – in onze ogen ongetwijfeld vieze oude blinde man!
Hoe dan ook, ik moest pakawaj spelen. En hij is nog steeds een uitstekende leraar en verrekte helder en alert. Omdat het zo goed gaat met Uddav’s arm vindt hij dat ik ook hem moet behandelen. Zijn rechterarm functioneert niet meer feilloos na een hartaanval en hij denkt dat ik die wel kan ‘repareren’. Grappig, hoe zelfs de grootste ‘heiligen’ zich voor advies naar mij keren! Hij noemt mij zijn zuster, maar daar is Uddav het niet mee eens – dus blijft het Bapu.

Ik neem Danesh mee voor een halve dag sightseeing. We bezoeken de grotten in Aurangabad en de replica van de Tai Mahal. Ik geef mijn dingen vol vertrouwen uit handen aan de 12-jarige ‘man’ Danesh. Hij zal het wel eens allemaal regelen! Nou hij gaat ervan uit dat elke rickshaw rijder de westerlingen bedondert, dus accepteert hij ook het verlaagde aanbod van 85 R niet. Achteraf blijkt dat hij nooit eerder naar de grotten is geweest, dus niet eens weet hoe ver het is, en geloof me, het was een koopje geweest! Resultaat: ik sjok naar de bus. Vind ik prima hoor, ik hou van de bus en alles wat er bij hoort, maar het is verrekte heet hier! Dan moeten we toch nog een rickshaw hebben naar de grotten die buiten de stad in de heuvels liggen. Afijn, wanneer we het eerste gedeelte bekeken hebben, erg mooi hoor maar heel veel klimmen, moeten we lopen naar de andere kant, een paar kilometer, want de rickshaw is weg – en hier aan het einde van de wereld vind je er geen. Gelukkig heb ik een halve liter water bij me. Het is inmiddels op het heetst van de dag. Pakweg tegen de 40 graden. Geen probleem voor Danesh. En ik besluit er geen probleem van te maken…

Positieve gedachten

Ik leer hem een lesje over de wet van de manifestatie: Positieve gedachten leveren positieve acties op etc. Hij is een goede leerling en begrijpt het onmiddellijk. Wanneer er een knul op een brommer komt, is die direct genegen ons mee te nemen naar de Tai Mahal replica. Bespaart ons een andere vijf kilometer lopen.. Dus brengen we het geleerde samen in de praktijk en maken we er gewoon een leuke dag van.

Goed, toen ik gisteren vertrok en nog wat moest regelen, zouden de knullen het ook wel weer even doen. En ik moest ook nog geëerd worden: een puja dus. Ik ging nog zover mee dat ik de straat opging voor de aankoop van de kokosnoot en de bloemen. Maar de fotograaf, nee stop dat doen we wel met mijn toestel. Ook al duurt het even voor die foto’s klaar zijn. En daarna Danesh nemen we een rickshaw en dat regel IK deze keer, oke? Nou ja, vindt Danesh, vooruit dan maar. We vertrekken om half elf na het afscheid met de kokosnoot en de bloemen. Ik moet nog naar de bank, een airticket regelen, mijn panjabi ophalen bij Shashi en dan ben ik net op tijd voor de laatste sneldienst naar Puna om 13.00 uur! Nou ja sneldienst, als de wegen vol zitten dan kun je niet sneller dan de trage dienst. Het is al voorbij zevenen en donker wanneer ik in Puna kom. Ik krijg de nodige waarschuwingen voor al die vreselijke ricksaw rijders. Weiger dit te geloven. Ik heb niet één keer problemen gehad, behalve wanneer ik samen was met Uddav of iemand anders, dan willen ze ineens niet de meter gebruiken. Ik hoefde er tot nu toe niet om te vragen. Ook dit keer tref ik weer een plaatje. Die ook nog wat Engels spreekt en ook nog weet waar ik moet zijn, want dat is uitzonderlijk. Het verkeer is zoals meestal een complete chaos. Een spel van elkaar ontwijken en het geluid van toeters. Het zit helemaal vast. Maar om 20.00 uur ben ik dan toch ‘thuis’. En geniet weer van het ‘schone’ huis en het heerlijke eten. Asha, mijn gastvrouw, is een wonder.

Afscheid Dagarji

Ga afscheid nemen van Dagarji. Ik maak geen verdere plannen en laat los of we elkaar nog gaan zien voor ik naar Nederland vertrek. Maar al is hij een klein driftkikkertje zo nu en dan, het is een uitzonderlijk mens en ik voel dat ik van hem houd. En dan laatste is ongetwijfeld wederzijds.

En zo vliegen we dan morgen naar Bangalore. De telefoon daar is al dagen geblokkeerd. Ik kan geen reserveringen maken en zal wel zien of ik welkom ben en anders nou ja, dan zal er zich wel iets anders voordoen. Alles wijst erop dat ik toch naar Bangalore moet. Al had ik dat naar mijn gevoel inmiddels los gelaten – het heeft mij blijkbaar NIET los gelaten. Dus ben ik met Shivaratri in Bangalore…

Bangalore

vrouwenpowerDus daar ging ik dan. Niet meer met tegenzin maar gewoon, oké als het zo moet zijn dan vlieg ik dus naar Bangalore en wanneer ze me daar niet willen in die ashram dan sturen ze me wel terug. Het vliegtuig was een uur verlaat. De vlucht is mooi. Ik gun mezelf een pre-paid taxi voor het eerst in mijn leven – lekker gemakkelijk – en geniet van de ‘schoonheid’ van Bangalore, al die bloeiende bomen. Waarachtig het voelt koeler dan in PUNA. Een uurtje later sta ik voor de poort van de ashram. Terwijl ik onder de poort doorstap weet ik dat ik niet een cursus hier ga doen… Ik moet een uur wachten want het loopt een beetje storm voor Shivaratri, maar dan heb ik een kamer: Shiva 2. Gelukkig is er iemand op de kamer want een slotnummer heb ik niet gekregen. Het is Sue uit Canada en zij is op weg naar – juist ja Shillong om daar een schoolproject op te starten. Over toeval gesproken!

Jai Guru Dev

Na al die intense ervaringen ver weg van westerlingen voel ik me een beetje op ‘visite’ op deze mooie plek. ‘s Avonds wordt onze kamer uitgebreid met een Indiase dame met baby. Maar dat zijn allemaal dingen die me totaal niet storen, integendeel. Alles moet ik echter zelf uitvinden, er is niemand die iets doet aan de introductie voor nieuwkomers. Die avond zie ik Guruji in de ashram en ik heb het gevoel dat ik de enige ben die gewoon geniet van dit mooie mens zonder zichzelf te verliezen en dat is het dan…

De volgende dag loopt het nog voller. Er zijn puja’s met veel vuur etc. Heet is het inmiddels ook hier, de ashram ligt lager dan de stad dus heet… Ik voel me thuis en toch ook weer niet. Ik zie van alles, ervaar van alles. Er is aandacht voor bekenden – en vooral voor Guruji – maar niet voor nieuwkomers. Af en toe een stralend: ‘Jai Guru Dev’, wat me niet echt bevalt. Geef mij maar het universele ‘Namaste’. Guruji is een plaatje van wijsheid, liefde en kinderlijkheid. Hij speelt, evenals ikzelf, graag en neemt het leven niet al te serieus. Ik twijfel niet aan zijn kwaliteiten. Integendeel, ik heb respect voor alles wat er om hem heen plaats vindt en vorm krijgt. Ik begrijp dat deze plek een zegen is voor velen en velen komen hier hun accu opladen. Maar toch weet ik met absolute zekerheid dat ik hier geen deel van zal uitmaken. Ben ik de enige die niet in extase raakt bij de aanschouwing van de guru, vraag ik me af? Toch ontmoet ik een aantal leraren die niet uitstralen wat je zou verwachten, alleen wanneer Guruji ten tonele verschijnt verandert de energie…

Shivaratri

Shivaratri, daar kwam ik uiteindelijk voor en dat wil ik meevieren hier. Mijn oefeningen en meditaties doe ik aan het meer. Die plek is er alleen voor mij en heerlijk koel in de vroege ochtend. Om 9.00 uur is het puja. Ik heb het gevoel dat ik in de hoogmis zit. Om mij heen vallen de mensen in slaap. Mijn knieën doen niet zeer – mijn kont doet zeer van de harde grond. Een maand lang leef ik inmiddels veelal op de grond. Af en toe schieten de mensen wakker – voor de consecratie, om dan vervolgens weer in te dommelen. Want het hoogtepunt is de communie, het moment waarop de Guru verschijnt. Of eigenlijk is het werkelijke hoogtepunt na de communie, wanneer het prasaad wordt uitgedeeld en velen die voor deze dag gekomen zijn elkaar ontmoeten. Ik geniet van het kijken naar al die mooie mensen, al die mooie ontmoetingen…

De dag daarop begint alles een beetje te normaliseren. De meeste mensen vertrekken en morgen -vandaag dus – gaat Guruji op tocht met zijn volgelingen. Ik zal daar niet bij zijn. Ik doe mijn eigen puja aan het meer en geniet van de zwaluwen die over het water scheren. Ik geniet van alles, de stilte, de zon die opkomt en de koelte die duurt tot half negen…

Dan krijg ik even een aantal uren het gevoel van desoriëntatie. Ik voel me als een vreemdeling welke ronddoolt op de planeet mars.

Afijn, vandaag is er gelegenheid voor darshan, ontmoeting met de Guru. Ook dat hoeft voor mij niet meer, ik blijf dus op mijn kamer, lekker koel, en hou het even voor gezien. Nu ik toch in Bangalore ben kan ik ook het aanvankelijk plan om een project van een vriend te bezoeken ten uitvoer brengen. Omdat Guruji vandaag zou vertrekken, we onze kamers moesten verlaten, de telefoon al dagen buiten werking was zodat ik het betreffende project niet kon bellen, besloot ik om maar gewoon naar Bangalore te gaan en te kijken hoe zich alles gaat ontwikkelen. Maar het voelde niet AF. Tot ik plotsklaps in mijn – niet geklede panjabi – meegenomen word. Het is inmiddels twee uur na aanvang van de darshan – en als laatste binnen mag. Ik pak deze gelegenheid aan om de prachtige lotusvoeten van Guruji te kussen en voel….dat het goed en rond is! Daarna volgt die zelfde avond zijn laatste satsang en aangezien de groep nu veel kleiner is, is het ineens veel intiemer. De beloofde dans van gisteren komt er nu, mensen krijgen een gezicht en het is rond voor mij. Ik ben weer volledig terug in mijn innerlijke vrede.

Vanmorgen ben ik zeer vroeg opgestaan. Ging naar het meer voor mijn oefeningen en meditatie, heb mijn spullen gepakt en ben in diezelfde stilte vertrokken zoals ik gekomen ben. Er was geen helpende hand die zich uitstrekte, slechts een enkele hand om het door mij verschuldigde geld te innen. Ik wilde eigenlijk gewoon met de bus maar die zaten proppie en stopten aanvankelijk niet. Rickshaw en taxi’s gaan via de ashram en het kantoor moest wel open zijn maar was het helaas nog niet. Zit ik dus op straat op mijn rugzakje en voor het eerst voel ik iets van wanhoop: het is bloedheet en de zon schijnt genadeloos op mijn hoofd: ‘God help me’. En dat laatste werkt onmiddellijk. De vierde bus stopt. Er is geen zitplek wel een staanplaats.

Behulpzame handen helpen me de bus in. Ik voel me onmiddellijk thuis. Andere bereidwillige handen zetten mijn bagage weg. Liefdevolle ogen kijken me aan. Dit is mijn wereld, ontdaan van alle uiterlijkheden: eenvoud, simplicity…

De bus gaat naar de markt. Daar pak ik een vruchtenshake en vervolgens een rickshaw. Laat me afzetten bij een eenvoudig, in jullie ogen waarschijnlijk smerig, maar hier redelijk schoon hotelletje. Drop daar mijn bagage en betaal voor een nacht en ga de straat op om een telefoon te vinden. Dat werkt hier ook niet, na de derde poging zegt een lieve knul dat het telefoonnummer waarschijnlijk niet in orde is. Nou dan pak ik gewoon een rickshaw en laat me naar het adres brengen. Na een uur en honderd keer vragen kom ik toch nog onverwachts op de juiste plek. Wonderlijk want zowel de naam van het instituut als ook het adres kloppen achteraf niet. Een uur later hebben we mijn bagage opgehaald en zit ik te lunchen met een lieve dame met de naam Gre die haar hart uitstort en zegt dat de goden me gestuurd hebben, want haar pijp is meer dan leeg. Ik ben smerig en vies en zweterig – het is inmiddels bijna avond. Zij komen uitsluitend op vrijdag en dinsdag naar het kantoor hier in Bangalore. En jullie begrijpen het al, het is vandaag dus toevallig vrijdag. Vanavond nemen ze me mee naar het project wat de naam draagt welke op mijn adressenlijst staat, maar wat vijfentwintig kilometer van Bangalore afligt…

Zoals altijd weet ik dat ik blijkbaar weer op de juiste tijd op de juiste plek ben en dat het goed is. Eufemia in Shillong moet nog even wachten. Wat er ook moge volgen, het klopt helemaal met mijn gevoel en ik voel me enorm verrijkt…

Ik weet dat mijn impulsen juist zijn. Dat ik uiteindelijk niet naar de ashram hoefde voor wat dan ook, maar dat ik blijkbaar toch in Bangalore moest zijn. En aangezien ik nooit alleen voor deze ‘visite’ heel deze afstand gegaan zou zijn, hebben ze daarboven iets anders bedacht!

Bangalore – 23 februari 2001

Calcutta

calcutta-rickshawdriverIk verlaat de ashram en vertrek naar Bangalore. Op weg naar het project van M. Dump mijn bagage in een hotelletje en wanneer blijkt dat de telefoon niet werkt, pak ik een rickshaw. Het duurt uren, niet gek wanneer achteraf blijkt dat zowel de naam als de straat niet kloppen…

Mijn komst was reeds per brief aangekondigd en hoe: Ik word een vrouw genoemd vol liefde en wijsheid met een groot hart voor de armen. Moet ik even van knipperen. Die avond ga ik mee naar het bewuste project, het ligt vijfentwintig km. buiten Bangalore. Het is een heerlijke plek.

En natuurlijk ben ik weer niet voor niets daar. Een van de hoofdrolspelers verkeerde in grote geestelijke nood. Ik mag het instrument zijn wat een radicale omwenteling teweeg brengt. Het water kan weer stromen in een doodlopende rivier en het heeft acuut effect op de hele situatie hier. Want hoe mooi ogenschijnlijk hier alles moge lijken, achter de oppervlakte borrelt van alles – en begrijpelijk.

De hoofdpersoon in dit drama heeft zichzelf verheven tot een Divine being. Ongetwijfeld juist, maar is vergeten dat wij dat allemaal zijn. Het project is kolossaal en voorziet zo’n 20 dorpen die allemaal op loopafstand rondom dit centrum liggen. De kinderen komen hier naar school en dit centrum biedt woonruimte aan alle maatschappelijk werkers, die ieder een dorp onder hun vleugels hebben. Er is een gezondheidskliniek en een klein ziekenhuisje. Artsen komen gratis een keer per maand een zaterdag onderzoek doen en die zondag erop vinden er dan zo’n vijftien staaroperaties plaats. Ik ben getuige van zo’n operatie. Ik bezoek de scholen, ben aanwezig bij de meetings en wandel samen met Gre naar een van de dorpen. Ontmoet onderweg de mensen die op de vuilnisbelt leven en zorg dat ze geknuffeld worden en die dag iets te eten krijgen.

Adelaars

Ik voel ook een hoop onvrede op deze plek wat geboren is uit een gigantisch mooi initiatief. En dat is het ongetwijfeld. Maar de mensen werken voor het absolute minimum. Ook niks mis mee, maar een aai over je bol, ieder heeft daar bij tijd en wijle behoefte aan. Een stukje waardering, een weten dat het goed is wat je doet, een weten dat je ondersteund wordt. Dat krijgen ze niet. De ‘guru’ is na het overlijden van zijn vrouw zijn bezieling kwijt en teveel met zijn eigen dingetjes bezig. De plek schreeuwt om een nieuwe impuls. Er wordt een kalfje geboren en de vlinders zijn van een ongekend groot formaat. Ik heb een eenvoudige, maar heerlijke plek. Wanneer ik op een ochtend voor mijn kamer zit, scheert er een koppel adelaars over mijn hoofd. Adelaars begeleiden mij voortdurend op deze trip. Ik moet me losmaken van de plek wanneer ik drie dagen later terug ga naar Bangalore. Met de bus en een chauffeur met zelfmoordneigingen. Ik moet mijn ticket regelen naar Calcutta en ik zal die nacht overnachten in het kantoor. Gatsy wat is die plek smerig…

Er is veel alcoholverslaving hier. Bangalore heeft een afdeling in het ziekenhuis waar elke dag minstens drie jonge vrouwen worden binnengebracht welke zelfmoord hebben gepleegd na een gearrangeerd huwelijk. Dit zijn vaak vrouwen uit de betere kringen en dan zijn er die slachtoffers wiens sarie ‘per ongeluk’ in de fik zijn gegaan aan de kerosine in het huis van schoonmoeder…

Swami

Ik vlieg naar Calcutta. Verbaas me wederom over mijn innerlijke kracht en rust. Neem een taxi naar Barrackpore, hoewel ik niet weet of daar overnachtingsmogelijkheden zijn. Swami installeert me in het gastenverblijf, annex opslagruimte met speciaal balkon aan de rivier de Ganga en ik heb een fantastisch uitzicht op de rivier en de overkant. Na een uur gezamenlijk poetsen, durf ik mijn schoenen wel uit te doen. De liefde is alom tegenwoordig en groot. Ik krijg Tapo, een van de weesjongens en een plaatje, toegewezen die voor me zorgt en achteraf blijkt dat er speciaal voor mij wordt gekookt.

Ik kom hier om een vriend te eren die inmiddels overleden is. Helaas heb ik geen foto bij me, wist niet of ik hier naar toe zou gaan! Maar swami krijgt meer bezoekers en kan zich geen beeld vormen. Het zij zo. De avonden met swami te voet naar de verschillende huizen, vooral naar de vrouwen zijn bijzonder. We hebben diepe gesprekken en hij geeft me een sari die me ter plekke wordt aangetrokken. Ik wandel naar het dorp. Geniet van een bananen lassi, een heerlijke yoghurtdrank, en verbaas me over de viezigheid, het stof, de matheid, met daar tussendoor de wondertjes van schoonheid, zomaar uitgestald op de straat. Het is echter niet alleen bloedheet, de muskieten kennen geen erbarmen en steken me gewoon lek.

KindNa twee dagen vlieg ik naar Guwahati in Assam.

Swami probeert me te overtuigen dat ik ook bij hem goed werk kan doen en waarom zou ik dus niet daar blijven? Hij zegt dat hij een hele vreemde ervaring heeft vanaf het moment dat hij me zag. Normaal komen er mensen om even rond te kijken: ‘Ik leidt ze rond, zeg dag en dank je wel, maar met jouw is het anders’.

Hij stelt voor om een levenslange vriendschap te sluiten en overlaadt me met cadeautjes wanneer ik vertrek, waaronder een oud maar zeer waardevol boekje van Vivekananda, op wiens filosofie dit hele project is gebaseerd:


Vivekananda

Vivekananda geeft honderd jaar geleden al aan dat een van de dringendste zaken in India (en ongetwijfeld overal) de educatie van de vrouwen is. Een vogel met één vleugel kan volgens hem niet vliegen. Bovendien vindt hij dat je beter God kunt dienen in de mens dan de tempels te overladen met bloemen en kokosnoten. Ik ben het daar helemaal met hem eens, al wil ik het belang van een puja niet onderschatten. En ik geniet van de mooie vedische gezangen van de jongens elke morgen en avond in de tempel.

Tapo mag mee naar het vliegveld. Hij is echt gek op me en zegt dat als ik WIL ik terug kan komen. We rijden door de gore straten van de voorsteden van Calcutta, zo smerig, met de fiets rickshaws die inmiddels toch echt wel afgeschreven zijn. Weg moderne auto’s uit Bangelore. En dan ineens zie je een prachtig opgeschilderd geveltje – of een pannen uitstalling op de grond – zo schoon!!

Shillong

shillong - busstationIn plaats van de gevaarlijke 24 uur durende trip met de trein, vlieg ik in een uurtje naar Guwahati in Assam. Vandaar neem ik de bus die er vijf uur over doet om het honderd kilometer verder liggende bergstation Shillong te bereiken.

Het is reeds avond en inmiddels behoorlijk fris. We maken een tussenstop en voor ik het weet heb ik een liefdesrelatie met een van de vrouwen in dat dorp en laat ik mijn geschenken weer doorstromen. Maar ik zie iets wat me niet bevalt. Steeds meer militairen en militaire blokkades wanneer we Shillong, met zo’n 200.000 inwoners, binnengaan. Verder is van de Indiase trekken niet zoveel meer te bekennen. Ze zijn meer Nepalees – Tibetaans. Ik zit nu in het stammengebied. Grotendeels christenen – oorspronkelijk natuurstammen welke in de dorpen nog steeds de zon en het water aanbidden en tegelijkertijd vechten de protestanten met de christenen, en de verschillende stammen met elkaar. Iedere stam wil superioriteit en onafhankelijkheid.

De zusters zijn opgelucht dat ik er eindelijk ben. Mijn voorgevoel over Euphemia is juist. De Euphemia die ik heb ontmoet is niet meer – voor mij staat een zwaar zieke vrouw – vol negativiteit en vergif. De zusters hopen dat ik redding kom brengen. Ze moest eigenlijk naar Calcutta voor een operatie – maar zit in de ontkenning en wachtte op mijn komst. We maken meteen een werkplan en gaan aan de slag. Aan tafel en door de verhalen van anderen zie en hoor ik hoe ze de hele boel manipuleert. In oktober heeft ze in Nagarland behoorlijke problemen gehad met de militairen. Sinds die tijd heeft ze haar werk in de bergen helemaal losgelaten. Ze is niet meer verder geweest dan Shillong. Hoewel hier vorige maand nog vijf mensen werden doodgeschoten en dat gebeurde zo ongeveer voor de poort.

Des te opmerkelijker dat ze me de derde dag meeneemt naar het dorp waar ze drie jaar geleefd heeft. Het is de dag van mijn leven. Eerst verteld ze dat we uren moeten wachten op de bus en absoluut moeten staan. Ik vertel haar dat ik dat niet van plan ben, dus hebben we binnen een half uur een transportbus waarin we kunnen zitten. Wanneer we uitstappen is de sfeer absoluut anders, we gaan helemaal de stilte in.

Mooie mensen en kinderen

Ik ontmoet zoveel mooie mensen en kinderen, dat ik armen tekort kom. Hout wordt gesprokkeld en in manden naar de huisjes gebracht. Het is overdag al lekker weer, maar ‘s nachts nog bitterkoud. De was wordt gedaan op de plek waar water is. Er zijn een aantal zeer oude maar zeer vitale vrouwen in het dorp. Ze komen tot aan mijn borst en houden van knuffelen, nou ikke ook. Smak, smak tegen mijn borst, steeds opnieuw. Ik begrijp dat ze graag willen dat ik terug kom. Ik heb het gevoel dat Euphemia dat niet zo fijn vindt…

shillongWe worden onder geleide door de smalle bergpaadjes terug naar de weg gebracht. We moeten volgens Euphemia weer uren wachten op een bus terug. Voor we de straat bereiken, zie ik al een jeep. Ik steek mijn hand op, hij stopt onmiddellijk en dit is voor Euphemia dus de eerste keer dat ze lift…

Er is een bus naar beneden gedonderd, een vrachtwagen van de weg gekanteld. Een taxi rijdt in een gat. Twee kerels duwen – vol gas achteruit. Niks aan de hand – die paar deuken zijn niet belangrijk, het rijdt…

Euphemia is die avond volkomen afgeschreven. Simpel, ze kan dit niet meer, maar kan het nog niet accepteren. Ze heeft allerlei plannen om met mij…

De volgende dag komt het tot een confrontatie tussen ons. Ik heb geen zin om haar spelletjes mee te spelen en zet haar voor een keuze. Ze wil niet praten en loopt boos naar Moeder Overste om daar het probleem neer te leggen.

Zusters hebben hier nog geen eigen mening – hoewel… Vanaf die dag ben ik lucht voor haar en doet ze uitermate haar best om de lolbroek van de communiteit te zijn. Er wordt veel gelachen – maar het is uitermate onecht.

Moeder Jude vertelt me zorgelijk dat Euphemia nooit haar excuus aan zal bieden en dat klopt. Nou dan steek ik mijn hand uit, heb ik niet zoveel moeite mee. Ze weigert en blijft haar spel spelen en zaden zaaien. Degenen waar ze me voor gewaarschuwd heeft zijn geen probleem. Ik heb geen enkel probleem aanvankelijk. Maak fijne wandelingen met een paar aardige zusters etc. Maar goed, als ik dan niets kan doen kan ik toch maar beter vertrekken.

Dus ik boek tot verdriet van Zr. Jude en Stella de bus en het vliegtuig voor vandaag. Die nacht om 4.30 uur is er een aardbeving, 5.3 op de schaal van Rigter en voel ik eerst het gebouw, daarna mijn bed en daarna alles in mijn lichaam schudden. Weer een andere ervaring…

Hostelmeisje – zo puur

Dan kom ik door de ruimte waar de achttien hostel-meisjes uit de omliggende dorpen zitten te studeren. Ze mogen eigenlijk niet gestoord worden, maar de examens zijn nu voorbij. Wanneer dus een van hen het waagt om te vragen of ik iets over mijn land kan vertellen, zeg ik, oké – ja waarom niet…

En ineens is het stik gezellig, hangen er achttien prachtige dorpsmeiden aan mijn lippen en praten we over van alles en nog wat: Over het goede en het minder goede in Nederland. Over hun dorpen – heimwee naar hun dorp. Ze voelen zich hier gevangen. O God wat herken ik dat. Over God en vooral over Liefde. En dan ineens is Euphemia daar. Het gesprek wordt ter plekke afgebroken…

Maar ik voel me heerlijk, ontmoet nog een bijzondere vrouw in het dorp en doe die avond de ademtape met twee van mijn vriendinnen hier. Althans dat dacht ik, dat zij mijn vriendinnen waren, gezien datgene wat ze tot nu toe in vertrouwen met me deelden. Door de intensiteit en de inzichten die ik krijg tijdens het ademen besluit ik te blijven en iets te gaan doen met de meiden en met deze vrouwen hier. Zij vinden het te gek, althans dat zeggen ze…

Het is bedtijd. Ik slaap onder lagen dekens, heerlijk! De volgende morgen in de kapel zie ik dat er iets veranderd is. Ik voel me echter heerlijk tot Y. me komt vertellen dat ze eerlijk wenst te zijn en dat ik een last voor de communiteit ben. Er is nooit eerder zo iemand als ik binnen de communiteit geweest en ik kan maar beter vertrekken volgens haar in plaats van mijn vlucht te annuleren. Aanvankelijk kan ik dit niet geloven en annuleer ik toch mijn vlucht. Ga wel op zoek naar iets anders, want ik begrijp dat ik het werken met de meiden en met deze vrouwen beter kan vergeten.

Vader Paul

Ik ontmoet vader Paul – van de technische school. Ik voel me op mijn gemak bij hem en hij ziet het wel zitten om me met een van de vaders de bergen in te sturen, naar het alcoholproject te gaan kijken etc. Nou Zr. Jude vindt het prima dat ik daar blijf, dus waarom ook niet. Dit is naast de deur. Ik ga terug naar huis voor de avondmaaltijd. Kom op mijn kamer en vind twee van mijn geschenken, welke ik de vorige dag heb uitgedeeld, terug. De ene met een ‘lief’ briefje van Euphemia, de andere zijn de ademtape etc. Mijn ‘vriendin’ voelt zich er niet lekker bij, hoewel we heerlijk hebben geademd. Dan weet ik dat het vergif zijn werk heeft gedaan. Ik besluit niet te gaan eten, ze missen me niet want ik had al gezegd dat ik misschien bij vader Paul zou blijven eten. Ik besteed mijn tijd om met mezelf te zijn, te voelen wat ik voel en te kijken in hoeverre ik open kan blijven zonder te oordelen…

En voor ik naar bed ga zit ik volkomen in mijn kracht, voel me open, liefdevol en zonder oordelen. Het is te laat om de geannuleerde vlucht ongedaan te maken. Ik slaap beter dan ik mag verwachten, ja ik slaap zelfs goed.

Die morgen komt een van de meisjes naar mijn kamer met een afscheidsbrief van de groep. Ze denken immers dat ik vandaag vertrek en weten nog niet dat zij de aanleiding zijn geweest om mijn vlucht uit te stellen.
Ze schrijven dat ze me eerst niet durfden aan te spreken, maar dat ze ontdekt hadden dat ik nog eenvoudiger was dan zijzelf. Dat ze zoveel energie hebben gekregen van dat gesprek dat ze me nooit zullen vergeten. Zij zijn maar dorpsmeisjes, maar ik heb helemaal niet gedaan alsof. Ik ben diep aangeraakt en ga onmiddellijk naar de plek waar zij ontbijten. Vraag of ik binnen mag komen. Zeg dat ik van ze houd, simpel omdat ze zijn wie ze zijn en dat dit ene gesprek mij heel veel vreugde heeft gegeven. Dat ik graag had willen blijven, maar dat dit om de een of andere manier niet mogelijk is. Ik zeg dat we allemaal EEN zijn, omdat God nu eenmaal geen onderscheid maakt. Ze zijn ontroerd – ik ook!

Deze morgen is Zr. Jude op zoek naar mij, ze is zichtbaar bezorgd: Waar was ik met het ontbijt. Ze weet niet wat er zich allemaal afspeelt en dat is maar goed ook. Ik zeg haar dat ik geen honger heb, dat ik vandaag zal kijken of ik iets met vader Paul kan doen, of dat ik morgen naar Calcutta ga. Wanneer het niet zo heet was had ik onmiddellijk geboekt. Vader Paul vraagt hoe het is. Hij kijkt me aan en zegt: Je hoeft niets te vertellen hoor, ik ken de situatie. Waarom ga je je spullen niet halen, je kunt hier slapen tot zondag. Daarna regelen we iets en kun je met broeder Ronald een week de bergen in. Ik haal mijn bagage op, neem afscheid van Zr. Jude en de meiden die ik tegen kom en wanneer ik even later tussen uitsluitend mannen zit te lunchen, voel ik hoeveel deze situatie me gekost heeft. Hoewel het hier aanmerkelijk minder luxe is en de plek op zich alles behalve gezellig, kan ik weer vrij ademen…

Ter kennisname

Binnen de stammencultuur zijn de vrouwen belangrijker dan de mannen. De mannen drinken praktisch allemaal – zelfgebrande sterke drank en helpen zichzelf naar de donder.
Ze kennen hier niet het afschuwelijk fenomeen van de bruidsschat. De mannen komen na het huwelijk naar de huizen van de vrouw – ipv andersom. Of hier in Shillong bouwen ze iets naast het bestaande ouderlijke huis.

Namaste is vervangen voor koeblé, wat werkelijk alles betekent: Gegroet, dank je wel, tot ziens, het ga je goed, etc. Het mooie groeten, de handen naar elkaar brengen voor het derde oog, is nu handen schudden geworden. Het lukt me nog steeds maar matig. We zitten weer op stoelen en eten aan tafels – in de dorpen zitten we op krukjes. De sari en de panjabi zijn vervangen voor rokken en warme doeken, dus ben ik weer ouderwets. De stammen accepteren elkaar evenmin als de stammen in Zuid Afrika. Meer en meer kom ik tot de ontdekking dat mensen overal gewoon MENSEN zijn. Ik was ook in een prachtig project voor gehandicapten: voor blinde en voor dove en stomme kindertjes. Er waren koppeltjes dove en blinde kindertjes en het was zo mooi om te zien hoe de ene de ogen vertegenwoordigde en de ander de oren. Zij vormden een absolute eenheid en het was werkelijk ontroerend om dat gade te mogen slaan…

Shillong – 7 maart 2001

Shillong-marktEn zo beland ik dus van de moeders bij de vaders, oftewel van de zusters bij de priesters en de broeders. Inmiddels heb ik een vriendinnetje op straat opgepikt, Vebena en ik ben daar altijd welkom. We hebben eindeloze gesprekken en deze avond neemt ze me mee op een verjaardagsdinertje. Ik schaam me rot dat ik pas om 11.00 uur thuis kom. De poort is gesloten na 9en, maar de honden laten me heel…

Als ratten

Ik heb te gekke gesprekken met vader Anthony die het straatkinderenproject in Delhi bestuurd. Hij is een ongelofelijk optimistisch mens met veel humor…
Maar wanneer hij afscheid komt nemen bespeur ik angst. Hij is op weg naar Tripura, een andere staat. Ze moeten 80 kilometer in konvooi rijden. Vanuit de ravijnen komen de militanten als ratten omhoog en voordat de militairen ze gezien hebben, zijn ze al weer veilig in hun ravijn. De buspassagiers zijn dan al hun bezittingen kwijt en er vallen regelmatig doden…

De Nepalese kok is een plaatje. Het eten is niet erg smaakvol, maar hij vindt het heerlijk om voor mij, tussen al die mannen, wat extra’s te doen en ik laat hem weten dat ik dat waardeer. Alles loopt vanaf den beginne anders – je zou het ‘tegen’ kunnen noemen. Vader Paul heeft me in handen van vader Roland gegeven om me mee te nemen naar de dorpen. Hij plant een week vanaf as maandag. De jongens van het project in Smith zullen me donderdag oppikken. Wanneer ze er eenmaal ZIJN is de weg geblokkeerd en kunnen we niet weg. Daags daarna ga ik met Vebena Sightseeing. Ook dat kan niet doorgaan, ze moet naar een begrafenis!

Juna, haar dochter, neemt me mee. Ik ontmoet een prachtige bejaarde vrouw die me 100 keer hetzelfde vraagt en daarna gaan we naar police-bazaar. Heerlijk – hier komen alle dorpelingen hun inkopen doen voor een week of langer. Het is een ongelofelijk kleurrijk geheel en ik geniet weer met volle teugen. En dan komen ze me TOCH ophalen, de prachtige knullen uit Smith. Opgeleid door vader Paul hebben ze nu in hun dorp een project opgezet voor sociaal zwakkeren en gehandicapten. Zij ontvangen gratis scholing in meubels maken en andere dingen. Het is een simpel maar fantastisch project wat ik zeker wil ondersteunen. Omdat ik inmiddels weet dat we maar drie dagen de dorpen ingaan, Roland en ik, spreek ik af dat ze me daarna, volgende week donderdag op komen halen. Ze zullen een matras versieren zodat ik kan slapen…

Kashi-chief

We bezoeken de Kashi chief van het dorp. De enige echte die nog over is hier in Meghalaya. Hij is arts geworden – maar gebruikt daarnaast de oude healing traditie. Elke zaterdag, dus vandaag, is er de faith-healing en 10-tallen mensen zitten daar te wachten. Hier zijn ook de jaarlijkse traditionele dansen: in een cirkel en de energie voelt heel plezierig. We hebben een open gesprek en hij nodigt me uit om terug te komen…

Die zondag breng ik door met Vebena en haar familie en het is een gewone, heerlijke genietdag. Terwijl ik naar haar toe wandel kom ik voorbij de kathedraal. Er zit een prachtige man – zonder benen – hij bedelt niet – heeft schoenpoets bij zich om de schoenen van de kerkgangers te poetsen. Ik ben al voorbij als ik om moet draaien. Kniel voor hem neer en kijk in twee prachtige ogen. Neem zijn handen in de mijne en begin mijn dialoog. Hij begrijpt het allemaal, dat is duidelijk. Laat wat geld bij hem achter en mijn dag kan niet meer stuk…

Bedelen kom je hier niet tegen. De mensen in de dorpen, hoe arm ook, helpen elkaar en hebben altijd wel wat te eten in hun stukje grond. Maar schoolgeld en dat soort dingen, daar is veelal geen geld meer voor…

Hele gevechten spelen zich hier af tussen de verschillende christenen, de moslims en de Hindoes, die eigenlijk geen Hindoes zijn maar de originele religie vertegenwoordigen: Zij geloven in een God, maar aanbidden diverse krachten, zoals de maan, de sterren, etc. De haan draagt de zonden van de mensheid totdat er een verlosser komt. Zij offeren bij elke gelegenheid: slachten geiten en hanen en offeren die op een vrouwelijke liggende steen in gezelschap van staande mannelijke megalieten die mij verdraaid veel doen denken aan onze Keltische erfenis. Verder zijn de Kashi’s heel proper – en dat doet me weer denken aan de negercultuur. Ook hier zie je: hoe arm ook, het hutje is schoon. Nou dat is in de rest van India wel even anders…

Cherrapunjee

Shillong KinderenEn dan is het toch echt zover: Ik kan niet langer wachten, maar ik word beloond: we vertrekken deze maandag naar Cherrapunjee, de natste plaats ter wereld – waar ze grappig genoeg een gebrek aan water hebben. We worden gedropt in Barabazaar en dan begint de strijd: We ‘wringen’ onszelf een weg tussen de taxi’s – de bussen opgestapeld tot aan de hemel – de mensen met koopwaar: van dode varkens tot levende varkens etc. etc. Alles wordt op de rug gedragen. Als we de bus gevonden hebben is het mij een raadsel hoe we hier uit moeten komen. We staan volledig ingebouwd – maar ondertussen heb ik weer leuke kontakten en voel me vrij – vrij – vrij…

Shillong, eens de stad van de vrede genoemd, wordt nu door velen ervaren als de hel. Ik voel de spanning wanneer ik in het centrum verblijf – ook bij de broeders. Het zit als het ware in de grond en ontregeld mijn systeem. Eenmaal de poort uit voel ik me prima. Heb op mijn donder gehad dat ik in het donker thuiskwam – veel te gevaarlijk!! Jeetje, ik wil toch echt niet mee in al die angst…

Maar dan rijden we toch echt en het wordt steeds stiller en steeds mooier. Hier in Sohra oftewel Cherrapunjee is het nu heerlijk aan de vooravond van de regentijd. Ik word warm ontvangen door vader Justine, evenals Roland een Kashi-priester en vanaf nu word het echt heel leuk…

Het gebied is prachtig – bergen en natuur. De pastorieschool ligt op een heuvel en kijkt over van alles uit – mensen – huizen – heilig bos wat niet gekapt is omdat het niet gekapt mag worden – de begraafplaats. Ik wandel en word uitgenodigd op theetjes. Verbazend veel mensen spreken hier Engels. Niet zo verwonderlijk met de voorgeschiedenis. Dit was de eerste hoofdstad van Noordoost India. Maar omdat het toen in de maanden mei-juni en juli zoveel regende, werden de Engelsen depressief en pleegden zelfmoord, vandaar is de hoofdstad verlegd naar Shillong

De logeerkamer is pas klaar en weer vermoed ik dat er speciaal voor mij ander voedsel wordt aangerukt, zeker als ze weten dat ik geen vlees eet: er is volop fruit en groenten – heerlijk!! Hier in de Noord East wordt veel vlees gegeten…

Markt

Ik geniet van de wekelijkse markt, waarin alle dorpen uit de omgeving hun inkopen doen voor de hele week en hun producten verkopen. Het is een waar feest. Heb een aantal ontmoetingen met mensen en ongetwijfeld veel bekijks, het hele dorp weet nu dat ik er ben. Ze zijn doorgaans erg verlegen – maar houden me wel in de gaten!

Daags daarna gaan we op sightseeing naar een park van waaruit je heel Bangladesh kunt overzien wanneer het helder is. Maar nu zitten we aan de vooravond van het regenseizoen, dus dat uitzicht is er niet. De rit is heerlijk – het is echt heel erg MOOI hier in de Noord East. Wanneer je de politieke situatie vergeet kun je daar gewoon volop van genieten…

Meidenschool

Die middag ga ik naar de zusters en hun meidenschool. Ze zijn blij dat ik kom. Nu zien ze dat ik geen reus ben maar gewoon een mens. (De mensen zijn hier klein). Zr. Mary neemt me bij de hand naar de 60 weeskinderen – meiden. Ze zijn prachtig en stik verlegen. Na een poosje gekletst te hebben, zeg ik dat ik ze liever allemaal zou willen knuffelen. Wie wil er een knuffel van mij? Schuchter komt er een naar voren en dan zijn ze niet meer te stuiten. 60 paar armen vleien zich rond mijn nek en ik ben diep aangeraakt door zoveel vertrouwen, zoveel schoonheid…

Dan zitten in de klas 10 meiden al een half uur te wachten. Ik praat met hen over van alles, oftewel ik praat en zij luisteren. Dan vraagt Zr. Mary of ze mijn boodschap terug kunnen geven. Het is schitterend hoe een van de meest verlegen meiden opstaat en zeer krachtig vertelt wat mijn boodschap is. De essentie: Liefde is al wat is – er is geen verschil tussen jou en mij – wij zijn één. Op de valreep wanneer ik Meghalaya verlaat ontmoet ik hun juf. Ze vraagt of ik terugkom. De meiden zijn helemaal idolaat van je…

Jongensschool

Dan ga ik naar de overkant – de jongensschool. Ontmoet een groep in dezelfde leeftijd 16-17 jaar. Er zijn er ongeveer veertig. De klassen hier bestaan meestal uit zestig kinderen op een oppervlakte van een kwart van onze ruimte!

Ze zijn veel onzekerder. Dat begrijp je misschien wanneer je weet dat de Kashi’s het matriarchaat kennen. De vrouw is dus het belangrijkste. Bruidsschat kennen ze hier niet, zoals in de rest van India. Maar de man gaat na het huwelijk naar het huis van de vrouw of -zoals in Shillong- bouwen zij een stukje bij of huren een apart huisje in de buurt. De jongens drinken en roken meestal al jong en zijn erg onzeker. Zij hebben het gevoel dat Nederland het paradijs is en ongetwijfeld is dat een beeld dat de televisie hier gebracht heeft!

Maar het is leuk om te zien dat ze na vijf minuten van de achterste bank voorzichtig opstaan om wat dichterbij te komen. Ze hangen aan mijn lippen en willen geen woord missen. Ik praat ruim een uur vol en probeer ze uit hun tent te lokken…

Dan haalt Zr. Mary me op voor de thee en we bezoeken een aantal verschillende families, van zeer arm – tot arm – tot wat beter gesitueerd omdat ze beiden werken als onderwijzer. De armste slapen ook hier gewoon op de grond in dezelfde ruimte als waar ze leven. Beddengoed – lees doek – wordt opgerold en weggelegd in de morgen. Ze houden elkaar warm met hun lichaamswarmte, want in de winter en ook nu nog in de nachten, kan het behoorlijk KOUD zijn. Overdag is het weer heerlijk. We zitten wat lager ten opzichte van Shillong, op 1000 meter.

Vader Roland

Ik heb hele gesprekken met Roland. Hij is heel onzeker over zijn Kashi afkomst en heeft heel wat wonden opgelopen bij zijn blanke leermeesters. Deze avond besluit Justin een voorstelling voor mij te geven. Dat resulteert in een gezamenlijk optreden: de een speelt de ander zingt. Alle Kashi-liederen worden uit de kast gehaald en ze veranderen in ondeugende jochies die niet meer van ophouden weten.

Maar die donderdagmorgen moeten we toch echt terug. Als de jongens niet gekomen zijn kom ik terug heb ik afgesproken. Ze zijn er niet, en na de vergadering van Roland ga ik mee terug. Ik voel me NU helemaal niet meer thuis in Shillong. Vader Paul heeft mijn kamer nodig, ik dump mijn bagage bij Vebana. Het voelt als thuiskomen: Justin straalt…

Ik geniet van het hier rondhangen. Justin weet me altijd wel te vinden en we filosoferen heel wat af. Over Christendom en Kashi en hoe dat zich verhoudt. Ik loop de heuvel af waar vrouwen de was aan het doen zijn. Ga bij ze zitten in de rivier en klets wat. Ben je helemaal alleen. Ja dus. En ben je niet bang. Nee, waarom zou ik. Jullie zijn toch aardig? Ja wij wel…

De Kashi’s hebben een bepaalde naam voor de dagen. Zo is vrijdag de dag dat je hout verzamelt. Zaterdag de dag dat je de was doet en zondag is de dag van God.

Khrang

Khrang in de bergen-AssamWanneer vader Laurens terug komt gaat het dan toch gebeuren. We gaan naar Khrang. Khrang maakt deel uit van zestien dorpen in een bepaald gebied en is als enige nog met de jeep te bereiken. De laatste vierentwintig kilometer zijn onverhard. De mensen zelf dragen alles als klimgeiten over de steile bergwand omhoog en omlaag in hun manden die ze aan het hoofd dragen. Het is niet te begrijpen dat we straks daar over dat smalle streepje aan de overkant zullen rijden. Maar het is toch echt waar. Ik word ongelofelijk door elkaar gegooid, maar we komen er. De panorama’s zijn adembenemend, maar de mensen en de kinderen die ik daar boven te zien krijg overtreffen alles. Niets is er nog daar en tegelijkertijd alles. Je voelt de vrede, wanneer je al die kleine mensjes ziet die op hun beurt weer de baby’s op hun rug dragen. Ik word snel geaccepteerd, al ben ik ongetwijfeld de eerste blanke volgens Laurens die voet op deze bodem zet. Het is weer een van die dagen om nooit te vergeten. Roland zal hier gaan wonen en vanuit hier gaan werken. Hij is nog best onzeker, maar na al onze gesprekken heeft hij er echt zin in. En in de auto kijkt hij me aan en zegt: Yasmin, voor het eerst in mijn leven voel ik me echt een Kashi. Heerlijk Roland, als dat hetgene is wat ik je heb kunnen geven, dan was mijn zijn hier niet voor niets. Justin heeft gevraagd om Reiki te ervaren en evenals vader Paul neemt hij het gretig in en zie je hem veranderen…

Die avond zijn er 2 zusters van een andere plek. We zijn maar liefst met zessen! Ze beginnen enthousiast Kashi verhalen aan mij te vertellen en zijn wederom niet te stoppen. Het verhaal van de Peacock welke getrouwd is met de zon doet me sterk aan het scheppingsverhaal denken. Ik zal jullie dat later niet achterhouden!

Jongksha

Die zondagmorgen vertrekken we naar Jongksha voor een priesterinwijding. Alleen Justin blijft thuis. We nemen afscheid. Hij wil heel graag dat ik terugkom om zijn dorp te zien en eventueel iets meer te doen met de jongeren. Je weet maar nooit, voor het eerst zie ik dat echt helemaal zitten!

We zingen de hele weg en het is reuze gezellig. Het is een ongelofelijk gebeuren. Katholieken van andere staten zijn al eerder gekomen en sliepen in de schoollokalen op de grond. Want de gelegenheid is belangrijk, maar nog belangrijker is de ontmoeting. Ik ontmoet vele mensen, zie traditionele dansen en krijg een heerlijke maaltijd. Verwonder me over de manier waarop ook hier de mensen samenkomen. Dat is zo Indiaas, ook al voelt de Noord East zich geen deel van India en dat hebben ze nooit gehad. Begrijpelijk wanneer je het verschil voelt. Zij zijn tribals en nu snap ik ook waarom mensen tegen me zeiden: o je komt dus niet om ons te helpen, je gaat de tribals helpen…

Na afloop wordt ik gedropt. We zitten inmiddels met 11en in de jeep, bij Vebena. Samen met haar en manlief breng ik de laatste avond in Megalaya door. Had ik mijn ticket kunnen veranderen, ik zou het gedaan hebben. Maar telefoneren ging niet en nu is het zondag…

Om 5 uur ben ik op en wordt tegen zevenen bij de sharetaxi’s gedropt. We rijden rechtstreeks naar het vliegveld. Maken een stop onderweg en daar ontmoet ik Larrie en Franck uit Smith die wel degelijk alles voor mij in orde hadden gemaakt, maar vader Paul heeft geen contact opgenomen. Ik vlieg met Larie naar Calcutta!

Afijn het heeft zo moeten zijn – ik moest dus terug naar Cherrapunjee.

Calcutta

Calcutta - vrouwenpowerOm 15.00 uur ben ik in Calcutta en laat me droppen bij Zr. Cyriel – een beroemdheid met straatkinderen – vlak bij het project van moeder Theresa. Dit keer heb ik verkeerd gegokt, ze is er niet, het kantoor is al dicht en ik kan daar dus niet blijven. Het is niet zover van Moeder Theresa en daar schijnt een gasthuis te zijn. Dat kan de taxichauffeur niet vinden, wel de Iskon – de Hare Krishna. Dat is me goed bevallen in Bombay, dus oké. Maar hier voelt het anders. En gezien de hitte en de viezigheid besluit ik de trein te boeken voor die avond daarop, heb ik toch een dag hier.

Ik ga die dag terug naar Zr. Cyriel. Ze is een te gek mens. Ik heb gehoord dat je van knuffelen houdt? Ze kijkt me aan: Wil je er een? Ja waarom niet? En ik knuffel met deze kanjer uit Ierland. De school is dicht in verband met examens. Maar ik heb een paar transformerende gesprekken met leidsters die ‘vast’ zitten en geef een van de straatmeisjes 12 jaar en erg ziek, verkracht toen ze drie was, een behandeling. Ze knapt ter plekke op en wil op de foto. Nou dat kan. Ik voel of ik hier wat doen kan – maar ik weet dat het goed is om te gaan. Heb gedaan wat ik moest doen en dat is genoeg. Ik ben er meer om mensen te bemoedigen dan om zelf het werk te doen. Nu kunnen zij weer verder.

Wanneer ik over straat loop heb ik tussen alle viezigheid hele mooie open contacten. De straat was deze morgen geveegd. Een raaf doet zich tegoed aan een dode rat. Ik ben getuige van een straatgevecht tussen twee ‘geliefden’ Ze moeten hem beschermen, zij vecht als Kali. Ik sta erbij zonder in te hoeven grijpen, sta daar met een hart vol mededogen. Wat een ellendige stad, zeker nu de hitte dagelijks toeneemt. Je ziet er nooit een ster. Grapje: Als je in Calcutta loopt heb je ook geen tijd om naar de hemel te kijken. Nou dat is zeker waar: Elke voetstap vraagt je aandacht. Maar er is ook heel veel schoonheid tussen al deze ellende en lichtjes van hoop.

Wanneer ik om 17.00 uur de Iskon verlaat om op tijd te zijn voor de trein, rijden we langs de schoonheid van Calcutta, de oude Engelse erfenis. Die is er ook, maar mensen zie je daar niet zo veel.

Ik ben bijna twee uur te vroeg. De verwachte opstopping was er nog niet. En dan zit ik op het smerige station te wachten tot mijn trein komt – na dat is echt een uitdaging hoor!! Rijen bedelaars trekken aan me voorbij: Zonder benen, zonder voeten, noem maar op. Geen beginnen aan en ik begin er dus ook niet meer aan…

Schone coupé

Maar dan is er de trein en vind ik mijn plek in een – niet te geloven – schone coupe. Voor het eerst heb ik een aircotrein geboekt en het loont de moeite: zelfs de wc is schoon. En we krijgen beddengoed. Ik heb al die tijd in India niet zo’n schoon beddengoed gehad. Ik heb zelfs een redelijke nacht, maar er zijn nog twee toeristen en dat betekent dat ik niet echt contact heb met het volk – of komt dit omdat ze geen Engels spreken en beter gesitueerd zijn?

Varanasi

Varanasi - Heilige GangesHoe dan ook, na ruim 15 uur bereiken we Varanasi. Ik zie twee meiden zeulen met ongeveer tachtig kilo bagage na vijf weken in India. Ik ben blij met mijn in totaal zo’n zestien kilo – inclusief handbagage. Maakt me heel mobile. De warme kleren zijn achter gebleven in Shillong en de meeste cadeautjes zijn overgedragen in handen van de armen.

De meiden hebben gehoord dat Varanasi een verschrikkelijke plek is en hebben besloten vandaag nog door te reizen naar Agra. Agra, over een verschrikking gesproken, daar kun je de gekte echt niet ontlopen. Het is dom om naar de mening van anderen te luisteren. Er zijn twee manieren om naar de dingen te kijken en Varanasi is de heiligste, de meest verpeste, de boeiendste, de levendigste en de mooiste stad van heel India!

Didi Sharda

Ik gebruik deze eerste dag om te acclimatiseren en ga de volgende dag op zoek naar een betere kamer, daar ik niet lastig gevallen wens te worden door allerlei ‘gratis’ vormen van dienstverlening. Vind de plek waar ik samen met Giri acht jaar geleden was en welke ik in eerste instantie niet herken omdat er een aantal verdiepingen bovenop zijn gebouwd. Maar het hutje erachter komt me bekend voor. Niet te geloven, vind ik mijn zussie terug die in dit hutje woont samen met man en de twee jongste van haar zes kinderen. De baby van toen is nu inmiddels 8 jaar. Didi Sharda herkent me onmiddellijk. Diezelfde dag besluit ik de Benares Universiteit te bezoeken. Nee, ik kan er niet terecht. Weten jullie dan een leraar? En zo vind ik mijn Kayal-lerares, een andere gipsy zuster, an very much unlike Indian woman. Juist ja, twee minuten lopen van mijn nieuwe onderkomen! Ze is een kanjer en even verbaasd over deze ontmoeting dan ik. Voor ik het weet ben ik toch nog in het bezit van een tampura…

Heilige Ganges

VaranasiElke morgen rond vijf uur ben ik aan de Ganges. Ik wandel en geniet van de meest gekke, de meest kleurrijke, de meest levendige stad ter wereld. Alle aanbiedingen van boten, bloemen en zijde glijden langs mij heen en ik word nergens door gestoord. Knuffel met de schooiertjes en de bloemenmeisjes, drink thee bij de stalletjes. Zit op de trappen en geniet van de zwoegende, op stenen slaande, geluid makende wasmannen en vrouwen. Zie de vele kleurrijke sadhu’s welke van heinde en ver naar de Ganges komen om hun rituele bad te nemen in het heilige water.

De zon komt op als een mystieke rode bal en Varanasi verrijst uit de mist, de tientallen ghats worden zichtbaar. Er drijft een man op het water, zijn handen gevouwen naar de hemel. Mensen kopen hun bloemen, hun lichtjes om hun puja te doen op het water. Er ligt een lijk op de draagbaar te wachten om de brandstapel op te gaan. De vuurman loopt vijf maal rond de brandstapel en steekt de volgende stapel aan. De hitte is verzengend. Ik staar in de reinigende vlammen en zie de geest zich scheiden van het lichaam. Het is het grootste verlangen van ieder hindoe om te sterven en verbrand te worden hier in Varanasi aan de Ganges.

Puppies drinken gulzig bij hun moeder. De haan kraait haar morgen groet. De heilige mannen en vrouwen geven hun consulten en lezen je desgewenst de hand of maken je astrologische kaart. Al de trappen worden zorgvuldig geveegd. Alles wat niet verteerd wordt in bakken gedaan, de rest verdwijnt in de Ganges. De zeiklucht beneemt je soms de adem. Boten varen op de Ganges. Boten met mensen, boten met toeristen. De priester doet zijn arati met zwaaiende lichten en galmende bellen.

Wanneer het te warm wordt verberg ik me op mijn kamer, hou mij siësta en doe mijn zangoefeningen. Wanneer ik de straat oploop om wat fruit te kopen is het oppassen geblazen om niet overreden te worden door fietsrickshaw, de scooterrickshaws, de motoren, de auto’s en onder de voet gelopen te worden door de mensen, de koeien en de buffels. Het is echt een gezellige gekte en al neemt de hitte elke dag toe, het is toch beter te hebben dan Calcutta.

Deepah – mijn vriend de bootsman

De volgende avond ontmoet ik Deepah, bootman of eigenlijk beter gezegd, bootjongen. Hij is 21 jaar en heeft zijn vader verbrand een jaar geleden. Zoekt passende echtgenoten voor zijn twee jongste zussen van 16 en 18. Wanneer hij de bruidsschat voor beiden verdiend heeft wordt het tijd om aan zijn eigen huwelijk te gaan denken. Maar eerst de familie. Hij is werkelijk een plaatje en even als mijn muziek-guru een lot uit de loterij. Voor de komende dagen ben ik zijn gast wanneer ik maar wil. We brengen menig uurtje door op de Ganges. Kan hij aanvankelijk niet lang bij de vuren zijn, dit brengt pijnlijke herinneringen omhoog, op het einde van mijn verblijf is dat geen enkel probleem meer. Ik wil terug naar Ramnagar. Heb daar intense herinneringen liggen uit mijn eerste verblijf. Wanneer ik bij de Durga-tempel zit weg van alle toeristen weet ik weer waarom. Maar we kunnen niet zolang blijven Het is te heet om ‘s middags op straat te zijn.

Gevaarlijk

Die avond zit ik te dromen op de trappen van het Assighat en kijk ik naar de rug van een vrouw welke pinda’s verkoopt. Waarom weet ik niet, ik sta op om wat pinda’s van haar te kopen. Op de kar ligt een doodzieke baby van twee jaar. Ik neem het kind in mijn armen en houd het lange tijd tegen me aan. Monsa, de moeder is weduwe. Haar man stierf vorig jaar aan TBC, een van de meest gevreesde ziekten hier. Ze heeft vier kinderen. De oudste zoon is twaalf jaar en speelt de rol van de vader. Ze woont in het winkeltje van minder dan een vierkante meter en samen met de kar biedt dat slaapplaatsen aan het hele gezin. De volgende morgen ga ik terug om Devi te behandelen. Maak me ongerust, het kind is ernstig ziek, heeft vier dagen niet gegeten en hoge koorts. Als het maar geen pokken zijn! Gezien de hitte heb ik er een zwaar hoofd in. Zorg dat er geld is voor voedsel en dat wat nodig is. Tot mijn verrassing zit het kind rechtop wanneer ik die avond terug kom. Terwijl ik het kind behandel word er in het theestalletje naast ons een man in elkaar geslagen. Er wordt mij vriendelijk doch dringend verteld dat het beter is om hier niet meer te komen. Te gevaarlijk, dit is ook India…

Ik heb inmiddels zo mijn vaste stekkies en mijn vaste contacten langs de Ganges. En elke keer wanneer ik mijn voetstappen op de trappen zet onderga ik een diep gevoel van ontroering. Wat een voorrecht om hier te mogen zijn. Ook al is het niet een gunstige tijd wat het weer betreft, ik voel me bevoorrecht. De tijdbom waar ik op leefde in Shillong voel ik hier niet. Er is een jongen verdronken in de Ganges. Zijn lijk ligt naast het water te wachten op identificatie. Vele roerloze gestalten liggen nog te slapen in hun deken gerold. Shiva mensen en gewone mensen. Ik koop een lichtje van een van mijn bloemenmeisjes en zet het uit op de Ganges. Het blijft drijven, dat is een goed voorteken, een nieuwe stralende en gezegende dag…

Mangala – mijn lerares

Mangala, mijn lerares, is ook blij met mij en vraagt me haar te behandelen. Ze knapt enorm op. Maar wanneer haar man een aantal dagen later thuiskomt, laat ze haar energie weer weglopen. Het is wel duidelijk waar ze aan mag werken inmiddels… Hoewel hij haar carrière heeft ondersteund in een land waar vrouwen, hindoe vrouwen wel te verstaan, niet werken nadat ze getrouwd zijn. Zeer uitzonderlijk! Maar elke relatie vraagt om aandacht en de bereidheid om er tijd in te stoppen. Ook hier!

Ik neem Mangala mee uit eten. Ze wil graag naar het duurste restaurant. Dit is niet mijn keuze, ik hou van eenvoudige echte Indiase eethuisjes. Maar ze is bang dat ik ziek word. Beetje voorbarige angst, gezien ik alles van de straat eet, ook al heeft ze me dit nadrukkelijk verboden omdat er verschillende mensen in het ziekenhuis liggen. Maar haar angst is terecht: al diezelfde nacht is het goed mis. Het eten was overigens heerlijk!
Ze zit me uitgebreid te observeren en praat over de ‘uitzonderlijke – altijd aanwezige levensgevende kracht in mijn ogen’. Ze is een boeiende vrouw en we zijn ongetwijfeld verbonden in een eeuwigdurend ‘gipsyverbond’. Wanneer ze deze zomer naar Italië en Duitsland gaat is er misschien wel iets te combineren zodat we elkaar ook in Nederland kunnen ontmoeten.

Afscheidspuja

Ga in alle vroegte terug naar de overkant van de Ganges en doe mijn afscheids-puja in de Durgatempel. Dit keer maak ik de oversteek in de boot. Bied mijn bloemen aan aan de tempelpriester en krijg ze gewijd terug met prasaad. Terwijl ik voor de tempel zit, hang ik mijn bloemen bij Nandi, het rijdier van Shiva en deel ik mijn prasaat met de kinderen. Het voelt zo goed, zo levendig om zelf actief te zijn in je eigen godsbeleving. De vorm en de religie zijn voor mij van geen enkele belang. Ik ben voorbij de vormen. Wanneer het vanuit het hart gebeurd is alles toelaatbaar.

Deepah is zich aan mij gaan hechten. Hij vertelt me dingen die hij nooit eerder met zijn vrienden heeft gedeeld. Neemt me mee naar een echte Indiase film, een ‘love-story’. Drie uur lang rammen mensen elkaar in elkaar, schieten elkaar dood, steken elkaar in brand en daartussen spelen zich de mooiste beelden af. Deepah zit op het puntje van zijn stoel en geniet evenals al die andere honderden jongens waar ik tussen zit. Kijkt me hoopvol aan. Ik begrijp niet waarom mensen zo van geweld genieten…

De kinderen spelen oorlogje bij een van de verbrandingsghats. De geweren zijn gemaakt van de bamboedragers waar de lijken op lagen. Alles wordt gerecycled in India. De Ganges brengt iedere dag wel iets van goud naar de oppervlakte. Alle sieraden van de overledenen worden als een offering aan Shiva gegeven en verdwijnen in het water. Maar er wordt niet naar gezocht, het wordt je geschonken of niet…

De buffels zoeken verkoeling in het water. De melkbussen worden schoongemaakt. Er drijft een dood kalf op het water. De visser gooit zijn netten uit. Hij is van een andere kaste. De bootsman vist niet en de visser ‘boot’ niet. Het meisje wat de kamer poetst mag niet de wc poetsen, dat is voor een andere kaste.

Afscheid

Godzijdank, gezien het feit dat mijn maag dus aardig van streek is, heb ik voor een vlucht gekozen. Dertig uur in de trein zou nu een beetje veel van het goede zijn. Kan de Hare Krishna niet bereiken, dus besluit ik in gedachten mijn kamer te reserveren, wetende hoe razend populair die plek is. Heb na de laatste tocht over de Ganges afscheid genomen van mijn vriendje Deepah die me een fantastisch onvergetelijke tijd heeft bezorgd. Didi Sharda en Bai, mijn rickshaw man en mensen van het hotel zwaaien me uit. Guruji, de eigenaar van het hotel hangt me een bloemenkrans om en wenst me een behouden vlucht.

Bombay – Mumbai

Hara KhrishnaWanneer ik zes uur later in Bombay, het tegenwoordige Mumbai, aankom is het al 10 uur ‘s avonds, maar bij ‘toeval’ hoor ik dat er nog plaats is in de Hara Krishna. Ik heb de vlucht redelijk overleeft, maar voel me belabberd. Wanneer de taxi me afzet en ik mijn kamer moet betalen, alles behalve goedkoop hier, maak ik een stomme vergissing. Ik zie de briefjes van 500 voor 100jes aan en betaal 5500 roepies ipv 1100. De manager ‘telt’ mijn geld en stopt het vervolgens in zijn zak. Ik heb in ieder geval een fantastische kamer, de meest fantastische tot nu toe, ruimtelijk en wonderbaarlijk schoon en koel genoeg om een redelijke nacht door te brengen.

Waarom ik de volgende dag de impuls krijg om mijn geld te controleren, weet ik niet. Dan begint het Indiase spelletje van verstoppertje en verlos. Na 15.00 uur zal ik dan toch mijn geld terug krijgen. Dit gebeurt uiteindelijk nadat ik een uur later dreig een schandaal te zullen ontketenen. Vanaf dat moment zijn ze supervriendelijk en doodsbenauwd dat ik met ‘verkeerde’ gedachten India verlaat. Nou dat was ik zeker niet van plan!

Festival

Mijn lijf laat het toe om nog een paar uur door te brengen aan de Juhu beach, iets wat twee maanden geleden niet mogelijk was ivm de hitte. Gezien de stevige wind van vandaag is dat mogelijk en het doet mijn lijf goed. Er is een driedaags festival in de tempel en ik geniet die avond van de swingende, zingende, dansende Hare Krishna’s. Dat is hun ware kracht en die neem ik mee naar huis. Werkelijk te gek.

Amsterdam

KLMIk word die nacht keurig gewekt, mijn bagage wordt naar beneden gehaald, ik wordt met de ‘tempeltaxi’ naar het vliegtuig gebracht. Vraag om een plekje bij het gangpad. Kom tussen twee Indiase vrouwen te zitten. De jongste bij het raam valt onmiddellijk in slaap. Ik zit werkelijk klem, de oude vrouw naast het gangpad is invalide en kan nauwelijks opstaan. Ga ik me beklagen of maak ik iets positiefs van de omstandigheden? Ik kies voor het laatste.

De vrouw spreekt geen woord Engels en moet met alles geholpen worden. Mijn maag houdt zich redelijk en ik kan me dus dienstbaar maken en geniet daarvan. Ben ook lijfelijk flexibel en spring gewoon over haar heen en terug wanneer ik ‘nodig’ moet. Kies ervoor om alleen te drinken en houd de schade daarmee redelijk binnen de perken. Wanneer we gewekt worden geniet ik van het tafereel naast mij. Ze reinigt zich ritueel en maakt haar altaartje. Doet haar puja en leest uit de Bhagavad Gita. Ik heb zelf geen handbagage en help haar na de landing tot buiten het vliegtuig waar de rolstoel het van me overneemt. Daar worden wij Amsterdam-gangers opgewacht en in een spurt naar het reeds wachtende vliegtuig gebracht – we zijn te laat. Dit is te gek: geen gezoek in de alles behalve plezierige luchthaven van Frankfurt! Dat is service – petje af!!

Schiphol

We mogen mee en landen om 10.00 uur op Schiphol. De zon schijnt volop op deze 2e dag in april en waarom weet ik niet, ik heb het vermoeden dat ik het voorjaar meeneem naar huis.

Wanneer ik die avond in mijn bed stap heb ik het gevoel dat ik in een waterbed beland. Wat een zachtheid, wat een weelde mijn eigen natuurmatras na al die weken van hardheid. Het voelt werkelijk onwennig…

Om Shanti, Yasmin.

Maart 2001